‘Vrolijkheid bestaat voor mij niet meer’

 

Afgelopen jaar is de Rijksoverheid een campagne begonnen om depressie bespreekbaar te maken op voornamelijk middelbare scholen. Dit is belangrijk, want ruim 800.000 Nederlanders hebben een depressie. Uit nog meer cijfers van het CBS blijkt dat tussen 2015-2017, 8% van de jongeren tussen de 12 en 18 psychische klachten had. Uit onderzoek van Rijksoverheid blijkt dat jongeren (13-18) met een depressie wel willen praten maar het lastig vinden om een gesprek uit zichzelf te starten.  

“Ik wil me er gewoon niet meer voor schamen”

Merel  is zeventien jaar oud en woont al haar hele leven in het Gelderse Tiel. Sinds twee jaar kampt ze met een depressie, deze heeft ze in de ‘heftige vorm’. Ze kan een gevaar voor zichzelf zijn en hierdoor gaat ze op een uur in de week na niet meer naar school. Bij haar thuis deed ze een boekje open over hoe het is om een depressie te hebben. Ze praat wel over het onderwerp omdat ze vindt dat het taboe moet worden doorbroken. Praten is namelijk een van de beste medicijnen voor mensen met een depressie vindt ze. Toch is ze er niet helemaal open over, ze wil nog steeds niet dat het in haar woonplaats wordt verspreid omdat onbekenden niks met haar te maken hebben. 

“Ik schaamde me enorm voor mijn depressie, bijna niemand wist ervan. Dit was een bewuste keuze ik wilde er niemand mee opzadelen, het zijn nu immers mijn problemen en men zit er toch niet op te wachten. Een paar vriendinnen, familie en vrienden van mijn ouders hebben we het meteen verteld, zij waren deel van mijn dagelijks leven. Een maand geleden was er ineens een moment dat ik me niet meer schaamde, zo voelde ik ook een drang om het te vertellen. Je zou denken dat dit een opluchting was maar dat bleek niet zo, helaas. Ik wil het taboe doorbreken en dat mensen erover gaan praten, sommige depressieve mensen voelen zich juist alleen omdat er niet over gepraat wordt, ze denken dat ze de enige zijn met deze kwaal en dat is natuurlijk niet zo.” 

“Ik functioneer niet meer zoals eerst”

Een depressie uit zich bij iedereen anders, Merel heeft last van alle symptomen die je kan hebben met een depressie. Waaronder moeheid, somber zijn en geen zin meer in het leven hebben. De laatste keer dat ze echt ergens blij van werd was anderhalf jaar geleden terwijl ze de depressie al dik twee jaar heeft. Ze haalt ook geen voldoening meer uit gebeurtenissen, ze hockeyt ook alleen omdat het nog van haar ouders moet.  

“Vrolijkheid bestaat niet meer voor mij, boos word ik ook niet snel, angstig en verdrietig komen het vaakst voor. Verder functioneer ik ook niet meer als eerst, zo is mijn concentratie niet meer optimaal en spring ik een gesprek van de hak op de tak. Ik denk dan niet aan iets anders, maar het gaat vaak te snel en kan ik het niet goed tot me nemen. Nu ik dit gesprek voer kan ik me redelijk concentreren, dit komt omdat ik de rest van de dag niks heb gedaan.” 

“Er zijn stemmen in mijn hoofd, meerdere” 

“Ik ga nauwelijks nog naar school, dit is echt super jammer. De aanleiding is dat het niet veilig genoeg is voor mij. Ik zou namelijk meteen naar de trein lopen en ervoor springen, deze gedachtes heb ik nu eenmaal. Hierdoor is mijn moeder de hele dag bij me in de buurt, ik mag het huis ook niet uit. Er zijn stemmen in mijn hoofd, meerdere, in het begin werd ik er echt bang van maar nu zijn ze een deel van mij. Ze zijn op komen spelen ongeveer drie maanden na het vaststellen van mijn depressie en hoeveel behandelingen ik ook volg, de stemmen gaan maar niet weg. Normaal zal het zeker niet worden maar ik heb er mee leren leven. 

Echt praten over waar ik precies aan denk vind ik nog een stap te ver gaan, dat deel ik nog liever niet. Ik zou het zeker willen alleen ik ben bang als ik er te veel over praat dat ik er misschien naar handel. Het is in ieder geval niet mogelijk dat de ideeën nog erger worden, die zijn er namelijk al de hele dag door. Over zelfbeschadiging ben ik super open, hier praat ik ook over met vriendinnen, maar over suïcide praat ik liever niet. 

“Over dit onderwerp ben ik niet 100% open” 

Als iemand een depressie ontwikkelt is er vaak een aanleiding voor. Aanleidingen kunnen erfelijkheid, ontslag, een overlijden van een dierbare, pesterijen en mishandelingen zijn. Bij Merel is er echter geen directe aanleiding, de depressie kwam dus uit de lucht vallen.  

“Ik dacht altijd dat er een goede reden moest zijn om depressief te worden, dit was ook een deel van mijn schaamte. Omdat er bij mij geen directe oorzaak is, kan ik dus ook niet worden behandeld naar deze. Behandelingen worden hierdoor altijd lastiger omdat ik van alle methodes een beetje krijg en niet degene krijg die ik moet hebben. Gelukkig weet ik dat ik me niet aanstel omdat ik heus het verschil ken tussen een dipje of een depressie. Toen ik het aan mijn naasten vertelde was hun eerste reactie: ‘Jij? Maar je bent altijd zo vrolijk’. Vaak zet ik een masker op. De meeste zien niet aan me dat ik iets heb, ik kan het heel goed verbergen door een keer extra te lachen zo merkt niemand het. Gelukkig steunden ze me allemaal en dat doen ze nog steeds, ook al krijg ik op school nog wel eens een rare blik. Er is altijd een kans dat je beter wordt, dit verschilt per persoon, ik denk alleen dat het bij mij niet meer zal gebeuren. Wat mijn toekomst zal zijn weet ik nog niet, we moeten toch proberen een nieuwe therapie te vinden, degene die ik nu hebt slaat namelijk niet aan. Dit vind ik het belangrijkst en dan zie ik wel verder.”