“Je moet je ogen niet dicht doen voor mensen die zich niet laten vaccineren, die zijn er altijd geweest”

Martin Buijsen (57), hoogleraar gezondheidsrecht aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.

‘Moet ik me laten vaccineren?’ Dat is de vraag die onder een groot deel van de bevolking speelt in de aanloop naar het coronavaccin. Hoogleraar gezondheidsrecht Martin Buijsen (57) legt uit waarom zorgen over vaccinatie onnodig zijn en waarom het zo belangrijk is. “Het is onze enige ‘exit strategie’.”

Interview Pim Takkenkamp | 21 december 2020

“We kunnen niet uit deze pandemie komen zonder een vaccinatie, of we moeten al die sterfte voor lief nemen. Maar een andere strategie is er niet”, antwoordt Martin Buijsen. “Dat er gevaccineerd moet worden staat dus vast. Alleen het is de vraag hoe snel je naar de benodigde vaccinatiegraad kunt klimmen. Wat virologen en epidemiologen zeggen is dat je zo’n zestig à zeventig procent immunisatie moet hebben. Je kunt geïmmuniseerd worden door geïnfecteerd te raken en antilichamen aan te maken, of door gevaccineerd te worden. Er zijn twee metingen gedaan naar de immunisatie onder Nederland op basis van een onderzoek naar antilichamen in het bloed van bloeddonoren. De eerste meting vond plaats in het voorjaar en de ander in het najaar. Nou blijkt dat de immunisatie in het najaar op vijf procent ligt. Terwijl we snel naar zeventig procent moeten en dat kan niet door die ziekte op zijn beloop te laten. Voordat je op dat percentage zit ben je maanden verder, en zonder vaccinatie, jaren verder met tienduizenden doden die vermijdbaar zijn. Dus vaccineren moet. Maar als je een vaccinatieverplichting wilt overwegen dan moet
dat op een wet gebaseerd zijn: het moet noodzakelijk zijn, het moet omwille van de volksgezondheid zijn, je mag niet verder gaan in de dwang dan nodig is voor het bereiken van het doel en alle andere alternatieven moeten dat doel niet kunnen bereiken. Maar het is aan de politiek om daar een keus uit te maken.”

Door anti-vaxxers wordt de twijfel onder de bevolking versterkt, terwijl hun argumenten niet op feiten zijn gebaseerd. Een kritische houding is niet gek, met speculaties over de veiligheid en betrouwbaarheid van het vaccin tot gevolg. In het kader van zo’n gesprek is het wel belangrijk die vragen aan te vullen met een vorm van expertise. Want hoe betrouwbaar is het coronavaccin eigenlijk?

“Alle geneesmiddelen in Nederland, vaccins daarbij inbegrepen, worden niet tot de markt toegelaten voordat er een hele stap aan trials is doorlopen. Je begint met computersimulaties, dierproeven en je hebt vier fases aan trials met proefpersonen. Van al die studies wordt verslag gedaan en op deze trials is voortdurend toezicht. Vervolgens wordt alle beschikbare documentatie bekeken door de EMA (European Medicines Agency) en keurt het aan de hand daarvan wel of niet goed. Dat geldt voor alle geneesmiddelen. De EMA adviseert de commissie niet iets toe te laten als het niet veilig is. Die trials werken natuurlijk niet met tienduizenden of honderdduizenden mensen, dat is op z’n best in fase vier een paar duizend mensen. Wanneer er dan geen onverwachte neveneffecten, incidenten of gezondheidsschade gerelateerd kunnen worden aan het vaccin, kun je er van uit gaan dat dat ook niet aan de orde is als het toegepast wordt op grotere populaties.”

De meningen in de zorg zijn verdeeld. Een derde van zorgmedewerkers twijfelt over het nemen van het coronavaccin. Maar dat geeft een vertekenend beeld volgens dhr. van Buijsen.

“Het zijn vooral verzorgende en verpleegkundige die twijfelen. Ik was tot voor kort toezichthouder bij een zorgorganisatie in Nederland waar onlangs campagne werd gevoerd voor het toedienen van de griepprik onder medewerkers van de thuiszorg en de verpleeghuiszorg. Jaar in, jaar uit wordt daar nooit meer gehaald dan vijftien procent. Nou kan het best wel zo zijn dat je geen last hebt van een griepvirus, maar een kwetsbare oudere heeft dat wel. Je hoeft het maar over te dragen en het zou een extra dode betekenen in een verpleeghuis. Het is ook niet zo dat die verpleegkundige en verzorgende dat griepvaccin voor zichzelf behoren te nemen, maar voor een ander. Vanuit de raad van bestuur is men volstrekt helder, iedereen behoort dat te doen. Alle medewerkers van een zorgorganisatie staan allemaal vooraan als ze die griepprik moeten halen, om het goede voorbeeld te geven. Maar de verpleegkundige, niet de artsen, twijfelen altijd. Bij de griepprik bleek uit onderzoek minder dan 15 procent van het zorgpersoneel te zijn gevaccineerd, dus als dat zich doortrekt tot corona word je daar niet blij van.

Het is geruststellend om te horen dat er een secuur proces aan controle en testen aan zo’n vaccinatieprogramma voorafgaat. Maar hadden wij dit niet allang moeten weten? Vooral vanwege de twijfel onder de bevolking (zestig procent) en onder verpleegkundige (meer dan dertig procent). Vind u dat er betere voorlichting moet komen?

“Het vaccin is er nog niet, dus die voorlichting zal nog moeten beginnen.  Het vaccin zal veilig en effectief zijn, maar het werkt niet 100%. Het zal tussen de 90 en 95 procent bescherming bieden. Het is mensenwerk, dus risico’s zullen er altijd mee gepaard gaan. Als je weet dat je een promille hebt van kans op een bijwerking, dan moet je wel erg onredelijk zijn om daar nee tegen te zeggen. Maar er blijven mensen die geen redelijke argumenten hebben. Die voorlichting zal dus echt goed moeten zijn.”

Terwijl het vertrouwen in Nederland daalt, zijn vaccins na proper water het meest levensreddende middel. Wat is volgens u de oorzaak van het lage vertrouwen in het coronavaccin?

“Onwetendheid gekoppeld aan een toch al bestaand wantrouwen jegens die instituties denk ik. Weinig vertrouwen in de procedures bijvoorbeeld, is een kwestie van onwetendheid. Maar die procedures zijn echt wetenschappelijk bewezen.”

Bepaalde christenen weigeren vaccinatie wegens geloofsovertuiging, is dat een groot probleem?

Dat hebben we ons altijd kunnen permitteren. Voor het Rijksvaccinatieprogramma hebben we altijd een vaccinatiegraad gehad die hoger was dan 90 procent en een gedeelte van die tien procent bestond uit orthodox-protestanten. Bij mazelen is het bijvoorbeeld zo dat bij vijf procent niet geïmmuniseerd besmettingsgevaar dreigt. We hebben daardoor jaarlijks mazelen uitbraken, maar altijd in dezelfde streek in Nederland.

Verder denk ik dat er weinig is wat die mensen bewerkstelligt zich te laten vaccineren. Dat hebben ze nooit gedaan, dus dat gaat ook nu niet lukken. We hebben altijd super hoge vaccinatiegraden kunnen bereiken, maar dat we die honderd procent niet bereikten kwam onder andere door die orthodox-protestanten. Je moet je ogen daar niet voor dicht doen, er zijn altijd mensen die zich niet tot inenten zullen bewegen. Maar de meeste mensen wel, daar ben ik van overtuigd.”