“Het gaat niet om afkomst”

Bruggen bouwen tussen verschillende culturen en kijken naar de kwaliteiten van een mens in plaats van de afkomst. Dat zijn enkele doelen van organisatie OVAA, (overleg allochtonen autochtonen). Oprichter en voorzitter Mohammed el Haddad vertelt over de activiteiten die OVAA hiervoor organiseert. “Dingen gaan niet vanzelf daar moet je voor vechten, lobbyen, praten, de politiek in. Dit proberen wij ook om de stad voor iedereen te maken.”

In de jaren tachtig was er in Nederland een grote behoefte om te kijken naar hoe men met zijn allen de samenleving in moet richten. De concentratie van allochtonen was in de grote steden namelijk heel hoog. De allochtonen voelden zich achter gesteld en men realiseerde zich dat er iets moest veranderen. In Eindhoven is hiervoor OVAA opgericht.

“OVAA is ontstaan als een overleg voor de gemeenteraad. Het informeert de gemeenteraad over het beleid over allochtonen. De maatschappelijke urgentie was er. Men had het gevoel dat er nauwelijks gesproken werd met elkaar maar alleen over elkaar. Zodoende is men het er met elkaar over gaan hebben hoe de samenleving ingericht moet worden.”

 

“Wij willen dat anders zijn in je afkomst niet bepalend is voor je maatschappelijke carrière.”

 

OVAA wil de verschillende culturen dichter bij elkaar brengen. Ze willen ook dat er bij bijvoorbeeld een sollicitatie niet naar etniciteit maar naar kwaliteit wordt gekeken. “Deze beweging begon in de jaren zestig met de vrouwenemancipatie later kwam het ook op bij  bijvoorbeeld de homoseksualiteit. In de jaren tachtig begonnen ook de migranten zich te emanciperen om hun positie te verbeteren. Wij willen dat anders zijn in je afkomst niet bepalend is voor je maatschappelijke carrière. Je bent Marokkaan maar daar gaat het niet om. Je moet kijken naar je kwaliteiten en niet je afkomst. Dingen gaan niet vanzelf daar moet je voor vechten, lobbyen, praten, de politiek in. Dit doen wij ook. Zo proberen we Eindhoven een leuke stad voor iedereen te maken.”

OVAA organiseert allerlei verschillende activiteiten om zijn doel te bereiken. “Wat heel goed werkte was ‘Het Politieke Café’. Dit hield in dat we een maatschappelijk gevoelig onderwerp met het publiek gingen bespreken. Dit ging bijvoorbeeld over homoseksualiteit in allochtone kringen. We keken met elkaar wat het probleem was en proberen een oplossing te zoeken. We kunnen het negeren en er niet over praten maar we kunnen ook praten en samen tot een oplossing komen.”De conclusies van deze debatten werden doorgegeven aan de gemeenteraad van Eindhoven. Hier werd er dan verder gediscussieerd over de onderwerpen.

Praten is niet het enige wat OVAA doet. Ze proberen ook allochtonen te helpen om zelfstandiger te worden. Door taalles te geven maar ook door mensen te leren fietsen. “We hadden ook nog het project ‘Fiets je Vrij’. Veel allochtonen kunnen namelijk niet fietsen. Dus gaven wij mensen hier fietsles. Het doel was om mensen zelfstandiger te maken. Als je niet mobiel bent, is je wereld heel klein. Je bent afhankelijk van wat je te voet kan doen, een auto, de bus, iemand die je kan brengen of de taxi. Je bent dan dus vaak afhankelijk van andere mensen. Als je zelfstandig wilt zijn is een fiets het goedkoopste en het makkelijkste middel. Weer of geen weer je kunt altijd fietsen in Nederland!”

Een ander opvallend project is ‘Diversiteit in Beeld’. “Hiervoor hadden we een fotografe ingehuurd. Haar taak was om alle verschillende culturen in Eindhoven op te zoeken en er een foto van te maken. Volgens de gemeentecijfers zijn er 165 verschillende nationaliteiten in Eindhoven. We zijn niet verder gekomen dan 102. Van deze portretten hebben we een poster gemaakt en die een week lang opgehangen in Eindhoven.”

OVAA heeft dus veel activiteiten georganiseerd maar hoeveel effect hebben ze gehad? Zijn er echt meer culturen betrokken bij het dagelijks leven in Eindhoven? Zijn alle vooroordelen weg nu? “In het sociale domein is het effect meten van een activiteit heel lastig. Bij het fietsprogramma kun je bijvoorbeeld zeggen dat 10 mensen hun diploma hebben gehaald. Dit weet je, dat kun je namelijk tellen. Bij taal kun je ook ongeveer meten hoe ver mensen zijn gekomen. Bij een politiek café kun je zien dat mensen met elkaar praten, er komen artikelen over, interviews, er ontstaan misschien projecten. Maar wat hier in het dagelijks leven van terug is te zien, kun je lastig zeggen. Zijn allochtone homo’s meer geaccepteerd in hun kringen? Dat weten we niet. Wat we wel vast kunnen stellen is dat er over is gesproken. Het probleem is in beeld geweest en heeft publiciteit gehad.”

 

“We kunnen het negeren en er niet over praten maar we kunnen ook praten en samen tot een oplossing komen.”

 

Op dit moment worden er door OVAA geen activiteiten georganiseerd. “Tegenwoordig met sociale media hebben mensen al een oordeel over elkaar voordat ze de ander zien. Dit was vroeger anders. Dit vraagt natuurlijk om een nieuwe aanpak. We zijn nu dus opzoek naar nieuwe manieren om ons doel te bereiken. Wij noemen dit een transitiefase.”