‘’Ik voel me niet tegendraads, maar nauw in het leven geweven’’

Liane Lankreijer (46) heeft een voorliefde voor de natuur, menselijk gedrag en de overheid. In 2012 schreef ze mee aan het boekje ’10 kansen voor de energieke ambtenaar’. Ook was ze initiatiefnemer van de DeBatMobiel in Den Haag, waar buurtgenoten samenkomen om te debatteren over de straatindeling en groenvoorziening in de wijk.

Door Gina Wessels Beljaars

Bron: Nick Wong, Geek Questioner

”Vroeger al vond ik het heerlijk om buiten te spelen. Al van kleins af aan had ik een voorliefde voor de natuur. In de puberteit werd ik lid van de Nederlandse Jeugdbond voor Natuurstudie (NJN). Dat waren jongeren tussen de 12 en 25 jaar die veel de natuur ingingen. We ondernamen veel excursies en we droegen kennis aan elkaar over. Tijdens een fietstocht met zware wind bijvoorbeeld kwam dat oergevoel naar boven: de jongsten fietsten achteraan. Dat gaf een diepe band met elkaar en met de natuur.

Op de middelbare school voelde ik me wel een buitenbeentje, ondanks het feit dat ik ook gewoon vriendinnen had. Mijn uitlaatklep vond ik dan ook in de NJN. Tijdens mijn studie in Wageningen kwam ik ook veel NJN’ers tegen.

Kader

Ik ben een keertje geïnterviewd als NJN’er voor de televisie. Toen waren andere kinderen van mening dat je de natuur toch veel beter kunt zien vanaf de televisie. In de natuur zijn is een totaalbeleving. Onze samenleving leeft náást de natuur. Het kader waar je dan doorheen kijkt, bijvoorbeeld je cameralens of je voorruit, is dan het kader waarin je de natuur ziet. Het liefst moet het mooi en harmonieus zijn, maar het is iets echts en wij zijn het óók. Een van de dingen waarin ik me ben gaan verdiepen is wat er in je hoofd gebeurt als je in de natuur bent. Er zijn veel onderzoeken gedaan naar stress en de trillingsfrequenties van je hersenen. Je hebt alfa- en betagolven, mensen doen ook aan yoga om in de juiste golven terecht te komen. De natuur, en dan met name de aarde, veroorzaken de juiste trillingen in de hersenen. Vanuit je kadertje pik je maar een klein deel van die frequentie mee. Die frequentie krijg je door de volle ervaring van de natuur. Met virtual reality kunnen mensen ook in die juiste hersengolven komen. Dan denk ik, de natuur is ook vlakbij.

Vermomming

Tijdens mijn studie milieuhygiëne kreeg ik een burn-out en ben ik ook voor een jaar gestopt. Mijn interesse verschoof: ik raakte geïnteresseerd in menselijk handelen ten opzichte van het milieu en in de overheid. We kregen lessen over paradigma’s. De grote kunst is om je eigen paradigma te houden maar er op een andere plek contact mee te maken. Ik wilde van binnenuit dingen veranderen om te kijken waar de macht zit. Bij de overheid dus, heel idealistisch. Ik heb veel te danken aan de overheid. Maar ik botste ook met het systeem daar. Ik was veel bezig met het milieu en mensen hadden dan ook een vooroordeel over je. Daarom begon ik met make-up dragen en me netjes kleden zodat ik niet meteen in de massa op zou vallen.

Verbinding

Mijn idealisme komt voort uit het gevoel dat ik iets groots te doen heb. Dat is een roeping van je ziel, diep vanbinnen. Als je je aanpast zoals ik dat deed, verlies je het contact daarmee. Tijdens mijn burn-out heb ik geleerd om weer naar die stem in mezelf te luisteren. Ik kan nu wel tegen jonge mensen zeggen dat ze hun gevoel moeten blijven voelen en zich moeten uitspreken, maar de tijd moet ook rijp zijn. Het is een gevoel van eenzaamheid als je iets unieks wil brengen.

Als je in verbinding bent met je diepere ik en je bent daarmee op je gemak, dat word je op een bepaalde manier zo eigen dat het onweerstaanbaar is voor andere mensen. Die vermomming hoeft dan niet meer. Als kind leer je dat je anders bent en je verkrampt en kleurt binnen de lijntjes. Daarmee verdwijn je zelf. Er zijn oefeningen voor verbinding, onder andere yoga en ademhaling. Het hele idee van yoga is dat je jezelf klaarmaakt voor de meditatie. Het idee van de meditatie is dat je jezelf openstelt voor de verbinding met jezelf. Dat geeft wel aan dat de tijd die mensen besteden aan yoga en meditatie tijd is die ze stoppen in hun eigen pad.

Verbinding is ook iets wat je in je lijf kan voelen. Sinds ik dat voel, merk ik dat het contact met anderen ook veel makkelijker is. Hier in de stad liepen we niet door de beste wijk, we werden gedag gezegd en mensen stopten voor ons. Dat is iets wat je gaat meemaken als je bij jezelf bent. Dat is iets wat ik elke dag meemaak. Dat is hartstikke mooi. Je bent niet meer alleen als je jezelf helemaal accepteert.

Op het moment dat je boos wordt op de wereld accepteer je niet dat het zo is. Het begint met te accepteren dat het zo is. Onder de boosheid zit een andere emotie. Als ik naar mezelf kijk, ben ik gewoon heel verdrietig met hoe we met zijn allen met elkaar omgaan. En onder dat verdriet zit dan een ander gevoel, waarin je veel liefde voelt. Ik kan het niet omschrijven, sommigen noemen het God. Ik gun het je dat je dat voelt. Het is een universele liefde. Als ik maar heel diep in de aarde verankerd blijf, kan mijn invloed ook heel groot zijn. Daar word ik blij van. En dan voel ik me niet tegendraads, maar nauw in het leven geweven.

Overbrugging is erg belangrijk. Een vriend van mij is overtuigd moslim. Af en toe wandelen we samen en laatst zei hij tegen mij: ‘jij bent eigenlijk religieus’. We erkennen van elkaar dat we hetzelfde voelen’. Dat vind ik prachtig, als je dat kan voelen over al die dingen heen. De verbinding zelf is het enige waar religie naar streeft. Misschien is dat slechts een artefact van onze hersenen om in de juiste trilling terecht te komen. Daar zijn verschillende aanvliegroutes voor gekozen.

Ik ben heel hoopvol en kijk naar het halfvolle glas. Ik zie iets, ik ben er verdrietig over en ik zie verandering. Den Haag is een maat die voor mij behapbaar is. In het wortelstelsel, in het weefsel zijn veranderingen zichtbaar. Het zal niet lang duren tot we plantjes gaan zien.

Ik heb een zinvol gevoel bij wat ik doe, en ik ben hoopvol gestemd.’’