Opvallend: Weinig toename in het aantal klanten voor Voedselbank Breda

Opvallend: Weinig toename in het aantal klanten voor Voedselbank Breda

Door Julian Jansen, 16-03-21

Breda – Voedselbank Breda ziet geen grote toename in het aantal klanten. “Wij hebben een kleine groei gezien, maar veel minder dan verwacht”, aldus Peter Krusemeijer, coördinator van voedselbank Breda. Voedselbanken Nederland (VBNL) en het Rode Kruis zien echter wel een ‘flinke groei’ van het aantal klanten die in aanmerking komt voor een voedselpakket of voedselkaart. Waarom blijft het nog zo stil in Breda?

Vrijdag is de dag waar de hele week naar toe gewerkt wordt door alle hardwerkende vrijwilligers van voedselbank Breda, gelegen aan de Koele Mei 2a. Vrijdag is namelijk de zogeheten ‘uitdeeldag’. In de grote loods wordt alles in gereedheid gebracht om het grote aantal mensen van gevulde boodschappentassen te kunnen voorzien. Met oranje hesjes en een brede glimlach op het gezicht worden alle rekken en koelkasten gevuld met boodschappen die op diezelfde dag nog afgegeven gaan worden aan de klanten van de voedselbank. En die glimlach is belangrijk, “want het moet zo laagdrempelig mogelijk zijn om hier te komen”, vertelt de praatgrage vrijwilliger Paul van Hal.

Laagdrempelig

Bij de voedselbanken wordt al jaren gewerkt om de drempel van aanmelden zo laag mogelijk te houden, legt Ans uit. “Tegenwoordig kunnen mensen zich ook aanmelden via de site. Zo word je niet gedwongen hiernaartoe te komen, maar kan

Voorbereidingen voedselbank, copyright: Julian Jansen

je gewoon jezelf aanmelden”, gaat ze verder. 20% van het aantal aanmelding die binnenkomt bij de voedselbank komt rechtstreeks vanaf de website, volgens Gatzen. “Ook via via proberen mensen elkaar steeds meer te helpen. Ze melden zich aan, omdat ze van een andere bestaande klant van de voedselbank gehoord hebben”. Een goede ontwikkeling, vindt Ans. Toch blijkt de stap voor een aanmelding nog altijd erg groot. Dit zou kunnen komen door de ondergrens van 230 euro die de voedselbank hanteert. Voordat je in aanmerking komt voor structurele hulp worden je vaste uitgaves minus je inkomen gedaan. Wanneer de uitkomst onder de 230 euro is, kom je in aanmerking voor een structureel voedselpakket. “Je merkt dat mensen in coronatijd eerst hun spaargeld opmaken, voordat ze zich aanmelden bij de voedselbank.” Dit is volgens Ans geen goede keuze, omdat de ervaring leert dat je zo steeds dieper de schulden in rolt. “Laat de voedselbank je helpen, dat scheelt een hoop”, adviseert de vrijwilligster.

 

Ondertussen wordt voor de mensen die slecht ter been zijn de blauwe herbruikbare kratten gevuld met het voedsel dat net is klaar gezet door alle vrijwilligers. Dit gebeurt met veel humor en wiegende heupen door de moderne muziek die door de hal heen galmt. Met boodschappenkarren lopen de vrijwilligers langs de klaargezette tafels. De tafels staan zo opgesteld dat er een looproute in eenzelfde richting door de ruimte heen loopt. Per tafel worden andere producten aangereikt om de kratten mee te vullen. Zo eindig je na zo’n negen tafels met twee volle kratten van o.a. fruit en brood. Met eventueel een extraatje voor de kinderen die jarig zijn.

Handen uit de mouwen

Ondanks de gevolgen van de coronacrisis en de maatregelen die genomen zijn om een aanmelding zo laagdrempelig mogelijk te maken is het aantal aanmelding nog niet aanzienlijk gestegen in Breda en Tilburg. “Dit is tegen de verwachtingen in”, laat Ans weten. Toch komt VBNL naar buiten met een ‘flinke groei’ van 7,2% aan aanmeldingen over alle voedselbanken van Nederland. Dit zijn zo’n 93.000 mensen. Een verklaring voor de stabiele cijfers in Breda en omstreken heeft Ans niet. “Maar het komt ook wel eens goed, dat moet je niet vergeten. Er zijn ook gevallen die er bovenop komen en ons niet meer nodig hebben, mits ze openstaan voor hulp”, wil coördinator Gatzen hieraan toevoegen. Voedselbanken Nederland ziet vooral een stijging van het aantal aanmeldingen in Noord-Holland (met name Amsterdam) en Rotterdam.

Als alle blauwe kratten gevuld zijn is het tijd voor de bezoekende klant van de voedselbank. Eerst de mensen in de scootmobiel, vervolgens de mensen die zelf hun boodschappen tassen kunnen vullen. Ver voor tijd staan de scootmobiel rijders klaar om het terrein van de voedselbank op te rijden. Alsof het een race is tegen de klok rijden ze naar de hal met twee grote boodschappen paraat om af te geven aan een van de vrijwilligers. “Heb jij misschien een extra tas voor mij?”, vraagt een meneer met een winkelwagen vol boodschappen. “Oh wacht! Ik zie mijn vriend al, ik vraag het hem wel!”, roept hij vol enthousiasme, terwijl hij naar een vrijwilliger loopt, die hem openlijk begroet. Ze grappen met elkaar en even later loopt de man weer naar buiten. Bepakt met drie grote boodschappentassen vertrekt hij weer naar huis, “Tot volgende week hé!”. Hij steekt zijn hand op. De luide lach van Paul echoot door de hal, terwijl hij grote stukken vlees in de boodschappentassen stopt.

De eerste scootmobiel rijders wachten op hun beurt, copyright: Julian Jansen

Rode Kruis

Terwijl allen die slecht ter been zijn geholpen is, wordt het tijd voor een pauze. Onder het genot van een broodje wordt er gediscussieerd in de kantine over het taalprobleem dat heerst bij de klanten van de voedselbank. Veel van de klanten spreekt geen of slecht Nederlands. “Je kunt het ze niet kwalijk nemen, omdat niet uitgelegd wordt hoe het hier gaat”, zegt iemand terwijl de andere vrijwilligers instemmend knikken. De klanten die vanuit buitenland naar Nederland komen hebben het geluk gedocumenteerd te zijn en gebruik te kunnen maken van de voedselbank. Het andere deel dat geen Nederlands spreekt, heeft geen documentatie en komt niet in aanmerking voor de structurele hulp. Terwijl zij dit wel het hardst nodig hebben, omdat zij door het hebben van een nul-urencontract het eerste hun baan verliezen in tijden van crisis. Deze mensen komen vervolgens terecht bij het Rode Kruis. Sandra van Houten, persvoorlichter van het Rode Kruis, zegt hier het volgende over: Wij proberen iedereen die hiervoor in aanmerking komt door te verwijzen naar de structurele hulp, maar je hebt een hele grote groep mensen die niet gedocumenteerd zijn in Nederland en zij maken geen kans op een voedselpakket. Zij blijven onder de radar, maar wij willen ze wel helpen.

Sinds het begin van de coronacrisis is het Rode Kruis daarom begonnen met het uitdelen van voedselkaarten in Nederland. Dit waren er toen zo’n 2200 per week, terwijl dit inmiddels gestegen is naar 6000 voedselkaarten per week. “Een voedselkaart is een pasje waarop een waarde staat van 15 euro. Zij kunnen die inwisselen bij de supermarkt waar wij een samenwerking mee hebben en daarmee hun voedsel en levensmiddelen kopen”, legt Sandra uit. De desbetreffende supermarkt waar Sandra het over heeft is de Albert Heijn.

Na het broodje in de kantine, maakt iedereen zich klaar om de grootste groep mensen te kunnen ontvangen. Dit zijn de mensen die zelf met hun boodschappen tas langs de tafels kan gaan om hun producten in te laden. Als iedereen klaar is druppelt het langzaam vol. Het is een drukte van jewelste. Iedereen praat met elkaar en laat weten hoe zijn week was. Het is een mix van alle soorten leeftijden, achtergronden en etniciteit door elkaar heen. Dit wordt op deze plek verbonden door een begrip: herkenning. Iedereen gaat op zijn eigen manier door hetzelfde heen. Zo zet een op het eerste gezicht schuwe vrouw direct haar capuchon af als ze de hal binnenkomt, terwijl de zon schijnt en er de hele dag geen regen is voorspelt. Er ontstaat een brede glimlach van dankbaarheid. “Normaal gesproken hebben wij een plek gereserveerd voor mensen die willen kletsen met een kop koffie en gebak. Zodat ze weer even bij kunnen praten met hun vrienden bij de voedselbank. Maar dat kan door de getroffen maatregelen helaas niet meer”, verteld Piet die 22 jaar geleden grondlegger was van de eerste voedselbank in Tilburg.

De voorraad, copyright: Julian Jansen

 

Hulp in overvloed

Kortom, mensen die niet terecht willen of kunnen bij de voedselbank, maar wel te weinig financiële middelen hebben om voor boodschappen te zorgen kunnen terecht bij het Rode Kruis. En dat terwijl de voedselbanken er alles aan doen om zoveel mogelijk mensen te kunnen helpen. De vraag of het Rode Kruis en Voedselbanken Nederland dit vol kan houden is daarop volgend een terechte vraag.

 

“Omdat de horeca maanden geleden plots dicht moest hebben zij veel overgebleven voedsel gedoneerd aan de voedselbanken”, zegt de vrijwilliger van het distributiecentrum van Breda, als antwoord op deze vraag. “Veel bedrijven steunen ons, dus wat ons betreft zal dit geen probleem opleveren”, zo eindigt hij. Voedselbanken Nederland laat weten dat, naast de flinke groei aan aanmelding voor de voedselbank, ook het aantal vrijwilligers is gegroeid. Dit is een percentage van 7,9%, bij elkaar zorgt dit voor een vrijwilligersaantal van 13.000 man. In september 2020 heeft de overheid besloten om via het Europees Sociaal Fonds meer steun te bieden aan de voedselbanken. Ook mag Voedselbanken Nederland (VBNL) een eerder toegekende noodsubsidie van vier miljoen euro breder inzetten. Er wordt dus alles aangedaan om de voedselbanken te ondersteunen en dit lijkt te werken. Want voorlopig kunnen voedselbanken als Tilburg en Breda nog genoeg monden vullen.