“Diamantslijpen wordt te veel geromantiseerd”

“Ik heb ooit een droom gehad, dat koningin Elisabeth uit Engeland voor mijn deur stond. Zij heeft in haar kroon een grote diamant zitten. Die zit er al eeuwen en is inmiddels helemaal versleten. Die willen ze wel eens opnieuw geslepen hebben en dan komen ze bij mij. Dit was een droom, als ze echt bij mij op de stoep zou staan, zou ik dit niet doen. Dat bezorgt te veel stress omdat dat ding zo ongelooflijk veel waard is. Die diamant is deel van de Cullinan; de grootste ongeslepen diamant die tot nu toe op aarde is gevonden.

Toen Tom (59) van de middelbare school kwam werd hij automonteur. Dit heeft hij een paar jaar gedaan. Hierna kon Tom via zijn vader bij een bedrijf in Antwerpen aan de slag. Hij was ook diamantslijper. Zo kon hij intern bij dat bedrijf een opleiding volgen tot het slijpen van diamanten. Hier had hij ook verzekering van een baan, na de interne opleiding.

Vroeger wilde Tom graag motormonteur worden, en dan Harley Davidsons repareren. Hij is nu bijna 60 jaar dus dat gaat hij niet meer doen. Hij is hartstikke tevreden met het beroep dat hij nu doet. Tom creëert iets. Dat is tof, volgens hem. Alleen het echte trotse heeft hij niet meer. Wanneer een steen af is kijkt hij er even naar en gaat hij weer door naar de volgende.

Volgens Tom is het werk simpel. Hij maakt van ruwe diamanten geslepen diamanten. Zoals hij diamanten maakt zijn ze nog niet verkoopklaar. Zijn bedrijf verkoopt ze door aan andere bedrijven, die dan op de diamanten facetten, de herkenbare kleine vlakken, maken. Hierna kunnen ze de juwelier in.

Wat is het verschil tussen hoe mensen naar diamantslijpen kijken, en wat eigenlijk de werkelijkheid is?

“Mensen romantiseren het. Veel mensen denken dat we echt aan het werk zijn met een witte labjas en handschoentjes. Eigenlijk zijn we gewoon medewerkers die in normale kleding naar ons werk gaan, om diamanten te slijpen. Het is gewoon fabriekswerk.”

Foto: Tom Sijmons

Wat zien mensen buiten de branche compleet verkeerd bij het zien van een diamant?

“Veel mensen denken dat een diamant een diamant is. Maar het prijsverschil zit hem in de kleur, de zuiverheid, het slijpsel en het gewicht. Hier zit een heel groot verschil in. Als ik twee stenen aan jou laat zien, kan je niet zien welke het beste is. Ik kan bijvoorbeeld zien of de een iets zuiverder is. Sommige mensen begrijpen niet dat een kleinere steen soms meer waard kan zijn dan een grote steen. Dit komt dan door de zuiverheid en de kleur.”

Wat is je meest bijzondere ervaring? Het bizarste dat je hebt meegemaakt?

“Het meest bizarre wat ik ooit heb meegemaakt was in de tijd dat mijn vader nog actief was als diamantslijper. Toen was mijn vader bezig met een steen, die was meer dan 100 karaat. Er stond een bewaker buiten met een pistool. Maar binnen zat ook de baas de hele tijd met een pistool. Dat deed hij dan voor het geval dat er een ongeval zou plaatsvinden. Dit vond ik toch zo gek.”

Hoeveel mede-diamantslijpers ken je eigenlijk?

“Een stuk of dertig. Deze werkte of werkten allemaal in Antwerpen. De hoeveelheid werknemers in de industrie neemt af. Ik zou het mensen ook niet aanraden diamanten te gaan slijpen voor beroep. Ik zie er geen toekomst in. Er is sprake van automatisering. Machines draaien dag en nacht.”

Fouten maken is best kostbaar lijkt me. Heb je ooit een grote fout gemaakt?

“Er gaan soms stenen kapot. Dat ligt aan de structuur van de steen. Stel je hebt een plank hout. Dan kun je aan de ene kant met de structuur mee schaven, maar aan de andere kant kun je er ook tegenin schaven. Dat is met diamanten ook zo. Diamanten moet je een bepaalde manier laten slijpen. Maar als er onder die laag een andere groeirichting zit, of de steen te heet wordt, dan kan hij klappen. Die dingen gebeuren.”

Foto: Tom Sijmons

Heb je eens te maken gehad met ontevreden klanten hierdoor?

“Nee dat niet. Ze weten wel dat het een risico is. Dat proberen we zo laag mogelijk te houden maar sommige dingen zijn helaas niet te voorkomen. Altijd wanneer ik een steen in mijn handen gedrukt krijg wordt er ook tegen me gezegd dat ik voorzichtig moet zijn. Iederekeer. Ik weet het natuurlijk allang maar het wordt nog altijd gezegd tegen me.”

Word je er zelf ook rijk genoeg van om diamanten te kunnen kopen?

“Dat niet, haha. Ik heb wel een paar kleine steentjes. Maar geen briljante diamant hoor. Anders had ik wel ergens anders gewoond.”

Als je echt de hele dag die focus moet hebben (zoals ik me inbeeld) is dat dan slecht voor je ogen? Of slecht voor je rug, als je een slechte houding aan moet nemen?

“Ja dat wel. Met je nek zit je niet goed. Je zit de hele dag met bijvoorbeeld één oog te kijken. Vandaar dat ik ook een bril heb. Voordat ik diamanten sleep, had ik geen bril. We zitten wel op goede, verstelbare stoelen hoor. We hoeven ons niet aan te passen aan de situatie. Alleen zelfs goede stoelen kunnen er niet voor zorgen dat je toch een oog dichtknijpt, of je nek een beetje draait.”

Is het veel zelfstandig werk, of veel samenwerken? En hoe beïnvloedt dat de sfeer op de werkvloer?

“Het is vooral zelfstandig werk. De sfeer op de werkvloer is relaxt. Af en toe maak je even een babbeltje. Het is alleen vooral veel focussen op waar je mee bezig bent. Af en toe heb je wel eens van die jonge gasten die niet helemaal weten hoe je een steen in het apparaat zet. Die vragen dan nog wel eens om advies.”

Wat wil je nou eigenlijk altijd al zeggen tegen mensen over jouw beroep?

“Het beroep moet niet worden onderschat, en niet worden geromantiseerd. Het is moeilijk werk, maar het is gewoon werk.”