‘Om prof te worden moet je leven als een prof’

Wout van Elzakker zette een aantal jaar geleden zijn leven op zijn kop om zich volledig te richten op het wielrennen. Nu, een aantal jaren later, staat hij op de spreekwoordelijke rand van de beloftes naar de profs. De negentienjarige Hoogerheidenaar verliet op dertienjarige leeftijd het voetbalveld voor de fiets.

De eerste kennismaking 
Wout van Elzakker

Wout van Elzakker

Het fietsen is de familie niet onbekend. Niels van Elzakker, de vader van Wout, was in de regio geen onverdienstelijke coureur. Het kan dus ook niet ontkend worden dat het talent in het bloed zit. Nadat opa van Elzakker hem een racefiets als cadeau gaf is het balletje, of eigenlijk het wiel, gaan rollen. “Opa is mijn grootste en meest kritische fan, hij is er vanaf het begin af aan altijd bij geweest om mij te steunen maar geeft mij natuurlijk ook wel aan wanneer hij vindt dat ik iets beter had kunnen doen. Pa heeft dit iets minder, die vindt het vaak al snel goed, maar dat wil niet zeggen dat hij nooit zijn mening geeft. Dankzij opa ben ik wel begonnen met fietsen maar vroeg of laat was ik zonder de fiets die ik van hem kreeg ook gaan wielrennen denk ik.”

Leven als een prof

Om prof te worden moet je volgens Wout ook echt leven als een prof. “Je moet op je voeding letten, op tijd gaan slapen en vooral heel veel trainen.” Trainen is voor hem geen probleem. “In het seizoen train ik vaak zes dagen en de zevende dag rij ik een koers. Vaak train ik wel met iemand of in een groep, maar soms ook alleen. Dan doe ik gewoon oortjes in en ga ik zestig tot negentig kilometer fietsen. Qua voeding zit het meestal wel goed”, zegt hij terwijl hij een hap neemt van een flink stuk speculaas. “Ik moet alleen wat aankomen want mijn vetpercentage is te laag. Dit houd ik allemaal zelf bij. Als je dat moeilijk vindt kan je wel om een programma vragen bij de ploeg, maar mij lukt het meestal zelf wel.”

Spanje

Dat hij er alles voor over heeft, blijkt uit de stap die hij maakte naar Spanje. Daar ging hij rijden voor de Spaanse opleidingsploeg van Quick Step Floors. “Ik heb die stap wel bewust gemaakt om mezelf te kunnen ontwikkelen als klimmer. Voor Nederlandse begrippen kon ik denk ik goed omhoog, maar dat er nog wat te leren viel daar kwam ik in Spanje snel achter.” Na 4 maanden kwam hij terug. “Ik heb enorm veel geleerd en mezelf kunnen ontwikkelen als wielrenner en persoon. De keuze om terug te keren naar Nederland had er eigenlijk mee te maken dat ik daar toch wat te eenzaam was. Ik zat in een huis met een Rus, een Colombiaan, een Panamees en een Pool die de Engelse taal niet enorm goed beheersten. In Nederland kon ik ook een wat ander programma rijden, hier in Spanje was het toch vaak alleen maar klimmen.”

Individueel versus collectief

Op de vraag waarom Wout is gaan fietsen komt hij terug op de tijd van het voetbal. “Als ik een wedstrijd fiets kan ik meestal alleen mezelf iets verwijten als ik bijvoorbeeld een slechte dag heb, of als ik niet meezit met de kopgroep. Bij voetbal heb je dat niet, je kan wedstrijden verliezen door fouten van anderen terwijl je zelf topfit bent of goed in de wedstrijd zit. Ben je in de koers niet afhankelijk van anderen? Minder, tuurlijk rijd je in een team en moet je wel eens voor elkaar werken, maar je hebt wel de controle over je eigen prestatie. En in het voetbal had ik sowieso nooit het hoogste niveau gehaald”, zegt hij lachend.

De juiste keuze

Twijfel aan de keuze om alles op het wielrennen te zetten heeft hij nooit gehad. “Tuurlijk kennen we allemaal onze mentale dipjes, maar echt twijfels heb ik nog niet gevoeld. Zolang ik er plezier in heb, kan ik goed rijden en als ik goed rij dan houd ik er plezier in.” Over zijn mooiste overwinning moet hij lang nadenken, zelfs de hulp van zijn ouders wordt even ingeschakeld. Uiteindelijk komen de districtskampioenschappen tijdrijden naar voren. “Het rijden tegen de klok is toch wel mijn beste kwaliteit, in je eentje volle bak naar een eindstreep knallen is het lekkerste om te doen. Maar uiteindelijk moet mijn mooiste overwinning nog komen.” Daarmee doelt hij op winst bij de profs. Want dat is waar Wout het uiteindelijk allemaal voor doet.

Door: Pim Bruijnzeels