De invloed van Corona op het Deense onderwijs

Door: Siem van der Kaa, Tom Schuerman & Merel Boerboom

HET DEENSE ONDERWIJSSYSTEEM

Het Deense onderwijs behoort, net als het Nederlands onderwijs, tot het beste onderwijs van de wereld. Echter is het Deense onderwijs in veel opzichten divers van het Nederlandse onderwijs. Naast een totaal ander schoolsysteem, krijgen de Deense leerlingen vaker les in de buitenlucht en zijn de lessen praktijkgerichter ingedeeld dan de Nederlandse lessen.  

Folkeskole (6-16 jaar) 

De Folkeskole omvat het Nederlandse basisonderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Deense kinderen gaan vanaf hun zesde levensjaar naar de Folkeskole. De klassen bestaan uit maximaal twintig leerlingen, die les krijgen van minimaal twee leerkrachten. Leerlingen met een leerachterstand zitten in de klas bij elkaar. De Folkeskole telt negen officiële leerjaren, maar er is een optie voor een tiende leerjaar. In het tiende leerjaar ligt de nadruk voornamelijk op het voorbereiden van de leerlingen op het vervolgonderwijs, maar ook op het creëren van sociale vaardigheden en internalisering.  Het vrijwillige tiende leerjaar wordt vaak gekozen door leerlingen die nog niet klaar zijn voor het hoger voortgezet onderwijs of nog geen keuze hebben gemaakt in welke richting zij een vervolgopleiding willen gaan doen. Dit leerjaar wordt vaak op boardingschool gevolgd, waarin de leerlingen intern gaan. De Folkeskole wordt afgesloten met een landelijk examen.  

Vervolgopleiding 

Na de Folkeskole gaan de leerlingen naar de Deense variant van de bovenbouw van het voorgezet onderwijs. Deze variant bestaat uit drie verschillende hoofdinrichtingen: 

  1. algemeen; 
  2. technisch en administratief; 
  3. beroepsvormend. 

  

Hoofdinrichting type 1: de Gymnasier 

De Deense leerlingen kiezen een van de twee algemene profielen die aan de Gymnasier worden gedoceerd, ofwel natuurwetenschappelijk (naturfoglig) of linguïstisch (spralig). Elk van de profielen omvat profielvakken: gemeenschappelijke vakken en keuzevakken. Deze vakken kunnen op drie niveaus worden bestudeerd. Aan het einde van het derde jaar wordt een eindexamen afgenomen, waarin de leerlingen op tien vakken worden geëxamineerd. Op grond van het resultaat wordt het Studentereksamen (STX) verleend, dat gelijk staat aan een Vwo-diploma.   

  
Hoofdinrichting type 2: Handel/Højere Teknisk 

Het tweede type bovenbouw duurt eveneens drie jaar, waarbij naast algemeen vormende vakken, ook vakken worden gedoceerd uit een administratieve, economische, dan wel technische richting. Deze opleiding wordt afgesloten met verlenen van het Handelseksamen (HHX) of het Højere Tekniskeksamen (HTX). Ook deze diploma’s zijn te vergelijken met een Vwo-diploma voor het algemeen vormende deel en Mbo-opleiding niveau 4 voor het beroepsvormende deel.  

  

Hoofdinrichting type 3: Erhvervsuddannelser 

Het derde en laatste type van de bovenbouw van het Deense voortgezet onderwijs is het Ehrvervsuddannelser, ook wel Vocational Education and Training (VET) genaamd. De VET-opleiding is vergelijkbaar met de beroeps opleidende- en beroepsbegeleidende leerwegen in Nederland. Deze opleiding duurt twee tot vijf jaar. Met een VET-diploma is men gekwalificeerd voor de arbeidsmarkt, maar ook voor het (kort) Hoger Beroepsonderwijs. Dit diploma is te vergelijken met een Mbo-diploma niveau 2/3/4, afhankelijk van de opleidingsduur en richting.  

  

Het hoger onderwijs 

Net als het Nederlandse hoger onderwijs, kent het Deense een binair systeem, met onderscheid tussen het wetenschappelijk onderwijs en het hoger beroepsonderwijs. In het wetenschappelijk onderwijs wordt onderscheid gemaakt tussen de multidisciplinaire universiteiten en gespecialiseerde instellingen met aparte programma’s in de creativiteitssector.

In het hoger beroepsonderwijs wordt onderscheid gemaakt tussen instellingen die opleidingen van korte duur verzorgen (beroepsacademies) en instellingen die opleidingen van langere duur aanbieden (professionshøjskole) Beroepsacademies bieden 15 programma’s aan, vaak commercieel of technisch gericht van twee jaar.  De professionshøjskolen bieden een twintigtal verdergaande opleidingen aan, die drie tot vijf jaar duren. Dit zijn vaak opleidingen die betrekking hebben op de zorgsector en het onderwijs.  

Een belangrijk verschil tussen het Nederlandse en Deense hoger onderwijs is het aanvangsniveau van zowel het wetenschappelijk onderwijs als het hoger beroepsonderwijs. Deense studenten met hierboven genoemde diploma’s voldoen in principe aan de algemene toelatingscriteria voor beide typen hoger onderwijs. Echter voor veel studierichtingen gelden aanvullende eisen met betrekking op vakinhoudelijke voorbereiding en/of werkervaring. Voor veel studierichtingen bestaat een numerus clausus of moet er voorafgaand een toelatingsexamen worden afgenomen. De leerlingen met het beste resultaat mogen dan het opleidingsprogramma volgen.  


Deense scholen in de coronatijd  

  

27 februari: het coronavirus bereikt Denemarken  

Op 27 februari krijgen zowel Denemarken als Nederland te maken met het coronavirus. Op deze dag maakt de Deense overheid bekend dat er een coronageval in Denemarken was.  Volgens nationale autoriteiten zou het gaan om een man die op skivakantie was geweest in het noorden van Italië. Hij zou samen met zijn familie meteen in quarantaine zijn geplaatst. De Deense regering neemt dit geval meteen serieus. ‘’We moeten nu beginnen met het virus opsporen en de verspreiding stoppen’’, aldus Magnus Heunicke, de Deense minister van gezondheid. De Deense gezondheidsorganisatie de SSI geeft na dit ongeval aan dat er waarschijnlijk meer besmettingen zijn en komen, maar dat het niet zal uitlopen tot een epidemie.  

In Nederland ging het ook om een man die in het noorden van Italië was geweest: een man van 56 jaar uit Loon op Zand. Hij zou voor zijn werk op een beurs zijn geweest in Lombardije. Op 28 februari kreeg de minister van medische zorg Bruno Bruins ‘het briefje’ waar opstond dat het eerste coronageval in Nederland was. De strijd tegen het virus kon voor beide landen beginnen.    

12 maart: Denemarken in lockdown  

Vier dagen voordat Nederland besloot om de scholen dicht te doen, had Denemarken dit besluit al genomen. Denemarken gaat in een lockdown: grenzen dicht, horeca dicht en bijeenkomsten werden geschrapt. Zo gingen ook alle scholen in het land, van kleuteropvang tot Universiteit, voor twee weken op slot. Hoewel er nog niemand aan het coronavirus overleden is, stijgt het aantal besmettingen fors.   

7 april: regering wil de scholen weer openen  

Tijdens een persconferentie geeft premier Mette Frederiksen aan dat Denemarken als eerste   

Land in Europa de maatregelen rondom het coronavirus wil versoepelen en de kinderopvang en een deel van de basisscholen, groep 1 tot en met groep 6, vanaf 15 april weer wil openen. De Deense regering zegt zelf het virus onder controle te hebben: zo daalde het aantal ziekenhuisopnames deze maand. Mette Frederiksen wil dat het land niet langer op slot zou moeten dan nodig is en door de Deense kinderen naar school te brengen, kunnen ouders ook makkelijker hun werk doen.   

De persconferentie leidt tot kritiek. Veel ouders zijn bang dat hun kinderen besmet raken als ze weer terug zouden gaan naar school. Die kritiek wordt vooral geuit in de Facebook-groep: ‘My child is no guinea pig for COVID-19’ die al snel 40.000 volgers had. Oprichter Sandra Anderson: ‘’Ouders vragen zich af waarom juist hun kinderen als eerste naar buiten moeten.”  

Op het Nederlandse besluit om de basisscholen voor een deel te openen vanaf 11 mei komt de kritiek vanuit een andere hoek: de leraren willen de scholen dicht houden. De lerarenvakbond Leraren In Actie (LIA) maakt zich zorgen over de gezondheid van het personeel als de scholen opengaan, aangezien het nog onduidelijk is of het virus kan overspringen van kinderen op ouderen. Zij komen met het plan om de zomervakantie te verkorten en in die periode de leerachterstand inhalen.   

8 april: de regering reageert op de kritiek  

Tijdens een persconferentie reageert het hoofd van de Deense gezondheidszorg, Søren Brostrøm, op de kritiek van de bezorgde ouders. Hij maakt het volk duidelijk dat de leerlingen en leraren zeker geen proefkonijnen zijn en dat de heropening van de Deense basisscholen geen experiment is.   

15 april: de basisscholen openen voor een deel haar deuren  

Op de woensdag na de paasvakantie krijgen de eerste Deense kinderen na een maand weer les. Kinderen van groep 1 tot en met 6 mogen weer naar school. De scholen moeten zich wel aan strikte regels van de overheid houden. Zo moeten de leerlingen twee meter afstand houden van elkaar en krijgen ze les in groepjes van maximaal twaalf personen. Een schooldag duurt maximaal tot een uur ’s middags en na school moeten alle faciliteiten goed schoongemaakt worden. Voor de ouders is het verboden de school te betreden. Ondanks al deze beperkingen zijn veel kinderen blij dat ze weer naar school mogen, zo ook de leerlingen van de Norrebro Park Skole in Kopenhagen. ‘’Ze zijn erg blij om hun vriendjes weer te zien. Een leerling zei tegen mij dat hij nu ziet hoe belangrijk school is. Soms zien we pas hoe belangrijk iets is als we het lang gemist hebben’’, aldus Henrik Wilhelmsen, schoolhoofd van de Norrebro Park Skole.   

3 mei: Deense besmettingsgraad omhoog  

De Deense basisscholen zijn pas 3 weken open en het ging al mis. De besmettingsgraad in Denemarken is gestegen van 0,6 naar 0,9. Dit betekent dus dat iedere 100 coronapatiënten in Denemarken er 90 besmetten. Als de besmettingsgraad boven 1 komt, neemt het virus dus toe. Nederlandse media leggen meteen de link tussen de heropening van de basisscholen en de verhoogde besmettingsgraad. Zo luidde de kop van NU.nl: ‘besmettingscijfer Denemarken gestegen na heropening scholen’. Is het nu nog wel veilig voor Nederland om de basisscholen over een week te openen? Gaat de regering de plannen aanpassen?  

In Denemarken zien ze dit echter niet als een groot probleem. Ze denken dat er geen tweede coronagolf aan zal komen. Volgens viroloog Christian Wejse van de Universiteit van Aarhus zijn de meningen in Denemarken verdeeld over of die verhoogde besmettingsgraad wel een probleem is. ‘’Het getal is een schatting en geen concreet cijfer. Een besmettingsgraad van 0,9 betekent nog steeds dat het aan het dalen is. Die 0,9 is gebaseerd op het aantal ziekenhuisopnames van mensen met COVID-19, maar dat is niet omhooggegaan. Sterker nog, het aantal patiënten daalt juist. Het is wel waar dat door de versoepelingen van de maatregelen er meer druk op komt te staan dat alles goed verloopt, maar die druk zien we niet terug in het aantal besmettingen. Ondertussen zijn naast de basisscholen ook andere sectoren geopend, zoals de kapper en de tattooshops. Ik denk dat het logischer is dat de opening van die sectoren voor de verhoogde besmettingsgraad gezorgd hebben’’, aldus Christian Wejse 

12 mei: besmettingsgraad zakt naar 0,7  

De heropening van de scholen blijkt toch geen probleem te zijn. Nu de scholen al bijna een maand open zijn, is de besmettingsgraad in Denemarken gezakt van 0,9 naar 0,7. De Deense staatsviroloog Kare Molbak kijkt optimistisch naar deze daling. ‘’Met deze kennis is het zeer onwaarschijnlijk dat er een tweede coronagolf in Denemarken komt’’, aldus Kare Molbak tijdens een persconferentie.   

Nu de heropening van het onderwijs in Denemarken goed is verlopen, is het de beurt aan Nederland. Sinds gisteren zijn ook hier de basisscholen geopend. In tegenstelling tot Denemarken gaan in Nederland alle groepen van de basisschool terug naar school, maar hier krijgen de kinderen voor de helft van de dag les op school. De andere helft van de tijd zullen zij thuis aan school moeten werken.   

Toekomst: hoe komt Denemarken uit de coronacrisis?  

Denemarken is dus niet bang om terug te vallen in een piek van coronabesmettingen. Volgens Christian Wejse gaat de Deense politiek niet voor een ander plan van aanpak, ook niet als de besmettingsgraad nog steeds 0,9 zou zijn. ‘’Het aantal besmettingen in Denemarken daalt over het algemeen. We zullen moeten wachten tot we nieuwe cijfers voor de besmettingsgraad binnenkrijgen over twee weken. Pas als die boven de 1,0 komt, gaan er weer sectoren dicht. Zolang dat niet gebeurt, kunnen wij doorgaan met het elimineren van COVID-19’’, aldus Christian Wejse. 

Voor het hele interview met Christian Wejse over de toekomst van Denemarken kun je hier klikken: 

 

—————————————————————————————————————————————–

Video: Effecten thuisonderwijs op Deense studenten 

De scholen zijn dicht. Studenten krijgen nu les vanuit hun slaapkamer, woonkamer of misschien wel de tuin. Het is een hele verandering voor ze. Een verandering die niet zonder consequenties blijkt te zijn…
Video: Examen afleggen tijdens de coronacrisis

—————————————————————————————————————————————–

De coronacijfers van Deense basisscholen