ONDANKS KOU: KINDEREN WEER WARM ONTVANGEN OP SCHOOL

UDEN – De basisscholen zouden door versoepelingen van de lockdown na een periode van vijf weken hun deuren weer openen. Door de winterse taferelen besloten de meeste basisscholen in Oss om niet open te gaan. In Uden ging Kindcentrum Raam wél open. Op 9 februari was het dan zo ver, alle basisscholen ontvingen de kinderen weer voor fysiek onderwijs op locatie. Sneeuw of geen sneeuw, voor zowel ouders als kinderen was het erg ‘chill’.

 

Het is nog vroeg als de eerste zonnestralen de ingesneeuwde basisschool Kindcentrum Raam goudgeel doen kleuren. De stilte wordt af en toe verstoord door iemand die in de woonwijk zijn auto aan het krabben is. Iets na 8 uur komt de conciërge in een oranje jas naar buiten, gewapend met een sneeuwschuiver. Hij maakt de trappen bij de hoofdingang sneeuwvrij en wordt al snel te hulp geschoten door een enthousiaste leerling. “Nee kijk, zo moet je het doen. Kijk zo!” roept hij tegen het kind terwijl hij een flinke bult sneeuw aan de kant schept. Niet lang daarna schuifelen de eerste ouders het schoolplein op. Dikke sjaals, wollen mutsen en zachte handschoenen zijn snel overal te spotten; de straten rondom het schoolgebouw lopen vol met ouders die hun kinderen naar school brengen.

Terwijl een groepje kinderen op het schoolplein sneeuwballen aan het gooien is, staan een paar ouders bij de fietsenstalling te kletsen. Andere ouders hebben haast. “Ik moet naar thuiskantoor!”, zegt een vrouw terwijl ze al schuifelend haar auto instapt en stapvoets wegrijdt over de gladde straat. Een meisje met roze handschoenen zwaait de auto uit. “Tot straks, Mama!”, roept ze.

 

Structuur

Vanwege de maatregelen moeten kinderen via andere ingangen naar binnen. Zo zijn de zij-ingangen bedoeld voor de oudere kinderen. Via het schoolplein mogen de kleuters naar binnen. De kleuterjuffen staan al rillend bij deur te wachten; het vriest 9 graden. Als de zoemer klinkt en de kinderen binnen zijn, keren de meeste ouders huiswaarts. Een enkeling trekt een lege slee achter zich aan; op de heenweg dienden deze nog als ‘luxueus’ vervoersmiddel voor de kinderen. De ouders die niet direct vertrokken na het klinken van de zoemer hebben elkaar opgezocht rondom de school en staan in groepjes die in grootte variëren van twee tot vier á vijf. Al kletsend wrijven ze in hun handen of schuiven hun muts nog een keer goed over de oren. De ijzige wind die door de huid lijkt te snijden zorgt dat het babbelen afgewisseld wordt door gesnotter en neuzen die worden opgehaald.

 

“Het is fantastisch dat de kinderen weer naar school mogen, voor de ouders natuurlijk ook” zegt Joris Biemans, vader van twee dochters. De jongste zit in groep 5 en de oudste in groep 8. Door de ramen van de school is te zien hoe de klaslokalen langzaam vollopen met kinderen die hun plek weer aan het zoeken zijn. “Ik vind het belangrijk dat kinderen nu weer een leuke omgeving hebben om in te werken. Wij hebben thuis toch geprobeerd dat ritme er in te houden van opstaan, samen ontbijten, even met zijn vieren aan de keukentafel zitten en dan aan de slag. Maar met naar school gaan heb je gewoon een betere structuur.” Over het zogenaamde snottebellenbeleid maakt Joris zich niet druk; “Wat moet dat moet.”

 

(s)not a problem

De regels die gelden voor het test- en thuisblijfadvies voor kinderen van vier tot en met twaalf jaar zijn in de afgelopen dagen een aantal keer veranderd. Zo moeten ouders nu bij hun kinderen letten op coronasymptomen maar ook op verkoudheidsklachten zoals niezen, keelpijn en neusverkoudheid. Het advies vermeldt dat kinderen niet thuis hoeven te blijven als ze af en toe hoesten of als ze bekende luchtwegklachten hebben zoals astma en hooikoorts. Maar als ze wel klachten hebben moeten ze zich laten testen. In afwachting van de uitslag van de coronatest blijven ze thuis, ook als ze bij iemand wonen die besmet is mogen ze niet naar school.

 

Het thuisonderwijs verliep wel soepeler dan het onlineonderwijs tijdens de eerste lockdown, dat zegt Angela Thole. Haar jongste dochter zit in groep 7 en haar andere dochter zit in de brugklas. “Er werd nu meer gevideobeld. Je wordt als ouder daardoor iets meer ontlast.” Dat had van haar deze laatste week voor de krokusvakantie ook nog wel gemogen. “Nu is net iedereen gewend en dan zitten ze weer een week thuis.” Maar ze vertelt wel dat ze uiteraard blij is dat de kinderen weer naar school mogen, ze hoopt dat de middelbare scholen snel volgen.

 

Geen vakantie

Buiten leerlingen en schoolpersoneel om mocht er niemand het schoolgebouw in. “Heel fijn om alle snoetjes weer te zien”, zegt Hanneke van den Broek, leerkracht en coördinator van kinderen met de leeftijd zeven tot twaalf jaar, aan de telefoon. “We zijn niet meteen vol aan de bak gegaan, het was meer een wendag. Net als na de zomervakantie, dan is het ook weer even wennen om elkaar te zien.” Hoewel het wennen was beschouwt ze de thuiswerkperiode niet als vakantie. “We hebben vijf weken echt hard gewerkt online, sommige kinderen vonden dit ook prima. Kinderen zijn flexibeler dan wij vaak denken.” Ook zij had liever nog een week online les gehad en na de vakantie vol van start willen gaan. “Ik snap dat dat niet kan omdat de vakantie met het midden van het land niet gelijk lopen met ons, het was gewoon praktischer geweest.” Het OMT-advies over het testen en thuishouden van kinderen neemt ze ‘erg serieus’. “Dat snottebellenbeleid vind ik wel belangrijk, het is toch een stukje bescherming van de leraren. Want als die weer thuis moeten werken zijn we weer terug bij af.” Eerder dit jaar maakte de minister van Basis- en Voortgezet onderwijs, Arie Slob,  bekend dat leraren geen voorrang krijgen bij de vaccinatie.

 

Aan het einde van de lesdag klinkt de zoemer. Het schoolplein loopt weer vol. Kinderen rennen enthousiast op de ouders af. Een aantal ouders hebben de sleetjes ook weer meegebracht; de terugweg naar huis is voor een paar kinderen net zo makkelijk als de heenweg.