‘’Een voetballer is ook gewoon een mens en daar hoort emotie bij’’

Als je wint heb je vrienden, zongen Henny Vrienten en Herman Brood al eens. Maar wat is de keerzijde van het winnen en wat moet je er voor laten? Julian Lelieveld, profvoetballer bij De Graafschap geeft antwoord.

Julian Lelieveld is al op z’n tiende begonnen met voetballen bij Vitesse. Nu is hij bezig aan zijn debuutjaar voor De Graafschap. De net 23-jarige verdediger moet dit jaar promoveren naar de Eredivisie. De resultaten van zijn club zijn slecht de laatste weken, dus de druk zit er flink op. Hoe gaat hij om met druk en verwachtingen? Dit interview gaat over de keerzijde van topsporter zijn.

Je eerste maanden bij De Graafschap, bevalt het een beetje?

‘’Ik wilde graag spelen, dat kon hier. Bij Vitesse kon ik blijven, maar de sfeer was niet super goed. Bovendien zit ik dan altijd in twijfel of ik speel ja of te nee. Ik heb gisteren (tegen Cambuur 0-2 red.) verloren, maar voor de rest gaat het wel goed.’’

Baal je van slecht resultaat?

‘’Ja vooral op de dag zelf. De volgende dag denk je er nog over na, maar als je op de club bent geweest en het erover hebt gehad is het over. Mijn humeur lijdt er wél onder. Ik heb dan een korter lontje wanneer we verliezen. Je neemt het mee naar huis. Bij winst is het andersom, dan ben je een stuk vrolijker. Ik moet van mezelf presteren. Elke wedstrijd wil je zo goed mogelijk spelen en als ik een slechte wedstrijd speel, baal ik wel van mezelf.’’

Je bent bij Vitesse begonnen met voetballen, hoe was dat als tienjarige? Heb je toen wat gemist?

‘’Het is een profclub, dus je moet bezig zijn met je sport. Toch was het in de jeugd meer vrijblijvend. Je traint 4 à 5 keer per week. Bij een profclub krijg je toch een bepaalde discipline mee. Ik werd opgehaald met het busje samen met andere jongens of mijn ouders brachten mij naar de trainingen. Voor mijn gevoel was het vooral veel reizen. Het vrijblijvende zat hem in het feit dat je je kon veroorloven om nog uit te gaan en dat soort dingen. Hoe ouder je wordt en hoger je speelde perkte die vrijblijvendheid in.

Mis je die vrijblijvendheid?

‘’Voor mij waren uitgaan en dat soort dingen geen issue. Ik heb daar ook nooit de behoefte aan gehad. Sommige jongens die uitstroomden zeiden vaak dat ze hun jeugd hadden gemist. Dat ze niet veel konden doen naast het voetbal. Ik heb dat nooit zo ervaren. Wanneer ik op zaterdag een wedstrijd had, sprak ik nooit af met vrienden en dat was prima.’’

Heb je sociale druk gevoeld?

‘’Nee helemaal niet. Dit hoort bij het topsporter zijn. Dit is duidelijk voor iedereen dat ik dan een vrijdagavond er niet bij kan zijn.’’

Voelde je druk van je ouders?

‘’Ik moest helemaal niks. Mijn ouders legden mij geen extra druk op. Ze vonden het juist heel leuk dat ik bij Vitesse speelde. Zij vonden het mooi om te kijken en om met de buitenlandse trips mee te gaan. Ze hebben altijd gezegd: ‘Als je het niet meer leuk vindt, dan stop je er toch mee. Je hoeft het niet te doen.’’’

Hoe ga je zelf om met de druk?

‘’Er altijd een bepaalde druk, maar ik probeer mijn best te doen. Als ik een slechte wedstrijd speel dan is die druk wel wat hoger de volgende keer. Supporters mogen natuurlijk hun mening geven. Op internet kunnen ze snel dingen zeggen. Ik lees dat zelf niet en ik zeg ook tegen mijn vriendin en ouders dat ze zulke dingen niet moeten lezen. Ik denk dat veel mensen dat toch doen. Ooit zongen supporters iets over mijn moeder, maar dat doet me niks. Ze kennen mijn moeder toch niet.’’

De laatste tijd komen steeds meer voetballers, Gregory van der Wiel en Ricardo Kishna, naar buiten met het feit dat ze kampen met depressies en angsten. Wat vind je daarvan?

‘’Ik vind het knap dat zulke grote namen in het voetbal dit openbaar maken. Ze komen alle twee over als rustige voetballers. Ik snap wel wat ze bedoelen, maar ik heb dit eigenlijk nooit gehad. Misschien gebeurt dit wel, maar ik denk niet dat dit snel bij mij zal gebeuren. Ik ben vrij nuchter ingesteld en kan goed relativeren.’’

In de brief van Gregory van der Wiel staat dat hij zijn emoties moet uitzetten, heb je dat ook?

‘’Ik denk dat het verkeerd is als je je emoties uitzet, die moet je juist laten zien. Bij de grote clubs lig je onder een vergrootglas en als je dan bijvoorbeeld een hand van de trainer weigert wordt dat meteen gedramatiseerd. Een voetballer is ook gewoon een mens en daar hoort emotie bij.’’

Vind je het een mooie wereld, de voetballerij?

‘’Ik ben niet anders gewend. Er zijn wel bepaalde dingen waarover ik mijn twijfels heb, maar ik denk dat dat overal zo is. Iedereen wil zijn eigen hachje redden. Iedereen praat zijn fouten goed, laat teamgenoten vallen, terwijl de fout bij henzelf ligt. Voetballers vinden het moeilijk om hun eigen fouten toe te geven. Dit gaat dan om beslissingen in het veld. Als er groepsbijeenkomsten zijn dan houdt iedereen zijn mond, maar als de trainer weg is dan heeft iedereen opeens een mening. Ik denk dat je wel parallellen kan trekken met het bedrijfsleven. Op het moment suprême houdt iedereen zijn bek dicht en als de baas weg is loopt iedereen te klagen.’’

Zou je willen ruilen met iemand die geen topsporter is?

‘’Nee, ik heb altijd al profvoetballer willen worden. Als ik had willen ruilen had ik kunnen stoppen. Ik leef wel in mijn droom nu. Voetbal is voor mij het leven.’’