“Onze klanten zijn een dwarsdoorsnede van de samenleving”

Coffeeshops zijn donkere, kleine hokjes waar veel spannende dingen gebeuren en alleen het ergste tuig komt; de vele vooroordelen die er bestaan over de coffeeshop ondermijnen het beeld ervan.

 

Door: Cas Hoekstra

De plek waar je voor je softdrugs terecht kan is deel van onze cultuur geworden, maar er heerst bij velen vooralsnog een verkeerd beeld. De coffeeshop verdient een eerlijke blik op de gang van zaken. De vooroordelen moeten de wereld uit. Genoeg reden om eens langs te gaan bij mensen die dagelijks ervaren hoe het er aan toe gaat in de praktijk. Bedrijfsleider van The Grass Company in de Piusstraat Bram de Gunst en zijn assistente Lynne Volwater vertellen hoe het zit.

In The Grass Company zitten een stuk of tien klanten te genieten van wat eten, wat drinken en een jointje. Het geluid van Bob Marleys stem vult de ruimte. Achter de bar staan drie medewerkers die de klanten vriendelijk groeten. Door de grote ramen komt veel zonlicht binnen, wat een open en eerlijke sfeer creëert. Veel van wat er wordt gezegd over coffeeshops blijkt hier helemaal niet waar te zijn.

Wat maakt het werken in een coffeeshop leuk?

Bram: ‘Werken met diverse soorten mensen die allemaal anders in het leven staan en met hetzelfde doel langskomen: het verkrijgen van softdrugs. Het werk heeft alle voordelen van een ‘normale’ horecazaak. De nadelen ervan vallen eerder weg. Er is bijvoorbeeld minder agressie onder klanten hier. Ook zijn er meer vaste klanten en werken we klantgerichter. Er is een minder wisselend publiek, je ziet vaak dezelfde klanten terugkomen. Ten slotte werk ik met een heel hecht team, wat het werk nog aangenamer maakt.’

Lynne: ‘Ik heb lang gewerkt in de horeca. De coffeeshopbranche is net even wat anders. Het is veel gemoedelijker en je hebt veel minder last van opstootjes onder klanten. Ook de werktijden zijn fijn: je werkt nooit ’s nachts. De gemeente bepaalt de sluitingstijden van coffeeshops.’

“De meeste mensen die tegen coffeeshops zijn, lopen er nooit binnen.”

Er zijn veel vooroordelen over coffeeshops. Hoe reageerde jullie omgeving toen jullie hier gingen werken?

Bram: ‘Mijn moeder werkt met drugsverslaafden dus zij is redelijk wat gewend. Ook kan ze goed het onderscheid maken tussen soft- en harddrugs, wat natuurlijk meespeelt. De meeste vooroordelen komen voort uit het feit dat wij een softdrugsproduct verkopen waarover ook veel foutieve informatie te vinden is. Ook doordat we werken met een product dat deels toch nog illegaal is. De meeste mensen die tegen coffeeshops zijn, lopen er nooit binnen. Ook op die manier ontstaan vooroordelen.’

Lynne: ‘In mijn persoonlijke omgeving waren ook mensen met vooroordelen, waarop ik hen uitnodigde om eens wat te komen drinken. Door hen deze mooie zaak te laten zien bewees ik dat het tegendeel van wat zij dachten dat waar was.’

Wat zijn precies de vooroordelen die jullie ervaren?

Bram: ‘Een groot vooroordeel is dat coffeeshops donkere hokjes zijn in een gesloten omgeving waar mensen niet binnen mogen kijken. Mensen denken dat er allerlei ‘spannende’ dingen gebeuren. Daarnaast denken veel Nederlanders dat softdrugs alleen worden gebruikt door mensen uit de wat lagere sociaaleconomische klassen. Ze denken dat alleen tuig coffeeshops bezoekt, wat helemaal niet klopt.’

Welk publiek komt er dan wel in een coffeeshop?

Bram: ‘Eigenlijk komen allerlei soorten mensen langs. Van een achttienjarige met Turkse afkomst tot een Nederlandse 65-plusser. Mensen die softdrugs gebruiken om tot rust te komen, als ontspanning of tegen het verhelpen van kwaaltjes, zoals spierpijn. Het beeld dat veel mensen vroeger hadden, dat coffeeshops vol zitten met alleen maar hippies met dreadlocks, is dus achterhaald.

Lynne: ‘De klanten die onze zaak bezoeken zijn eigenlijk een dwarsdoorsnede van de hele samenleving. Dus ook mensen van tachtig of zakenmensen, wat veel mensen niet verwachten.

Er zijn dus ook bezoekers die de wiet voor medicatie gebruiken?

Bram: ‘Medicinale wiet wordt voorgeschreven door dokters. Dat gaat dus niet via coffeeshops. Natuurlijk zijn er wel mensen die de stap naar de dokter te groot vinden en eerst een coffeeshop bezoeken om wiet te proberen als medicijn. Dan moet je denken aan mensen die veel last hebben van migraine of erge spierpijn. Overigens is het maar een klein deel van de bezoekers die dit doet, het overgrote deel van de bezoekers gebruikt de wiet recreatief.’

Wat zijn de leukste dingen die je meemaakt in een coffeeshop?

Bram: ‘Wat ik persoonlijk altijd leuk vind is het moment dat er een oude dame de shop binnenloopt die denkt dat wiet roken in hetzelfde straatje ligt als heroïne spuiten of coke snuiven, maar toch van andere mensen de tip heeft gekregen wiet te proberen tegen de continue last die ze heeft van haar rug. Als er zo iemand langskomt geven wij haar goed advies. De volgende keer dat ze langskomt is ze toch een stuk vrolijker omdat ze veel minder last heeft. Dat is altijd mooi om te zien.’

Wat zijn de minst leuke dingen?

Bram: ‘Het is nooit leuk om te zien dat sommige mensen de grenzen in hun drugsgebruik niet kennen. Als iemand over z’n grens gaat, voelt diegene zich vaak erg opgelaten. Ons team weet goed hoe het daarmee om moet gaan. Meestal hebben die mensen veel suiker nodig en wat frisse lucht. Het komt eigenlijk nooit voor dat er iemand moet worden afgevoerd met de ambulance. Ook vechtpartijen komen weleens voor, wat erg vervelend is. Maar dat is natuurlijk inherent aan een openbare plek waar veel mensen samenkomen. Als je het bijvoorbeeld vergelijkt met een café kun je stellen dat een vechtpartij daar één keer in de maand voorkomt, terwijl het bij ons één keer in het jaar gebeurt.’

Lynne: ‘Ook kan de regelgeving waar wij ons aan moeten houden voor minder leuke situaties zorgen. Wij moeten bijvoorbeeld aan iedere klant zijn of haar legitimatiebewijs vragen. Dus ook aan mensen van 50 jaar oud. Soms zorgt dat voor irritaties bij klanten.’

Hoe doen jullie aan klantenbinding?

Bram: ‘Bij ons is het belangrijk dat de klant zich op zijn gemak voelt, alsof hij in een huiskamer is. Dat gevoel is erg belangrijk omdat het meewerkt aan het effect van het gebruik van softdrugs. Doordat wij die sfeer creëren komen de mensen ook vaker terug. Ik denk dat 80% van onze klandizie hier meerdere malen per maand komt. We hebben een erg vaste klantenkring.’

Merken jullie dat softdrugs populairder worden?

Bram: ‘Volgens mij neemt het gebruik ervan niet toe. Wel denk ik dat softdrugs steeds meer maatschappelijk geaccepteerd worden. Steeds meer mensen geven het gebruik ervan toe, wat softdrugs iets meer mainstream maakt. Tien jaar geleden was dat wel anders.’