Lange GGZ-wachtlijsten: “Het is schrijnend”

Deurne, 20-11-2017

Het aantal patiënten dat psychische klachten bij de huisarts meldt loopt op, de wachtlijsten voor GGZ worden alsmaar langer en GGZ-instellingen sturen steeds vaker patiënten terug naar de huisarts. Dat blijkt uit een peiling van de Landelijke Huisartsen Vereniging onder 1300 huisartsen. Ulrich Schultz, huisarts in Deurne, legt uit welke effecten deze lange wachtlijsten op een huisartsenpraktijk en haar patiënten hebben.

 

Wat merkt u hiervan in uw praktijk?

 

“We zien een aantal dingen: patiënten die een chronische aandoening hebben, die met behulp van medicatie een leefbaar leven kunnen leiden en die al jaren door de GGZ behandeld worden, die komen in een keer bij ons terug met een ontslagbrief: “Deze patiënt wordt terugverwezen, dit is de gebruikte medicatie, bij vragen altijd welkom”, maar tussen de regels lees je altijd: “liever niet”, want ze hebben het veel te druk.

Wat we ook zien is dat we tegen gigantisch lange wachtlijsten aanlopen als we mensen willen verwijzen. Er wordt vaak afgezegd door GGZ-instellingen: dan wordt een afspraak met een patiënt voor over zes maanden nog een maand wordt opgeschoven, omdat het de instelling gewoon niet lukt de oorspronkelijke afspraak te halen.

Dus het is schrijnend, een fors tekort.”

 

Welke risico’s brengt zo’n lange wachtlijst met zich mee voor de geestelijke gezondheid van een patiënt?

 

“Kijk, volgens mij moet je dan niet gelijk aan ernstige zaken als suïcide gaan denken. Het draait vooral om het leed onder mensen. Dat is niet echt een risico, maar het is niet fijn als mensen niet geholpen kunnen worden.”

 

En buiten suïcide? Komt het voor dat mensen door die lange wachtlijst meer of ergere klachten krijgen?

 

“Nou ja, mensen zijn daardoor natuurlijk langer ziek. Vergelijk het met een gebroken been:  normaal gesproken wil je die dezelfde dag in het gips hebben, en dan zijn ze geholpen, want dan is de pijn over. Als je een tekort aan gipsmeesters hebt, duurt het misschien vijf of zes dagen. Dan moeten ze zes dagen lang met heel veel pijn rondlopen, tot ze in het gips gaan. En zo moet je dat vergelijken met geestelijke pijn. Het duurt dus langer voordat mensen herstellen.”

 

Veel praktijken werken met medewerkers Praktijkondersteuning Huisarts GGZ (POH-GGZ). Uw praktijk ook? Hoe belangrijk is zij?

 

“Die hebben wij ook, ja.

Zij is in die zin belangrijk dat ze in onze praktijk de “sociale kaart” kent. Dat wil zeggen: ze weet waar zij een patiënt naartoe moet verwijzen. Een patiënt waarbij de nood niet te hoog is, kan zij bijvoorbeeld zelf behandelen. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij milde depressies, burn-outs, levensvragen.

Op het moment dat zij zegt: dit geval kan ik niet aan, dan heeft zij een groot genoeg netwerk om die mensen gericht te verwijzen. Maar ook zij loopt natuurlijk tegen de wachtlijsten aan. Een voordeel is dat zij hier werkt via POZOB (Praktijkondersteuning Zuidoost-Brabant). POZOB heeft afgesproken met de ziektekostenverzekeraars dat onze patiënten die verwezen worden via de POH-GGZ door een achterdeurtje wat sneller bij de GGZ terecht kunnen.”

 

Wat is nu eigenlijk de oorzaak van die hoge druk binnen de geestelijke gezondheidszorg?

 

“Volgens mij is het een combinatie van de maatschappelijke druk op individuen en het aanbod van patiënten, dat ook veel groter is. Daarnaast is het ook een stukje bezuiniging: de GGZ beschikt over minder geld en kan daardoor minder mensen helpen.”

 

Ziet u dan graag dat er vanuit overheidswege meer gedaan wordt om dit probleem te verlichten?

 

“Nu ja, op dit moment heeft de overheid ervoor gekozen de POH-GGZ meer taken te laten uitvoeren om zo de kosten van de GGZ-instellingen te verminderen. Maar dat hebben ze mijns inziens in de verkeerde volgorde gedaan. Ze hebben er meteen een soort van bezuiniging van gemaakt, en meteen voelden wij de druk op onze spreekuren. De patiënt konden we in de spreekuren niet voldoende helpen. Uiteindelijk is daarvoor de POH-GGZ als oplossing gekomen. Maar al die plekken die bij de GGZ zijn weggehaald, die kan zij natuurlijk niet opvullen.”

 

Wat zijn de mogelijkheden voor GGZ-patiënten onder de hoede van de huisarts die een terugval maken? Kunnen zij zonder meer opnieuw bij een GGZ-instelling terecht?

 

“Die komen weer keihard op de wachtlijst terecht. Dat is weer achter aansluiten.

Veel mensen zijn dan ook niet meer gemotiveerd als ze horen dat ze weer een half jaar moeten wachten.

Maar daar zit ook een stukje selectie in: mensen met hoge nood blijven op de wachtlijst staan, en die anderen bezoeken ons spreekuur dus vaker.”

 

En wat betekent het voor patiënten als huisartsenpraktijken hun maximale capaciteit voor GGZ bereiken?

 

“Wij hebben bij onze POH-GGZ ook al een wachtlijst. Toen we begonnen was die twee weken, nu is hij drie, vier – in drukke perioden zelfs zes – weken. En dat kunnen wij ook niet tegenhouden. Zo is het nu eenmaal. Maar dat is nog altijd korter dan die zes maanden.”

 

Wat kunnen patiënten die op een wachtlijst staan ondertussen zelf doen om grip op hun situatie te houden?

 

“Wat ik zelf in de tussentijd in ieder geval probeer is om ze bij mij op het spreekuur te laten komen. Om in ieder geval die vinger aan de pols te houden en te voorkomen dat er crisis ontstaat.

Met crisis is het dan op zich wel goed geregeld: bij de GGZ kennen ze crisis of geen crisis. Crisis betekent nu helpen, geen crisis betekent over zes maanden. Daartussen zit helaas bijna niks, en dat gat vullen wij op, als huisarts of POH-GGZ zijnde.”

 

Heeft u als huisarts invloed op de wachtlijst van de GGZ?

 

“Nee, absoluut niet. Wij schrijven een digitale verwijsbrief, en dan hoop je maar dat ze die ook daadwerkelijk lezen en aan de hand daarvan de urgentie bepalen.”

 

Hier in Zuidoost-Brabant zijn de GGZ-instellingen natuurlijk dun gezaaid.

 

“Ja, maar ga maar eens kijken in het westen van het land, daar wordt je ook niet vrolijk van. Het is echt gewoon landelijk. Want er is destijds natuurlijk een enorme bezuinigingsgolf geweest. Dat wreekt zich natuurlijk. En puur theoretisch wordt het aanbod van patiënten steeds groter, vanwege de maatschappij: alles moet sneller, we hebben een economische crisis gehad, mensen zijn ontslagen. Het aantal mensen in psychische nood is wat groter.”