“Het is mijn manier om bij te dragen aan de samenleving”

“Toen ik 6 was begon ik met theater spelen bij Jeugdtheaterschool Hofplein. Eigenlijk wist ik toen ik 8 was al zeker dat ik hier later iets mee wilde gaan doen. Er was nooit twijfel over. Als het niet zou lukken had ik altijd nog als plan B om naar de kunstacademie te gaan.” Romy Rockx (27) was nog ontzettend jong toen ze al wist dat theater haar grootste passie was. Op dit gevoel is ze afgegaan. Ze werd theatermaker.

Toen Romy klaar was met haar studie ‘Docent Theater’ op Artez (Arnhem) is ze eerst gaan werken in een kroeg in Amsterdam. Dit vond ze fijn, even wat rust van vier jaar lang veel bezig zijn met theater. “Toen ben ik gaan reizen en op een bepaald moment dacht ik. Ik mis het. Ik ben toen begonnen met werken bij Jeugdtheaterschool Hofplein.”

De Vrouwen van Wanten

Logo ‘De Vrouwen van Wanten’

Samen met Sofie Habets heeft Romy theatergroep ‘De Vrouwen van Wanten’ opgericht. “Sofie en ik kenden elkaar van Hofplein. Hier waren we altijd al beste vriendinnen. Sofie is toen muziektheater gaan studeren, ik ben Docent Theater gaan doen. In mijn derde jaar mocht ik voor een project mijn eigen acteurs uitzoeken. Toen heb ik Sofie en een collega van haar ingeschakeld en eigenlijk jaar op jaar hebben we steeds weer samengewerkt voor het een of het ander. Op een gegeven moment dachten we: ‘wordt dit nou weer een Romy en Sofie dingetje?’. Toen gingen we nadenken waarom we zoveel samen maakten. Dit kwam onder andere omdat we zo op elkaar zijn ingespeeld. We kwamen op het idee om er meer van te maken.”

“We zijn op de naam gekomen bij Sofie in de auto. Beiden vonden we dat we allebei van aanpakken wisten. Toen dacht Sofie aan ‘Van Wanten Weten’. Hierna dacht ze aan ‘De Vrouwen van Wanten’. Nadat ze dit zei wisten we vrijwel direct: dit is hem, dit wordt de naam.”

Afgelopen jaar heeft Hofplein de vestigingen in Roosendaal en Breda moeten sluiten wegens financiële redenen. Bij De Vrouwen van Wanten is er toen het idee ontstaan waar veel kinderen in Roosendaal nu plezier aan beleven. “We zaten buiten samen met Martine (docent dans en beweging, werkt ook veel samen met De Vrouwen van Wanten) bij het Mariadal in Roosendaal. Het Mariadal was de locatie waar we de voorstelling ‘Dromen of wat we nog niet wisten 2’ speelden. Het was net bekend dat de locaties Roosendaal en Breda gingen sluiten en we dachten: ‘Wat gaan die kinderen nu doen dan? Waar moeten ze nu heen?’. Voornamelijk ook na de laatste voorstelling. Toen werd er door de leerlingen gereageerd: ‘nou dit is het dan’. Wij hebben toen split second gezegd dat we het gingen doen. We gaan een alternatief creëren. We kunnen dit niet zo laten voor hen. Toen hebben we besloten alles op alles te zetten en een voorstelling te gaan maken in Roosendaal.” 

Persoonlijk

In een korte biografie op de website van het theaterhuis zegt Romy: ‘In het theater dat ik maak ben ik altijd op zoek naar de drijfveer van de acteur, naar de kwetsbaarheid van het spelen en naar lef.  Iedereen, jong/oud/ervaren/onervaren is welkom. Ik geloof dat iedereen die wi­l leren spelen, ook kan leren spelen. Daarbij zie ik mezelf als degene die je daarbij helpt zoeken en soms uit je comfort zone zal halen.’“Dit is volgens mij altijd wel een beetje zo geweest. Ik denk dat je dit ontwikkelt en leert op school. ‘Wat wil ik bereiken en hoe verwoord ik dit?’. Dit was een fase die ik een paar jaar geleden had, toen ik de biografie schreef. Het zit er bij mij nog steeds wel ergens in, alleen dat is ondertussen ook alweer veranderd.

Romy vindt theater maken belangrijk. “Het brengt een bepaalde creativiteit in beweging bij mensen. Je kunt met kunst iets teweegbrengen wat je niet rationeel kunt bereiken. Dat gaat over een bepaald gevoel.

Ik denk dat je eerst iets moet voelen voordat je iets kan veranderen. Dit kun je met kunst doen en zeker met het theater. Als je in het moment zit, in de muziek. Je maakt mensen ook creatiever door ze een open blik te geven. Theater maken is mijn manier om bij te dragen aan de samenleving.”

Een langere periode heeft Romy ook rugby gespeeld. Dit was voor haar een manier om de ontspanning op te zoeken en even rust te nemen van het theater spelen. “We speelden op heel hoog niveau, dat vond ik in die zin niet heel ontspannend, omdat ik daar veel druk bij voelde. Maar ik vond het gewoon fijn dat mensen mij vertelden wat ik moest doen. Ik ben echter gestopt. De club zat in Tilburg en ik verhuisde naar Amsterdam. Dit was geen handige combinatie. Ook had ik al wat blessures gehad en dit was lastig te combineren met het theater maken. Ik kan bijvoorbeeld geen hersenschudding hebben, want ik ben freelancer. Als ik geen werk heb, heb ik geen geld.

Als je veel geld wil gaan verdienen moet je overigens iets anders gaan doen. “Tuurlijk doe ik het om brood op de plank te krijgen. Maar als je werkt voor het geld moet je echt iets anders gaan doen, haha. Dan kun je beter een ander vak gaan leren. Ik oefen dit beroep uit omdat dit het meest belangrijke beroep is voor mij.”