‘Het laatste dat ik moet willen is dat ze me allemaal fantastisch gaan vinden’

Door: Stan Wagtman

ROTTERDAM – Het is bijna lunchtijd. Op de redactie van het AD maken de eerste redacteuren zich er klaar voor. Het is er een wirwar van geluid en mensen. Vanuit de kantine komt al de geur van vers gebakken broodjes. Ondertussen zit Angela de Jong (43) nog druk te tikken op haar toetsenbord. Ze is bezig met de column van vandaag, waardoor het voor alles en iedereen in Hilversum weer oppassen geblazen is. Wanneer Angela een column schrijft over wat haar opvalt op televisie, spaart ze tenslotte niemand.

Inmiddels is het 12 uur als Angela met een groene appel in haar hand komt aangelopen: “Sorry, het duurde wat langer. Ik ben een beetje ziekjes. Maar van thuis in bed liggen word ik ook niet vrolijk. Alleen zou ik als ik jou was niet te dichtbij komen, dan word je ook ziek.” Als de verhalen in de media waar zijn, is in de buurt komen van Angela sowieso geen goed idee. Opiniediva, vijand van Gordon, beul van Humberto Tan; het zijn allemaal bijnamen die voor de in Gouda geboren Angela zijn gebruikt de laatste anderhalf jaar.

Anderhalf jaar pas, want daarvoor kenden nog niet veel mensen haar. Angela volgde de Postdoctorale Opleiding Journalistiek PDOJ aan de Erasmus Universiteit, werkte voor het Rotterdams Dagblad en komt in 2005 bij het Algemeen Dagblad terecht. Sinds 2010 is ze TV-columnist bij de krant. Ze is dan sporadisch wel eens op TV te zien, maar wanneer ze in 2017 de Slimste Mens wint, neemt haar carrière een enorme vlucht. Vanaf dat moment gaat ze vijf dagen in de week een column over televisie schrijven. Ook wordt ze steeds vaker uitgenodigd om bij onder andere Jinek, De Wereld Draait Door en Goedemorgen Nederland haar mening te geven over alles wat er op televisie te zien is.

En zoals dat gaat, volgt er dan kritiek. Het grote verwijt dat ze krijgt is dat ze Humberto Tan zo erg beschadigt dat hij van RTL Late Night wordt ‘afgehaald’. Maar daar blijft het niet bij. Angela krijgt de volle laag van Gordon, Peter R. de Vries brandt haar regelmatig af bij De Wereld Draait Door en Wendy van Dijk zegt zelfs dat ze Angela op haar gezicht wil slaan.

Ondanks alle woede, kritiek en haatreacties op internet blijft Angela doorgaan met het maken van haar kritische columns in haar rubriek in het AD. Ze lijkt zich door kritiek niet te laten tegenhouden, maar toch: doet alle kritiek haar dan niets?

Ik moet zeggen dat ik best nerveus ben voor dit interview. Als ik de media moet geloven, ben je een norse opiniediva die alles verschrikkelijk vindt om naar te kijken.

“Haha, ja tuurlijk. Daar hebben ze belang bij.”

Moest je wennen aan je bekendheid?

“Ja, echt wel. Ik had dit namelijk nooit verwacht. Bekend zijn vanwege je werk is hartstikke eervol, maar het is niet dat ik het geweldig vind. Ik heb kinderen van 12, 10 en 5 jaar, wat bekend zijn niet altijd leuk maakt. Als ik op zaterdagavond ergens ga eten met mijn gezin of als ik op wintersport ga word ik nu bijvoorbeeld vaker herkend. Dan hoor ik achter me: ‘is ze het nou wel of niet?’. En bij mij in de buurt valt het wel mee. Dat komt ook omdat ik al best wel lang in Schiebroek woon. In de supermarkt zie ik wel eens mensen kijken, maar verder weet iedereen in mijn omgeving dat ik daar woon en wat voor werk ik doe. Plus dat de ouders van de kinderen op school mij ook al voor die tijd kenden, dat is het fijne.“

Maar het is wel snel gegaan, he?

“Enorm snel, bizar. Het is ook nooit mijn doel geweest om bekend te worden. Ik schrijf al zeven jaar columns voor het AD over televisie. Vanaf het moment dat ik de Slimste Mens won mocht ik dat 5 keer per week gaan doen. Het is populair bij de lezer en het slaat aan. Maar dat het zo gelopen is, dat had ik nooit gedacht. In de hoogtijdagen met de ruzie met Gordon stond Edwin Smulders zelfs voor mijn deur te kamperen en foto’s te maken. Dat is wel het meest merkwaardige wat ik nu tot nu toe heb meegemaakt. Toen dacht ik wel: het moet niet gekker worden. Maar ik besef wel dat ik geluk heb met mijn baan, dus ik heb niks te klagen.”

Er bestaat een beetje een beeld van jou dat je op de bank ligt, alles afkraakt en er een stukje over schrijft.

“Haha, was dat maar zo. Ik doe dit werk omdat ik televisiekijken heel leuk vind. S ’Middags begin ik om 17:00 uur met kijken en rond 00:30 uur ben ik klaar. Ik kijk alles. De dag erna schrijf ik mijn column, dus dat gaat echt niet in een opwelling. Ik denk goed na over wat ik schrijf. Bij alles wat ik schrijf geef ik argumenten om mijn mening uit te leggen. Maar ja, ook al leg je het uit: je krijgt alsnog kritiek.”

Wat vind je daarvan?

“Het doet mij steeds minder. Ik doe dit werk niet om vrienden te maken. Ik zit hier voor de lezer en om te vertellen wat ik van televisieprogramma’s vind. Dus niet om bepaalde televisiemakers naar de mond te praten. Ik vind het ook wel prima, want het laatste dat ik moet willen is dat ze me fantastisch vinden. Dan doe ik pas echt iets fout. Ik denk dat ik een bepaalde snaar raak. Ik heb een bepaalde smaak. En op de een of andere manier is de smaak die ik heb dezelfde als van heel veel mensen. De stem van de doorsnee televisiekijker dus. Maar dat sommige coryfeeën uit Hilversum zich de laatste tijd heel erg laten kennen, daar moet ik enigszins om grinniken.”

Waarom?

“Voor mensen uit Hilversum is kritiek redelijk nieuw. Zij noemen de kritiek op Humberto ‘op de man spelen’. Maar als het over televisie gaat, dan gaat het toch automatisch over de mensen die erop te zien zijn? Dan moet je maar niet op televisie komen. Wat Humberto doet in zijn vrije tijd moet hij zelf weten, alleen: als ik door een affaire anders naar hem kijk omdat hij niet meer de gezellige familieman is die hij pretendeert te zijn, dan benoem ik dat. ‘’

Heb je eigenlijk te veel invloed in Hilversum?

“Ik hoor het de laatste tijd wel eens voorbij komen. Dat vind ik een enorm compliment. De mensen die mij de schuld van Humberto in de schoenen schuiven, zeggen dus eigenlijk dat ik de meest belangrijke persoon in Hilversum ben. Dat denk ik niet hoor, maar zo probeer ik het maar te zien. En ik zeg altijd maar zo: als televisiemakers wat ik zeg complete onzin vinden, dan zouden ze me niet zo vaak uitnodigen voor hun programma’s.”

Wat vind je over het algemeen van de televisieprogramma’s van nu?

“Veel kan beter. Kijk bijvoorbeeld naar de commerciële omroep. Die leven op een roze wolk. Ze zitten nog in het standje van vier jaar geleden. Ze maken grote shows en gaan ervan uit dat de kijker toch wel kijkt. Vroeger was dat ook zo bij RTL. Alles wat ze programmeerden was een succes. Ze zijn alleen gemakzuchtig geworden en vergeten te vernieuwen. Op een gegeven moment krijg je als kijker dan het gevoel van dat je niet meer serieus genomen wordt.”

Vind je dat je soms te ver gaat in je columns?

“Nee, helemaal niet. Er zitten altijd argumenten bij en ik hou het echt keurig. Ik heb nog nooit iemand op zijn uiterlijk afgerekend of zo. Ik heb van alles over mezelf zien langskomen, zoals dat ik een racist ben en dat soort dingen. Dikke vette onzin.”

Komt de hoofdredacteur van het AD ook wel eens naar je toe van: “Angela, het mag wel een onsje minder”?

“Nee, nooit. Toen de discussie rond Humberto Tan losbarstte ben ik wel naar hem toe gegaan met de vraag of ik te ver was gegaan. Ik vind zelf overigens van niet, hoor. Hij ook niet. Ik schrijf op een manier die in de sport en politiek al heel lang bedreven wordt, maar in de televisiewereld nieuw is. En de ego’s in televisieland zijn ook net even groter dan in de sport of politiek. Een vast grapje van mij is dat je als televisiemaker daar altijd te horen krijgt van ‘schat, wat was je geweldig vanavond. Het ligt niet aan jou dat de kijkcijfers niet zo goed zijn.’ Ja, dan is het heel vervelend dat er iemand uit Rotterdam komt en zegt waarom het juist niét zo heel goed is.”

Ben je te vaak op televisie?

“Dat vind ik wel meevallen. Ik zeg lang niet tegen alles ja. Maar ik vind dat ik wel de verantwoordelijkheid moet nemen voor wat ik schrijf. Ik moet mijn mening ook durven uitdragen aan een talkshowtafel. Ze kunnen me niet verwijten dat ik iemand ben die achter de computer de meest gemene dingen zit te tikken en vervolgens verdwijnt in de anonimiteit. Ik zeg en vind dit en daar sta ik voor.”

Je criticasters zeggen ook dat je alle mogelijkheden om op televisie te komen aangrijpt. Maar zeg je dan ook wel eens nee?

“Dat moet wel. Je wil niet weten hoeveel verzoeken ik krijg, ook voor andere programma’s dan talkshows. Als er iets spannends gebeurt in Hilversum bellen ze vaak meteen. Toen bekend werd dat RTL Late Night zou gaan stoppen bijvoorbeeld, werd ik direct door allerlei programma’s gebeld. Jinek was de eerste en die had ik mijn woord gegeven, dus ben ik daar die avond naar toe gegaan. Achteraf had ik overigens ook wel met Peter R. de Vries bij DWDD willen zitten. Die was ineens 180 graden gedraaid in zijn mening en verkondigde wat ik in oktober al tegen hem zei maar wat volgens hem allemaal onzin was. Veel programma’s willen op dat soort momenten even iets van me horen. Daar ontkom ik niet aan.”

Even terug naar de kritiek. Typ je wel eens je naam in op Google om te kijken wat er over je geschreven wordt?

“Nee, eigenlijk nooit. Dan blijf ik bezig.”

Ik heb dat wel gedaan. Er stond een column van Marcel van Roosmalen op NPO Radio 1 op. De column heette Angela de Jong kan niks. Dat moet toch vervelend zijn om te horen?

“Ik ben telkens weer verbaasd dat ik blijkbaar belangrijk genoeg voor mensen ben om een column aan te wijden. Aan de andere kant ben ik kennelijk ook een bedreiging voor het gesloten televisiewereldje waar de grachtengordel de dienst uitmaakt. Een wereld waarin mensen als Marcel van Roosmalen goed kunnen gedijen. Vroeger wilde ik graag dat iedereen mij aardig zou vinden, maar dat heb ik inmiddels wel laten gaan. Ik ben geen nu eenmaal geen allemansvriend. Je vindt me leuk of niet leuk. En volgens mij is dat ook een beetje wat het moet zijn. Maar ik ben niet arrogant hoor, al klinkt het misschien zo.”

Snap je dat mensen dat wel zouden kunnen denken?

“Dat begrijp ik zeker. Maar als ik nu op mijn 43ste nog in een totale crisis zou moeten raken omdat mensen mij niet aardig vinden, dan doe ik het ook niet goed. Sommige mensen vinden me leuk, sommige niet. Gelukkig zijn de mensen die het leuk vinden in de meerderheid, maar dat zijn ook de mensen die je over het algemeen niet zo vaak hoort.”

Maar specifiek over de column van Marcel van Roosmalen?

“Ik heb de Slimste Mens gewonnen en Van Roosmalen kwam niet eens in de finale, haha. Dat zegt genoeg lijkt me. En ik neem waar ik over schrijf heel serieus.”

Heeft kritiek je columns toch wel eens beïnvloed?

“Dat denk ik wel. Soms ben ik richting een vakantie moe en dan denk ik: dit ga ik niet schrijven, want dat levert alleen maar gezeik op. Dat ga ik niet doen. Dan heb ik gewoon even geen zin in al het gezeur. Maar het gekke is alleen dat gezeur altijd komt op columns waarbij je het niet verwacht. Dan ga je ervan uit dat je een redelijk ‘saaie’ column hebt geschreven, maar dat levert dan ineens bakken kritiek op. Of je typt iets waar je een hoop commotie op verwacht, maar dan valt het vervolgens weer heel erg mee. Maar ik hou op sommige momenten dus een beetje rekening met wat ik schrijf.”

De kritiek komt vaak ook via sociale media tot stand. Maak jij gebruik van sociale media?

“Ik heb een Facebookpagina waar iedere dag mijn column op wordt gepubliceerd, maar die wordt beheerd door de krant. Zelf heb ik wel een Facebookpagina aangemaakt, maar doe er echt niets mee.”

Heb je er geen behoefte aan of is dat bewust?

“Bewust, maar de behoefte is er ook niet. Op sociale media is kritiek geven zo makkelijk. Eén iemand verdraait een zinnetje, geeft er kritiek op en het gaat een compleet eigen leven leiden. Als ik dat de hele dag zie, word ik daar dan vrolijk van? Dat iemand met een foto met kattenoortjes op Instagram mij kritiek geeft, zonder dat het daadwerkelijk ergens op slaat, heeft voor mij geen meerwaarde.”

Schrijf je je column een beetje om opschudding te veroorzaken?

“Ik heb in principe nooit een doel gehad met m’n column, behalve dan mijn mening geven. Maar nu denk ik: als het eraan bijdraagt dat de televisie in Nederland een beetje beter wordt, dan is dat mooi meegenomen. En om nog maar een vooroordeel weg te nemen: ik schrijf altijd mijn eigen mening. Ik ga geen dingen schrijven waar ik niet achter sta.”

We hadden het er net al even over dat je regelmatig op televisie te zien bent. In een interview met Intermediair gaf je aan dat werken in de televisiewereld je ook wel erg leuk lijkt. Wanneer kunnen we je eerste eigen talkshow verwachten?

“Die was er bijna geweest, haha. Ik ben door John de Mol gevraagd of ik samen met Jan Versteegh en Albert Verlinde 6 Inside wilde presenteren. Ook ben ik gepolst voor iets op de late avond. Maar dat heb ik niet gedaan.“

Waarom niet?

“Het was wel heel eervol en er stond ook een heleboel geld tegenover, maar ik vind wat ik nu doe leuker. Ik wilde vroeger al over televisie schrijven voor het AD en dat is gelukt. Ik hoef niet zo nodig iedere dag met mijn gezicht op televisie. Dat is totaal mijn drijfveer niet. Dacht je van wel?”

Dat niet, maar je bent wel een beetje het type voor eigen talkshow. Wil je zo iets ook niet in de toekomst?

“Misschien komt er ooit nog iets op mijn pad, maar ik acht de kans niet zo groot. Wat ik nu doe vind ik echt heel erg leuk. Ik hoop dit nog heel lang te kunnen doen. Maar mijn leven is de laatste tijd zo snel veranderd, dat ik niets meer uitsluit.“