Lesgeven in de jaren 60: “Als getrouwde vrouw mocht je niet als vaste kracht voor de klas staan.”

Opgroeien en werken was als vrouw in de jaren 50 en 60 niet altijd even makkelijk. Corrie Roovers (79) kreeg de kans om als enige vrouw van haar familie wel door te studeren.

Tekst: Sarita Schneider | Beeld: Sarita Schneider

Corrie is in de herfst van 1940 geboren in de schuilkelder van haar grootouders. “Mijn zwangere moeder is met de fiets met allebei mijn zussen van Hulte naar Breda gefietst. Eentje zat achterop, de andere voorop.” In Hulte, gelegen in de buurt van de luchtbasis Gilze-Rijen, was het door de overvliegende oorlogsvliegtuigen te gevaarlijk. Corries vader, die boer van beroep was, kon niet mee. Hij moest voor de dieren zorgen. Hij kon niet bij de bevalling zijn.

Jeugd

Corrie is niet streng opgevoed. Ze mocht veel, er werd niet veel onderscheid gemaakt tussen dochter of zoon, er was geen avondklok en jongens mochten gewoon bij haar thuis komen. “Wij wonen tegenover de kerk en als de mis dan afgelopen was dan kwamen de jongens bij ons koffie drinken. Dan luisterden we naar muziek en dansten we.” Toen ze wat ouder werd ging Corrie ook vaak uit. “Dan ging ik met de fiets naar Tilburg en om te dansen.” Soms kwam ze dan ‘s nachts thuis. “Mijn moeder vond het geen prettig idee dat ik ‘s nachts alleen naar huis fietste, toch deed ik dat wel altijd. Wat kon mij nou gebeuren?”

Het was de bedoeling dat Corrie, net zoals alle andere kinderen van het gezin, na de lagere school bij de boerderij komen werken. “Ze hadden het idee dat het geen zin had om als meisje verder te gaan leren. Je zou toch rond je negentiende gaan trouwen en dan het huishouden op je nemen. Doorstuderen was nergens voor nodig.” De hoofdmeester van haar school was het daar niet mee eens. Hij was van mening dat Corrie te slim was om niet door te gaan leren. “Na veel aandringen van hem gingen mijn ouders overstag.” Corrie vertrok naar een kostschool met nonnen om uiteindelijk opgeleid te worden tot onderwijzeres.

De kweekschool

In het eerste jaar van de kweekschool mocht Corrie de weekenden nog niet naar huis. Alleen met kerst en Pasen mocht ze naar huis. Vanaf het tweede jaar mocht Corrie elk weekend naar huis toe.
“De jongens met wie mijn zussen omgingen vonden het bijzonder dat ik nog studeerde. Omdat ik geen brieven van jongens mocht ontvangen besloten ze een grap uit te halen en mij er één te schrijven. Deze heb ik alleen nooit ontvangen.”

“Toen ik 17 jaar was leerde ik Jan kennen. Op mijn achttiende kreeg ik verkering met hem.” Heel even dwaalt Corries blik af naar de foto van haar overleden man, deze staat op het televisiekastje. “Op dat moment zat ik nog op de kweekschool. We konden elkaar alleen in het weekend zien.”
Jan zat ook in het onderwijs. “Het was heel fijn om iemand om je heen te hebben met dezelfde passie.”

Werken als moeder

Nadat Corrie was afgestudeerd, kon ze gelijk aan de slag in de achterbuurt van Oosterhout op de huishoudschool. Hier waren meerdere leraren overspannen. “Deze meisjes waren veertien en rookte al, dat was heel vreemd. Ook waren ze allemaal een kop groter dan ik. Ik was net achttien en afgestudeerd. Ze probeerde mij soms uit te dagen door brutale persoonlijke vragen te stellen. Zo vroegen ze vaak naar mijn liefdesleven. Ik moest hier echt sterk in mijn schoenen staan.” Na de zomer kwam er een plek vrij bij de school in Hulte. Hier kon ze vast komen werken totdat ze ging trouwen in 1963, toen werd ze ontslagen. “Als getrouwde vrouw mocht je niet als vaste kracht voor de klas staan. Ze hebben mijn contract wel gelijk omgezet zodat ik invalkracht kon worden.” Corrie heeft maar een paar dagen thuis gezeten toen ze alweer opgebeld werd door de school. Ze hadden iemand nodig. “Ik heb eigenlijk nooit echt thuis gezeten. Er was altijd wel een klas waar ik bij kon invallen. Ik heb zelfs een keer les gegeven aan de klas van mijn zoon.”
Corrie beviel in 1965 van een zoon. ‘Ik mocht tot de vijfde maand van mijn zwangerschap werken. Daarna kon je een buikje zien en als zichtbaar zwangere vrouw werken kon echt niet.”  Ondanks dat Corrie een kind had om voor te zorgen ging ze gewoon weer aan het werk. “De vrouw van de directeur van de school waar ik inviel paste dan op terwijl ik voor de klas stond.” Daarna hebben haar ouders nog opgepast op haar kinderen. “Alleen dat ging niet zo handig. Mijn moeder moest veel werk verrichten op de boerderij en kon niet altijd opletten.”

Reizen

Samen met Jan ging Corrie veel op reis. “Voordat we trouwden zijn we al een keer naar Oosterrijk geweest, daarna zijn we nog een paar keer met de tent naar Duitsland geweest.” Haar liefde voor reizen is goed te zien aan de haar kast. Deze staat vol met beeldjes vanuit de hele wereld. “Omdat we allebei in het onderwijs zaten hadden we veel vakantie. Ik ben blij dat wij zoveel samen hebben kunnen reizen.”

“Ik heb een goede jeugd gehad. Ik heb veel vrijheid gehad en daar ben ik blij om.” Corrie laat nog een stel foto’s zien uit oude fotoboeken, een glimlach vormt haar lippen.