“Ik hoop mezelf op de Olympische Winterspelen van 2022 te zien”

Interview met Hilco Heijne, shorttrack prof in spé

Hij was pas twaalf jaar, toen zijn hobby serieuze vormen begon aan te nemen en hij verkaste naar een LOOT-school (middelbare school voor opkomende topsporters). De uit Oosterhout afkomstige Hilco Heijne (17) heeft sindsdien het shorttracken met beide handen aangegrepen. Met titels als Nederlands kampioen A&B Junioren dit jaar en een derde Europese klassering op de 1500 meter in zijn leeftijdscategorie vorig jaar, ligt er een mooie carrière in het verschiet. Tijd om nader kennis te gaan maken.

 

Door: Wiebe Stallmann

 

Hoe ben je met shorttrack in aanraking gekomen?

“Het begon allemaal toen ik 6 jaar was. Mijn moeder schaatste al een geruime tijd, dat deed ze bij de lange banen (term voor banen waarop geschaatst wordt, shorttrack gebeurd op korte banen) bij de ijsbaan in Breda. Ik ging regelmatig mee en heb het schaatsen dus ook van haar geleerd. Nadat ik het al een tijd deed vroeg een schaatsmaatje van mijn moeder aan haar of shorttrack niet wat voor mij was. Kort daarna had mijn moeder mij aangemeld voor een shorttrack kliniek en sindsdien ben ik verkocht.”

 

Hilco Heijne in actie (Foto: Erwin van de Griek/ https://erwinvandegriek.smugmug.com) 

Welke personen hebben je geïnspireerd?                                                                               

“Sjinkie Knegt en Niels Kerstholt waren mijn grote voorbeelden toen ik begon met shorttrack. Echter, ik ben ook geïnspireerd door shortrackkers van landen als Zuid-Korea en China. Hun compacte lengte zorgde ervoor dat ze in shorttrack termen ‘heel diep in de bochten’ konden gaan waardoor ze ontzettend veel snelheid maakten. Dat vond ik zo mooi om toentertijd op TV te zien. Daar keek je ook echt tegen op. Wat Knegt en Kerstholt toch meer bijzonder voor mij maakte is het feit dat het Nederlanders waren. Vooral Knegt is iemand waar ik tegenwoordig het meest geïnspireerd door  ben, hij zit immers nu in zijn beste jaren.”

 

Wat betekent shorttrack voor jou?

“Het is mijn grote passie en daar ben ik elke dag mee bezig. Ik let al sinds jongs af aan erg op mijn voeding en dat is in de loop van de tijd alleen maar strenger geworden. Al jaren heb ik last van mijn darmen en daar heb ik een speciaal voedingsschema voor gekregen. Last heb ik daarom nu ook nog nauwelijks. Het geeft mij een kick als ik goed, hard en snel de bochten maak op de algemeen vrij kleine banen binnen de shorttrack. Daar krijg ik ontzettend veel adrenaline van.”

 

Hoe combineer je topsport met je sociaal leven en school?

“Het voordeel is dat al mijn vrienden van de shorttrack zijn, super fijn. Tevens woon ik sinds de zomervakantie met enkele van mijn vrienden in Utrecht.  Mijn keuze om het ouderlijk huis te verlaten is er een waar ik geen spijt van heb. Het is de perfecte woonplek om de sport maar tevens ook mijn sociale leven en school (MBO Utrecht sport en bewegen) te combineren. Alles ligt lekker dicht bij elkaar en dat zorgt ook voor rust.”

 

Wat heb/had je moet laten om je doel te bereiken?

“Ik heb alles moeten laten wat nodig is om te kunnen slagen in de sport. Van uitgaan hou ik toch niet dus dat is geen probleem. Natuurlijk heb ik wel vrienden binnen de sport die daar wel behoefte aan hebben, maar die doen het vrijwel nauwelijks. De wil om te slagen is zo groot dat het bijna niet gedaan wordt. Drie keer per jaar hebben wij binnen de shorttrackers vereniging een feest en dat zijn eigenlijk de enige momenten waarbij er wel wat alcohol gedronken wordt. Niet door mij overigens, ik heb nog nooit een druppel alcohol gedronken. Dat is een bewuste keuze van mij geweest. Voor de rest mis ik vaak verjaardagen van familie en heb ik mijn ouderlijk huis afgelopen zomer moeten verlaten voor de sport. Roken is een heel groot taboe binnen de shorttrack, als je daar op betrapt wordt is de kans groot dat je de vereniging moet verlaten. Dan is je kans om er later je brood er mee te verdienen wel verkeken.”

 

Heb je het gevoel dat je door de topsport wat mist?

“Nee, niet echt eigenlijk. Ik ben natuurlijk ook niks anders gewend, omdat dit al van jongs af aan mijn leven is. Het zou vanzelfsprekend raar zijn als ik af en toe er niet aan zou denken; hoe het zou zijn om een normaal leven te hebben. Echter besef ik dan toch wel dat dit mijn allergrootste passie is en dat ik het niet wil opgeven.

Tot nu toe heb ik in mijn carrière op twee breekpunten gezeten. De eerste keer was twee seizoenen geleden: ik reed niet meer lekker en dacht dat ik het niveau niet meer aankon. Gelukkig lag het aan mijn materiaal, toen dat gemaakt was reed ik weer heerlijk. Mijn tweede breekpunt was eind vorig seizoen. Zoals ik al eerder had verteld heb ik al jaren een darmprobleem. Ik had toen zoveel problemen dat ik de trainingen nauwelijks nog kon volgen. Gedachten spookten toen rond dat dit niet meer voor mij besteed was. Gelukkig heb ik door mijn nieuwe voedingsschema nog nauwelijks last van mijn darmen en is het probleem dus grotendeels opgelost.”

 

Is je karakter deels gevormd door de sport?

“Nee, niet echt. De weinige dingen die ik heb meegekregen van de sport is om nooit op te geven waar je voor wilt gaan in het leven en altijd door te zetten. Tevens heeft de sport mij hard gemaakt, je kan mij niet meer omver krijgen als ik kritiek krijg. Ik sta er tegenwoordig boven en dat is ook nodig in de sport. Vroeger was ik juist het tegenovergestelde en had ik moeite met het ontvangen van kritiek.

Ik ben een rustige jongen en kan goed sociaal overweg met mensen die ik goed ken. Bij nieuwe mensen klap ik echter snel dicht en kijk ik eerder de kat uit de boom. Dat was ik vroeger ook al maar nu misschien zelfs nog meer, komt denk ik omdat ik vroeger toen ik klein was er niet bij nadacht. Verder ben ik chaotisch en gedisciplineerd.”

 

Waar zie jij jezelf over tien jaar staan?

“Ik hoop mezelf op de Olympische winterspelen van 2022 te zien, dat is het hoogst haalbare als shorttracker en daar ga ik alles aan doen. Verder hoop ik in die tien jaar vele medailles en bekers in de wacht te hebben gesleept. Ik wil zoveel mogelijk prijzen winnen en de beste van de wereld worden.

Naast de sport hoop ik in die tijd mijn HBO studie te hebben afgerond, zodat ik na mijn carrière aan de slag kan. Shorttrack is de laatste jaren qua salarissen wel gestegen, je kunt er nu redelijk van leven als je aan de top bent. Dat was een paar jaar geleden nog wel anders. Maar zoveel als voetballers zal ik niet gaan verdienen, ik moet zeker na mijn carrière nog aan hard aan de bak. Een trainerscarrière na mijn actieve loopbaan ambieer ik op dit moment niet. In de toekomst misschien wel, maar dat zal de tijd wel uitwijzen.”