‘Vroeger vroeg ik me af wat een dominee doet, nu vraag ik me af wat eigenlijk niet’

Bertie Boersma is al negen jaar dominee en daarmee het aanspreekpunt van de Bethlehemkerk te Scharendijke. Ze vertelt hoe ze uiteindelijk toch dominee is geworden, wat ze allemaal doet en dat ze ‘gewoon Bertie’ blijft.

Wist u vroeger al dat u dominee wilde worden?

Dominee Bertie Boersma tijdens een dienst Bron: Patrick Bongers Fotografie

“Nee, dat wist ik helemaal niet. Vroeger wist ik zelfs zeker dat ik geen dominee wilde worden. Toen ik moest kiezen voor een vervolgopleiding had ik geen idee wat ik wilde doen. Wel wist ik dat ik iets met mensen wilde doen, maar na de opendagen van verschillende opleidingen bleken die het toch net niet voor mij. Uiteindelijk raadde een dominee mij aan om bij theologie te gaan kijken. Dit bleek minder suf dan ik dacht.”

Waarom bent u daarna het vak uit gaan oefenen?

“Op een gegeven moment voelde ik me geroepen. Ik had het idee dat God mij via de mensen om me heen op dit pad had gebracht. God werkt, zo geloof ik, door mensen heen. Als kind zat ik op orgelles en mijn orgellerares zei tegen mij dat ze mij wel op de kansel zag staan. Toentertijd heb ik haar uitgelachen omdat ik zeker wist dat ik dat niet wilde. Uiteindelijk blijkt dat zij het destijds beter zag dan ik.”

Wat zijn de belangrijkere werkzaamheden die een dominee uitvoert?

“Vroeger vroeg ik mij af wat een dominee allemaal doet, maar de hoofdtaak is de gemeente opbouwen. Dat doe ik door het bidden en de bijbel te lezen met mensen. Dat gebeurt bijvoorbeeld in een kerkdienst, op bezoek bij mensen thuis en bij een begrafenis. Daarbij geef ik ook catechisatie. Dat houdt in dat ik mensen over de bijbel leer en hoe ze buiten de kerkdiensten handen en voeten kunnen geven aan het geloof. Hiernaast ga ik op bezoek bij mensen. Dit kan op verzoek, maar dit doe ik bij verdrietige gebeurtenissen en mooie gebeurtenissen. Verder maak ik zo veel mogelijk een praatje met mensen die ik tegenkom. Veel werk is verbindend.

Hiernaast vergader ik en voer ik organisatorische werkzaamheden uit zoals het beantwoorden van mails. Verder schrijf ik mee aan kerkbladen en zet ik, samen met anderen, verschillende activiteiten op zoals het kinderprojectkoor. Dus vroeger vroeg ik me af wat een dominee allemaal doet, nu vraag ik me af wat eigenlijk niet.”

 Hoe beïnvloedt uw beroep uw dagelijks leven?

“Uiteindelijk heb ik weinig vrije tijd want ik ben voor zo’n zeventig procent werkzaam. Het is zo dat je ook op je vrije dag dominee bent. Je zit 24/7 in je rol, je blijft meeleven met de mensen en je blijft een aanspreekpunt. Mocht ik in de supermarkt staan, kan ik niet zeggen ‘sorry, vandaag is mijn vrije dag.’

Los daarvan: het is een ambt. In principe ben je dat voor je hele leven. Daarnaast komt dat er verschillende plekken zijn waar je te werk kunt gaan. Op dit moment ben ik werkzaam in Scharendijke, maar we zouden eigenlijk voor drie of vier jaar worden uitgezonden naar Indonesië. Dit ging niet door, maar uiteindelijk zal er na Scharendijke wel een nieuwe plek komen.”

Je kunt niet te lang werkzaam zijn in dezelfde kerk?

“Het kan wel, maar in onze tijd wordt aangeraden om niet langer dan 12 jaar op een plek te zitten. Het is beter voor de gemeente en voor de dominee zelf om weer eens een ander geluid te horen. Zeker in een kleinere gemeente kunnen mensen gewend raken aan jou want je hebt een bepaalde manier van preken en omgang met mensen. Na een tijd is het dan weer fijn om een fris gezicht te krijgen.”

Hoe zit het met huisvesting? Vaak zie je dat de dominee in een huis van de kerk woont, klopt dit?

“Het verschilt per gemeente. Soms heeft de kerk een huis, een pastorie heet dat. Dit zijn vaak grote huizen omdat een dominee vroeger iemand van stand was, zoals een dokter. Tegenwoordig hebben gemeenten minder geld, verliezen kerken leden en bijdragen, waardoor het onderhoud te duur wordt. In sommige gemeenten moeten dominees zelf een huis kopen of huren. Wij wonen in de pastorie van de kerk.”

Wat is het belangrijkste wat een dominee moet kunnen?

“Als dominee is het belangrijk dat je de bijbel kunt lezen, vertalen en interpreteren naar vandaag de dag. Om dat allemaal te kunnen verwerken in een kerkdienst heb ik doordeweeks twaalf uur om het voor te bereiden. Hiernaast is het belangrijk dienstbaar te kunnen zijn aan God en aan de mensen.”

Hoe bereidt u zich voor op een dienst?

“Als ik een stukje uit de bijbel lees, lees ik dat eerst in het Hebreeuws of Grieks. Dat zijn de talen waarin de bijbel geschreven is. Daarna kijk ik naar bepaalde betekenissen van woorden en kijk ik hoe het er letterlijk staat. Want de vertalingen zijn altijd net iets anders. Als ik dat gedaan heb, probeer ik te begrijpen wat de auteur probeerde te zeggen met de tekst en wat het ons als gelovigen nu kan zeggen.

Na de vertalingen lees ik commentaren (boeken die naast de bijbel zijn geschreven) en daaruit maakt ik de vertaalslag naar vandaag de dag. Daar maak ik dan een preek van met liederen en gebeden er omheen. Voor dat alles heb ik dus twaalf uur in de week.”

Hoe vindt u het onderwerp waar u het over wil hebben?

“Als leidraad gebruiken wij meestal een leesrooster dat wordt aangereikt door Wereldraad van Kerken. Meestal houd ik die aan maar soms zijn er ook speciale gelegenheden. Zo is er aanstaande zondag een doopdienst, dan lees ik teksten die goed bij een doop passen.”

Wat vindt u het leukst aan uw vak?

“Het leukst vind ik iets positiefs neerzetten en op die manier iets van het geloof meegeven. Dat je het levensverhaal van mensen in een nieuw licht mag zetten, van God die met mensen op weg gaat en elk mens het beste gunt.”

Zijn er ook dingen die u minder leuk vindt aan het vak?

“Minder leuk vind ik het vergaderen, er moet namelijk veel vergaderd worden. Wat ik ook moeilijk vind is dat het geloof in deze tijd minder vanzelfsprekend is dan vroeger. Het voelt alsof ik met het geloof iets heel kostbaars in handen heb en tegen mensen zeg van ‘pak nou alsjeblieft aan’, maar je er soms gewoon niet door komt. Soms probeer ik in gesprek te gaan, maar het blijft een keuze van de mensen zelf. Uiteindelijk is dat het werk van de heilige Geest.”