Pedofilie, ethisch verantwoord?

In 2005 werd Theo van Willigenburg, hoogleraar wijsgerige ethiek, veroordeeld voor een zedendelict. Hij had seks met een 13-jarige jongen. Theo, toen 45 jaar oud, heeft veertien maanden gespendeerd in de gevangenis. In 2009 werd Theo nogmaals aangehouden. Dit keer ten onrechte, vindt hij zelf. 

“Mijn kijk op de ethiek is drastisch veranderd,” Theo schenkt een kop thee in en zet de suiker voor mijn neus. We zitten in de woonkamer. De houten boekenkast, die bijna de hele muur bedekt, is gevuld met boeken over Ethiek. Grote namen van filosofen als Kant, Nietzsche en Foucault springen eruit. Over de pedojagers die de laatste tijd actief zijn kun je best een ethisch woordje doen, vindt Theo. Hij is van mening dat pedojagers jagen op iets wat ze diep van binnen zelf verlangen. “Zoals Freud ook zegt: het is het eigen verborgen verlangen dat je niet mag nastreven, je wordt woedend en walgt van iemand die dat wel doet. Het zijn ook telkens specifiek meisjes van 15 jaar. Dat mag nét niet. Dat werkt frustrerend.” Volgens Theo moet je in ethiek altijd de psychologie meenemen. Als je emoties niet meetelt zijn ethische beslissingen vaak simpeler. Emoties zijn van belang in het denken en doen van de mens. De ethicus weet dat maar al te goed. “Ik heb het zelf ervaren, en ik ervaar het nog steeds elke dag.” Hoeveel pedofielen er in Nederland zijn? Onbewezen. In 2019 schreef het Algemeen Dagblad dat 10 procent van de mannen pedofiele gevoelens heeft. Dit is ontkracht door de Tilburg University. Er deden 143 mannen mee aan het onderzoek. Dit aantal is niet representatief genoeg voor alle mannen in Nederland.

Vooral het feit dat Theo hoogleraar wijsgerige ethiek was maakte de veroordeling voor velen onbegrijpelijk. Jarenlang is Theo leraar geweest aan de Erasmusuniversiteit. De boeken van de filosofen hebben hem als het ware door de gevangenis heen geholpen. In elke gevangenis lag zijn focus op een andere filosoof. Het deed hem denken over handelingen, over zijn veroordeling. Hij wijst naar een boek van Kant. “Ik heb hier in de gevangenis veel aan gehad. Ik ben erachter gekomen dat handelingen van mensen meer voortkomen uit emoties. Als een jongen van een jaar een drol ziet, is hij geneigd de drol op te pakken. Totdat de moeder zegt dat het vies is. Dit is ook zo met handelingen. Walging is aangeleerd. Wat ik heb gedaan bij die jongen, is voor mensen onbegrijpelijk. Het roept walging op, en dat snap ik heel goed.” 

Theo was werkzaam in een intern kerkkoor toen het zedendelict plaatsvond. Hij kreeg gevoelens voor een jongen van 13 jaar. De jongen vroeg hem of hij nog een schone handdoek wilde brengen voor het slapen gaan. Theo deed wat hem gevraagd werd. Hij bleef nog even kletsen op de rand van het bed, toen hij merkte dat de jongen opgewonden was. Op dat moment vond het delict plaats. Acht jaar later deed de jongen aangifte. “Ik was verblind. Ik maakte hem veel ouder in mijn hoofd. Het was een jonge homoseksueel, ik dacht dat hij bevestiging zocht. Toen ik later een filmpje van het koor zag waarin ik naast hem stond, wist ik niet wat ik zag.” Hij roert langzaam in zijn thee. Hij had het nooit mogen doen, vindt hij zelf. De jongen was er nog niet klaar voor, die had het liever ‘stapje-voor-stapje’ gewild. Als het ‘stapje-voor-stapje’ was gegaan, was hij dan iets met de jongen begonnen? Toen misschien wel, nu niet meer. Hij had de volwassene moeten zijn in de situatie. Hij handelde zonder na te denken naar zijn emoties. Dat heeft grote gevolgen gehad.

In de media werd hij afgeschilderd als ‘pedoprof’. Hij mag niet meer op het terrein van de Erasmusuniversiteit komen. Zelfs in de gevangenis werd hij verafschuwd. Meerdere malen is de voormalig hoogleraar in elkaar getrapt. “Als homoseksueel en pedofiel ben je niet graag gewild in de gevangenis. Ik ben ernstig toegetakeld. Tegen de bewakers klikken was niet altijd veilig, want je wist nooit aan welke kant ze stonden.” In Lelystad had Theo het redelijk goed voor elkaar. Hij had zijn assistent gevraagd een ander vonnis in te vullen. Hij deed zich voor als witteboordencrimineel. Hij viel goed in de smaak bij de gevangenen, en werd zelfs gekozen voor de ‘Gedetineerden Raad’. Hij mocht namens zijn afdeling een woordje doen met de directie. Toen bekend werd waar hij eigenlijk voor zat, gingen er geruchten over een mishandeling van de ethicus. Hij heeft meteen verlof gekregen om hieraan te ontsnappen. Theo leunt voorover en aait zijn hond over de bol. “Wacht maar tot ze naar je toe komt, anders blaft ze de hele kamer bij elkaar.” Hij kijkt vertederd naar het huisdier die zich comfortabel maakt op het tapijt. Zoals hij daar zit, ziet hij er totaal niet uit als een veroordeelde. “Gek is dat, hè. Men heeft altijd een stereotype in het hoofd van gevangenen. Ik kan beamen dat die er ook zijn. Je zult je verbazen over hoeveel mensen een delict begaan uit emotionele handeling.” Hij pakt de theepot en houdt hem boven mijn kopje. “Thee?”

 

door: Kahdra Kleij