Verslaafd zijn kun je ook aan eten

kantoorklein3

Eetverslavingen? Wanneer heb je zoiets en hoe pak je het aan? Je hele voedingspatroon in een keer veranderen of juist rustig afbouwen? Op deze vragen geeft Nora Huijbregts, erkend gewichtsconsulente, antwoord.

 

Hoe helpt u iemand die een eetverslaving heeft, gelet op fastfood- en suikerverslaving?

  • “Als iemand bij mij komt, heb ik eerst altijd een kennismakingsgesprek. Dan vraag ik ook: ‘Waarom heeft u bij mij een afspraak gemaakt?’ Dan ga ik een intake afnemen en daaruit halen we altijd wat er precies aan de hand is. Ze voelen wel dat ze niet lekker in hun vel zitten en geen energie hebben, maar zijn er vaak niet van bewust dat ze een eetverslaving hebben. Ik constateer wanneer iemand zo’n verslaving heeft als ik samen met ze het voedingsdagboek ga bekijken. Hieraan kan ik bijvoorbeeld zien of ze heel veel producten met suiker eten.”

 

Zij merken dus niet echt dat ze zelf symptomen hebben van een eetverslaving?

  • “Suikerverslaving betekent dat je snel en veel snelle suikers eet. Hierdoor kan de reactie zijn dat je constant pieken hebt van trek en dan weer geen trek, je energieloos voelt en dus heel moe bent. Dit gevoel gaat dan weer weg als ze eenmaal suikers gaan eten en hier stoppen ze dan ook niet mee. We moeten het hier dan samen goed over hebben, want je kunt mensen niet zomaar een stempel opdrukken dat ze een eetverslaving hebben. Het kan ook nog zo zijn dat het de bedoeling is en dat het maar voor een bepaalde periode is, dat de cliënt zich niet lekker voelt en daarom suiker eet uit troost.”

 

 Ik las hier inderdaad ook veel over in onderzoeken, dat mensen bijvoorbeeld hun emotie kwijt kunnen in eten. Hoe bent u dit tegen gekomen?

  • “Juist, dit gaat dan eigenlijk terug naar vroeger, toen je als baby borstvoeding kreeg van je moeder. Deze melk is erg zoet en dat is wat terugkomt als je dus troost zoekt. Dit zijn vaak zoete dingen. De een kan hier dus in doorslaan en de ander heeft hier helemaal geen last van. Sommige mensen hebben ook bijvoorbeeld een moeilijke jeugd achter de rug. Dan hebben ze dit vaak niet goed verwerkt en als ze dan die emoties weer op voelen komen, dan richten ze zich op suiker/eten om zich beter te voelen.”

 

Als ze dan dus bijvoorbeeld een moeilijke jeugd hebben gehad en ze komen bij u en vertellen zoiets, hoe pakt u dit dan aan? Helpt u ze dan zelf of stuurt u ze door naar een psycholoog?

  • “Vaak moet ik eerst een vertrouwelijke band met ze krijgen, willen ze zoiets vertellen. Hier vraag ik, als ze met mij door willen, natuurlijk wel naar en ik probeer ook op door te vragen, zodat ik weet waar het vandaan kan komen. Dan kijk ik naar de ernst. Tot op een zekere hoogte help ik zelf door erover te praten en als het iets is waar ik niet bij kan helpen dan vraag ik of hij/zij al psychische hulp heeft gezocht. Is dit niet het geval, dan moet dat eerst gebeuren voor we echt verder kunnen.”

 

 

Zo’n verslaving is natuurlijk verschillend per persoon, maar hoeveel tijd kost het gemiddeld om van zo’n verslaving af te komen?

  • “Ik probeer altijd stap voor stap samen met de cliënt te kijken om bepaalde voedingsproducten te veranderen door te kijken hoeveel ze van iets nemen en of je dat kan reduceren. Of bijvoorbeeld door een product helemaal te veranderen naar een product dat weinig suiker bevat. Daar start je dan wel mee.”

 

Ja precies, ik vroeg me daarom ook af of je in een klap het hele voedingspatroon verandert of dat je de cliënt rustig stap voor stap laat afkicken?

  • “Langzaam afbouwen is het beste, ook voor je lichaam. Zodra je ineens helemaal geen suiker meer neemt, krijg je last van afkickverschijnselen, denk aan hoofdpijn en trillingen. Het is dus beter om samen met de cliënt een soort plan op te stellen om stap voor stap af te bouwen. Je kijkt in dit geval wat het makkelijkste is om mee te beginnen en dat breid je uit.”

 

In uw stuk stond ook dat u gaat kijken naar de leef- en werkomstandigheden. Waar kijkt u dan precies naar?

  • “Je vraagt dan gelijk of hij/zij werk heeft of dat ze juist hele dagen thuis zitten. Heeft hij/zij veel problemen waardoor die verslaving dus kan plaatsvinden? Degene die dagelijks werkt, is dus veel met dat werk bezig en heeft tussendoor weinig tijd om suikers te gaan eten. Het kan in dit geval juist ook zo zijn dat hij/zij ’s avonds juist ineens heel veel gaat eten. De andere persoon die dagen thuis zit gaat sneller eten uit verveling, frustratie en wat voor emotie daar dan ook bij komt kijken.”

 

 Heeft u nog tips voor mensen die kampen met een eetverslaving?

  • “Crashdiëten is zeker niet de oplossing. Je eet dan een tijdje heel weinig en daardoor val je natuurlijk ook af. Zodra je op je streefgewicht bent gaan mensen snel weer door naar hoe het voor het dieet was. Je hebt je lichaam heel weinig voeding gegeven en dit vind je lichaam niet fijn, dus gaat het eten niet meer verbranden, maar juist opslaan. Verder moet er gewoon naar gekeken worden, wat voor verslaving het is en dan stap voor stap kijken hoe je dat kan veranderen. De cliënt moet zelf inzien dat het niet goed is en dan kan hij/zij verder om aan de verslaving te werken.”