‘Het mooiste wat er is, is deze vrouwen helpen groeien’

Sanna Gerits* (28) werkt al ruim tweeëneenhalf jaar bij Neos in de crisisopvang Blijf van m’n Lijf. Dit is een opvang voor vrouwen die gevlucht zijn vanwege huiselijk geweld, vrouwenhandel of het loverboyscircuit. Als wooncoach ondersteunt en begeleidt zij deze vrouwen in hun zoektocht naar zichzelf.

 

“Tijdens mijn hbo-opleiding aan de Academie voor Sociale Studies in Den Bosch ben ik in de dak- en thuislozenzorg terecht gekomen. Ik werkte voornamelijk met dakloze jongeren en dat was echt mijn ding. Ik heb daar dan ook een hele tijd stagegelopen en gewerkt. Via mijn teamleider hoorde ik dat de Blijf van m’n Lijf groep nog mensen zocht. In eerste instantie wist ik niet of het iets voor mij zo zijn, maar ze hadden echt iemand nodig dus toen ben ik een dag gaan meelopen. En ja, ik was meteen verkocht. Ik dacht, dit is mijn plekje.”

 

“Wooncoach is een heel breed beroep. Ik heb zelf vijf cliënten die ik persoonlijk begeleid en ik houd me bezig met de hele groep die hier is opgevangen. Zo houd ik bijvoorbeeld de groepsdynamiek in de gaten en los ik ruzies op. Er zijn soms namelijk grote cultuurverschillen tussen bewoners waardoor zij elkaar niet altijd begrijpen. Naast deze hoofdtaken heb ik ook veel contact met externen zoals Veilig Thuis en de gemeente en neem ik noodoproepen aan. Zo ziet elke dag er anders uit. Ik kan heel veel afspraken plannen, maar zodra er een noodoproep komt, moet ik alles uit mijn handen laten vallen en me daarop richten.”

 

“Het leuke aan dit werk is dat je echt stappen kunt zetten met deze vrouwen naar zelfredzaamheid, veiligheid en het terugkeren in de samenleving zonder weer terecht te komen in de cirkel waar zij vandaan komen. Je bent ze echt aan het empoweren. In ongeveer negen maanden tijd worden zij klaargestoomd om hun leven weer voort te gaan zetten. Ze komen hier heel kleingemaakt binnen, maar samen kun je echt gaan werken aan zelfliefde zodat ze weer sterk in hun schoenen komen te staan. Het mooiste wat er is, is deze vrouwen helpen groeien. Op het moment dat zij dan uitstroomt en je later bij haar langsgaat, laat ze je met trots zien wat ze allemaal heeft en kan. Dan denk ik: wauw, je hebt echt je eigen leven weten te maken, en daar heb ik dan iets aan bij mogen dragen.”

 

“Doordat de meeste vrouwen na negen maanden uitstromen, heb je om de negen maanden een andere groep. Wat ik zo mooi vind aan de groep die we nu hebben, is dat dit voor mij de eerste groep is die zo hecht is met elkaar. Deze vrouwen hebben echt veel voor elkaar over. Het is gewoon zo mooi om te zien hoe er bijvoorbeeld voor elkaar gekookt wordt als iemand zich niet lekker voelt. Deze vrouwen zijn zó sterk ondanks alles wat zij hebben meegemaakt. Hun kinderen ook. Zo gaf een achtjarig zoontje zijn moeder vandaag twee euro zodat ze iets voor zichzelf kon gaan kopen. Zulke momenten vind ik echt bijzonder.”

 

“Toen de coronabesmettingen flink omlaag gingen en alles weer open mocht, begonnen we te merken dat we een groot tekort hadden aan noodbedden. In die tijd zijn er zó veel meldingen van huiselijk geweld geweest. Zo zijn partners tijdens de lockdown veel meer thuis geweest waardoor het voor deze vrouwen gewoon onmogelijk was om hulp te vragen. Ook kwamen begeleidende instanties minder of zelfs niet meer langs waardoor dat soort signalen minder goed gezien werden.

De coronamaatregelen zorgen ervoor dat een deel van het personeel thuis moet werken en hun cliënten moet begeleiden op afstand. Daarnaast zijn we moeten stoppen met de onderlinge groepsactiviteiten zoals koken of koffiedrinken. De kwaliteit van de begeleiding die wij kunnen bieden en de sfeer binnenshuis zijn door deze veranderingen echt achteruit gegaan. We willen het heel graag allemaal weer oppakken, maar de organisatie is heel streng als het gaat om de coronaregels. Het is zowel zwaar voor de begeleiders als voor de cliënten, maar we hebben er mee te dealen.”

 

“Hoe mooi onze succesverhalen ook zijn, het blijft een feit dat een deel van de vrouwen ook terugkeert naar hun ex. Daar had ik in eerste instantie heel veel moeite mee, en ik kon het ook niet begrijpen. Ik heb dan ook vaak gehad dat ik naar huis ging met een hoofd vol onbegrip over hoe mannen vrouwen zulke verschrikkelijke dingen aan konden doen. Daar heb ik wel een tijdje meegezeten. Uiteindelijk heb ik geleerd om daar toch op een bepaalde manier mee om te gaan en dus dingen op het werk te laten die daar horen. Natuurlijk is het menselijk dat je geraakt wordt door verhalen en het daar thuis overhebt, maar toen ik net begon had ik het er echt zwaar mee.

Ondanks dat heeft mijn werk me ook veel positieve inzichten gegeven. Zo ben ik gaan beseffen dat de hoeveelheid kansen die je krijgt in je leven alles te maken heeft met de mensen om je heen. Ik ben erachter gekomen dat dit zo’n grote invloed kan hebben op je latere leven. Ik ben mijn leven en de mensen erin veel meer gaan waarderen.”

 

“Het mooiste gebaar dat ik ooit heb gekregen was van een Turkse vrouw die ik begeleid heb. Toen ze bij ons terecht kwam was ze net naar Nederland gevlucht. Laatst ben ik bij haar op bezoek gegaan. Nadat ze de opvang had verlaten, had ze haar familie in Turkije bezocht waar ze een kettinkje met een ster eraan voor me had meegenomen. Die heb ik tijdens dat bezoek van haar gekregen, waarbij ze me vertelde dat ik haar licht was in de donkerste periode van haar leven.”

 

 

*In verband met de bescherming van de privacy van de geïnterviewde is de bovenstaande naam gefingeerd. De echte naam is bekend bij de redactie.