Gevlucht voor de Taliban

De christelijke Marilyn was pas 14 toen ze moest vluchten uit Pakistan. “Als wij in Pakistan waren gebleven had de Taliban mijn vader vermoord.”

Pakistan, een land waar de cultuur en de regels bepaald worden door de Islam. Zo´n 95% van de bevolking is islamitisch. Toch is er daar een christelijke gemeenschap die, ondanks alle tegenslagen, blijft leven volgens hun geloof. Marilyn Asghar (16) was lid van deze gemeenschap. Twee jaar geleden vluchtte zij vanuit Pakistan naar Nederland, omdat haar vader met de dood werd bedreigd.

Nadat bekend werd dat haar vader bedreigd werd met de dood is alleen hij gevlucht. “Dat was een hele moeilijke tijd. Wij zaten steeds bij andere familieleden, omdat het voor ons ook onveilig was in Pakistan. Daardoor ben ik een jaar niet naar school geweest.”

Marilyn vertelt dat het niet verboden is om christelijk te zijn, maar dat haar vader mensen vertelde over het geloof en dat hij daarom bedreigd werd door de taliban. Toch voelde ze zich vaak onveilig op straat en ging ze bijvoorbeeld nooit met islamitische klasgenoten mee naar huis. Ze vond het wel lastig om christelijk te zijn, maar ze zegt gelijk: “God heeft ons geholpen en beschermd”.

Respect voor de profeet

In Pakistan gelden meerdere islamitische wetten, waaronder de wet op godslastering. Dit houd in dat de profeet Mohammed volgens de islam met respect behandeld moet worden. In Pakistan worden door deze wet mensen die een ander geloof dan de islam verspreiden vervolgd en berecht. Marilyn: “Als wij in Pakistan waren gebleven had de Taliban mijn vader vermoord.”

Ondanks dat mensen die het christendom verspreiden vervolgd worden, zijn er in Pakistan wel christelijke scholen – vaak opgezet in de tijd dat Pakistan nog een Britse kolonie was. Marilyn zat op zo’n school. “Het was een christelijke school, maar ik had wel docenten en klasgenoten die moslim waren”. Deze scholen zijn vaak wel het doelwit van aanslagen door moslimextremisten.

Naar Nederland

De reden dat Marilyn, haar moeder en haar broertjes en zusjes pas na anderhalf jaar naar Nederland konden komen is dat haar vader toen pas een verblijfsvergunning had gekregen. In Nederland hebben asielzoekers namelijk recht op gezinshereniging mits ze een geldige verblijfsvergunning hebben. Bang dat haar familie in Pakistan iets zal overkomen is ze niet. “Voor ons was het niet veilig vanwege de dingen die mijn vader deed. Mijn familie heeft daar geen last van.”

Het vluchten zelf voelde dubbel voor haar. Het was lastig om alles achter te laten en naar een nieuw land te vertrekken, maar in Nederland zag ze haar vader wel weer en wist ze dat haar gezin niet meer bedreigd zou worden door de Taliban.

In Nederland voelde ze zich gelijk welkom. “Alle mensen op straat doen normaal en we hebben hele aardige buren In Pakistan voelde ik me vaak onveilig als ik over straat liep, maar hier in Nederland heb ik me nog nooit onveilig gevoeld omdat ik christen ben. Ik kon gewoon naar de kerk gaan en met vriendinnen van school afspreken.”

Toch mist ze Pakistan wel. “In Pakistan hadden wij een heel groot huis met een grote tuin, nu zitten we met zijn zessen in een klein huis. En we hebben hier geen auto, terwijl we in Pakistan alles met de auto deden.” Dat Marilyn in een groot huis woonde terwijl ze christen was is een uitzonderlijke situatie in Pakistan. Veel christenen worden gediscrimineerd en kunnen alleen slecht betaalde banen krijgen.

Aan het werk

Om hier in Nederland naar school te kunnen, moest Marilyn eerst Nederlands leren. Hiervoor ging zij naar een speciale taalschool, waar ze anderhalf jaar op heeft  gezeten. Op dit moment is ze begonnen in het 4e jaar van VMBO kader. Ze vertelt dat ze later advocaat wil worden, om mensen te helpen met familiesituaties; “Als ze gaan scheiden of zoiets.”

Waar voor Marilyn naar eigen zeggen alleen de taal een probleem was, hebben haar ouders meer moeite om hun plek te vinden in Nederland. Hun diploma’s zijn hier niet geldig en daardoor kunnen ze nu al twee jaar niet werken. Haar moeder vertelt dat ze in Pakistan als verloskundige in een ziekenhuis werkte en dat ze dat hier graag weer zou gaan doen. “Ik heb een half jaar vrijwillig in een hotel hier in de buurt gewerkt in de hoop dat ze me daar aan zouden nemen, maar ook daar namen ze me niet aan.” Wel is ze van plan om hier een eenjarige opleiding verloskunde te gaan volgen zodat ze daarmee aan het werk kan.

Marilyn zou niet meer willen wonen in Pakistan. “Ik zou misschien wel voor een maand terug willen om mijn familie weer te zien, want die mis ik heel erg. Echt weer daar gaan wonen zou ik niet willen. Het is daar veel te gevaarlijk. Als wij teruggaan kan mijn vader nog steeds vermoord worden.”