‘’Oss had al last van leegstand’’

Leegstand, messentrekkers en criminaliteit; 3 termen die vaak worden genoemd als je het over Oss hebt. Maar is het echt zo erg allemaal. Is het centrum in Oss ook het centrum van deze problemen, zijn echt alle winkels total-lOss?

Het Walplein, het hart van het centrum van Oss, ligt er stil bij in de regen. Een beeld van een bronzen varkentje met een speelse houding midden op het plein geeft de omgeving iets authentieks. Het kunstwerk, gemaakt door Antoinette M. Briët, staat er al sinds 1981. Het brons op de rug en kop is verkleurd, dit duidt er op dat deze vele malen zijn aangeraakt door voorbijgangers; daar zijn er niet veel van aanwezig. De variatie van lokale eenmanszaken en grote winkelketens geven een melancholieke uitstraling tegen de vele leegstaande panden. En door de coronacrisis dreigen er alleen maar meer winkels te verdwijnen.

 

In 2019 is het aantal verkooppunten ofwel winkelpanden in dat gebied afgenomen naar 451 terwijl het aantal lege panden is toegenomen naar 75; 1 op de 6 panden staat leeg. Dat blijkt uit cijfers verstrekt door de gemeente. Zij baseert zich op gegevens van Locatus, een groot onderzoeksbureau op het gebied van retail. Aan de zuidelijke kant van het plein waar deze grenst aan de Carmelietenstraat staat op een groot bord de schets van de toekomstige nieuwkomer aan het plein: de woontoren Walkwartier. ‘’Een plek waar je anderen ontmoet, verrast wordt en nieuwe inzichten krijgt’’, aldus de site van de gemeente Oss.

Het begin- en eindpunt van de wandelroute door het centrum is het Walplein. Het heeft iets weg van een overzichtelijk doolhof; je weet niet waar je heen gaat maar je weet wel waar je uitkomt. Vlakbij de kruising tussen de Monsterstraat en Heuvel zitten twee oudere dames een kopje koffie te drinken onder het afdak van ‘het frans bakkertje’. Deze lunchroom zit er al sinds de jaren ’80, door de coronacrisis heeft de eigenaar het pand te koop moeten zetten.  Hun handen omklemmen kleine bekertjes van de ‘Bakker Bart’. Ze vinden het zonde dat lokale winkels omvallen door de coronacrisis. ‘’Oss had al last van leegstand’’, zegt een van de dames. Toch vinden ze het centrum erg gezellig. ‘’Het is fijn dat je altijd bij een centraal punt uitkomt, het is overzichtelijk. Sommige vinden bijvoorbeeld Uden helemaal geweldig, nou daar vind ik dus niks aan!’’ Hun namen willen ze niet geven: ‘’Wij horen hier eigenlijk helemaal niet te zijn, we zijn aan het spijbelen. Ook op deze leeftijd kan dat nog’’, giechelen ze.

De donkere wolken boven het centrum stralen somberheid uit. Het getik van de regen dat van de schilddaken in de regenpijpen loopt wordt vergezeld door een brommend geluid, afkomstig van een DHL bestelbus die zich traag door de winkelstraat manoeuvreert. Na een korte stop om een pakketje af te leveren zet deze zijn weg voort richting parkeerplaats het Jurgensplein. Aan het plein grenzen enkele supermarkten waaronder een Turkse supermarkt. Groenten en fruit staan uitgestald in grote, blauwe kratten. Aan de rechterzijde van de ingang is een etalage van een leegstaand pand afgeplakt met grijze gordijnen, in de reflectie van de ruiten is de af- en aanvoer van auto’s op het parkeerterrein te volgen.

De meeste panden in het centrum zijn in de jaren ’80 en ‘90 gebouwd, ze stralen simpelheid uit. De gebouwen zijn lichtelijk monotoon, maar wel goed onderhouden. De leegstand toont een vergane glorie in zijn vroegste stadium. De vroegere welvaart van het centrum is nog terug te zien in de vele verschillende soorten winkels die aanwezig zijn – of aanwezig waren. Het aantal inwoners blijft wel stijgen. In de periode van 2013-2020 is een stijging 8% genoteerd door allecijfers.nl. Van de 3.925 adressen die het centrum telt zijn er 3.325 in gebruik als woonadres. Een ‘magere’ 288 hebben een winkelfunctie. De meeste mensen in het centrum zijn 65 jaar of ouder, daarna volgt de groep 25 tot 45 jaar. Er wonen relatief weinig jongeren, maar 555 vergeleken met de 1695 ouderen. De criminaliteit in de wijk Centrum is voornamelijk geweld en seksmisdrijven, er zijn er daar 12 van voor iedere 1000 inwoners.