Het gezicht achter de kunst

Door: Jennifer Smit

Foto’s: John Giskes

 

John Giskes (75) uit het centrum van Rotterdam houdt zich bezig met bewegingstheater en performen. Solo of samen met een team oplopende tot 7 mensen, geeft hij performances voor jong en oud. In dit interview vertelt John Giskes alles over zijn kunst, de uiteenlopende reacties en wat hij zo bijzonder vindt aan de Butoh-dans.

Butoh-dans
‘’De laatste jaren houd ik mij bezig met Butoh-dans. Ik ben met Butoh begonnen, omdat je het ook nog kan als je ouder bent, of bijvoorbeeld gehandicapt. Je hoeft niet aan alle fysieke voorwaarden te voldoen. In deze dans ga je uit van jezelf, het gaat er niet om hoe goed je het doet. Butoh is modern Japans en is in de jaren ’50 ontwikkeld. Er zijn ook mensen die het geen dans noemen, omdat het allemaal een beetje van die spastische bewegingen zijn, ook totaal niet ritmisch. Het bijzondere aan deze dans is dat iedereen alle rollen kan spelen. In het voormalige Japan speelden mannen alle rollen, zelfs die van vrouwen. In de Butoh-dans deden ze opeens alles: mannen en vrouwen hadden mannen- en vrouwenrollen.’’

‘’Mijn inspiratie voor Butoh-dans is een voorstelling die ik heb bijgewoond in het Lantaren Venster in de jaren ’80. Ik had toen geen idee dat dit Butoh was. Het was een Japanner die een uur lang een solovoorstelling had gemaakt over Fur Seal. Dit bleef mij altijd bij. Toen ik erover ging nadenken wat ik in mijn pensioen wilde doen, kwam dat naar voren.’’

‘’Naast dat ik mij bezighoud met performen en bewegingstheater, zit ik ook in het bestuur van twee stichtingen die zich met kunst bezighouden. Ik geef ook nog een keer per week een les creativiteit aan kinderen op een basisschool.’’

Konpaku
‘’Mijn theater heet Konpaku, dit is een Japanse term. Konpaku betekent, zo leg ik Butoh ook uit, ziel. Konpaku is eigenlijk een samentrekking. De samentrekking van twee keer ziel. Wij hebben hier in het Westen maar een ziel, maar in Japan maken ze een onderscheid tussen het ziel van het ik, zoals we het hier kennen, en de ziel die in al het leven zit. De ziel van het leven is alles wat je overkomt, zonder dat je ziel van het ik het in de hand heeft. Alles wat leeft, heeft in ieder geval de ziel van het leven.’’

Voor kinderen
‘’De doelgroep van mijn kunst is iedereen. Soms vinden kinderen het ook leuk. Op een school in Tilburg hebben kinderen het ook gedaan. Dan zitten de kinderen in een soort cocon van stretchmateriaal. Dit wordt ook nog wel eens gebruikt voor kinderen die te veel indrukken hebben. Niet iedereen vindt dat prettig, sommige kinderen hebben er een hekel aan. Voor andere kinderen werkt het wel heel goed, die hebben dat graag om zich heen voor veiligheid. Je kan er doorheen kijken en heel makkelijk ademen, maar je ziet vanuit de binnenkant alleen maar schimmen.”

”Voor Butoh-dans zijn de kinderen nog iets te jong. Wel heb ik een training gegeven met een Poolse musicus met behulp van de signalen van een telefoon. Die signalen kan je omzetten naar geluiden. We hebben toen een telefoon verbonden met een laptop en in die laptop zit een muziekprogramma. Als een jongen of meisje dan een beweging maakt met die telefoon, komt er muziek vrij. De andere kinderen moeten op deze bewegingen reageren.”

Reacties
”Aan de ene kant zijn er mensen die mijn manier van dansen niet zo accepteren, omdat ze het onbegrijpelijk vinden. Soms vinden ze het niet netjes. Zo kwam er een vrouw van mijn leeftijd naar mij toe tijdens een performance op de Lijnbaan en zij fluisterde ‘’idioot’’ in mijn oor. Daarnaast noemde Radio Rijnmond mij en een andere Butoh-danser in een podcast uit 2011 ”enge mannen bij de koopgoot”. Ik kan er wel om lachen. Iemand die daarna langsloopt roept weer ‘’keigoed”. We passen het soms aan op de kritiek, we hebben bijvoorbeeld een nieuwe performance en daarin is iemand naakt. Dat wordt niet overal geaccepteerd. Bij de plekken die dat niet accepteren, krijgen de performers een catsuit aan. Dan is het nog maar semi naakt.”

Naakt
‘’Er is een hele discussie gaande over naakt in de kunst. Wat mij betreft is alles toegestaan. Het is kunst en je wilt er iets mee zeggen. Je hoeft het niet allemaal mooi te vinden, maar om nou te zeggen dat het weg moet gaat mij te ver. Voor mij is het geen onderwerp, als het nodig is voor de kunst, dan is het nou eenmaal nodig.’’

De toekomst
”Ik ga voorlopig nog door. Er zijn nog genoeg nieuwe dingen die ik wil doen. Ik heb wel eens samengewerkt met mensen van de circusschool en dat brengt ook uitbreidingen. Zij geven weer een hele nieuwe impuls met wat zij kunnen. Ik ben ook nog redelijk soepel gezien mijn leeftijd, maar dat komt omdat ik er ook voor train. Daarnaast zou ik deze, ook wel alternatieve, kunst willen confronteren met de wat meer officiële kunst.”