Al veertig jaar wijn van eigen bodem

Iedereen verklaarde hem voor gek toen Marius van Stokkom (70) in 1977 zijn eigen wijnproductie opzette in Nederland. Nog steeds gaat de oudste wijnboer van Nederland kritisch te werk. ‘Er zijn 150 wijnboeren in Nederland, maar er zijn er maar een paar die echt goede wijn maken.’

Marius, een karakteristieke man op klompen, gaat zitten op zijn veranda. Vanuit daar kijk je uit over de wijngaard in Made. Nu ligt het er kaal bij, maar voor de oogst, is het één hectare vol met kleurrijke druiven. Nu zoekt hij naar een opvolger, maar hij laat zijn mooie bedrijf en passie, die ooit gewoon begon als hobby, niet zomaar gaan…

U bent wijn gaan maken omdat u een veilige wijn wilde hebben, waar niet mee geknoeid was. Wat is voor u een veilige wijn?

‘’In die tijd zaten in wijn veel smaakversterkers, kleurstoffen, methanol, antivries, verdikkingsmiddelen, noem maar op. Ik vind dat je in de wijnbereiding helemaal niets mag toevoegen, dat hoort een natuurlijk proces te zijn.’’

Maar de druiven moeten ook beschermd worden? Bijvoorbeeld tegen insecten. Hoe doet u dat?

‘’Ik gebruik geen insecticiden, omdat er van nature al een evenwicht is. De natuur doet dat gewoon zelf. Insecticiden zijn heel duur om aan te schaffen en als je er mee begint, kun je er niet meer mee stoppen. De natuur is dan al verstoord. Je hebt wel wat schade, maar nog steeds zijn er meer voordelen dan nadelen. Bovendien heb je in de druiventeelt niet zo veel last van insecten.’’

U heeft voedingsmiddelentechnologie gestudeerd, maar daar leert u natuurlijk geen wijn maken?

‘’Nee, er was geen opleiding in Nederland waar je wijn leert maken. Wijnproductie bestond hier vrijwel niet.’’

Hoe heeft u het dan wel geleerd?

‘’Net als fietsen, door gewoon op te stappen en dan eerst honderd keer te vallen. Mijn eerste wijn was ondrinkbaar. Ik gebruikte gewoon Nederlandse druiven en bakkersgist of gist van de bierbrouwerij, maar dat werkte natuurlijk niet. Ik heb het uiteindelijk geleerd door veel naar buitenlandse wijnboeren te luisteren.’’ En hoe ouder de boeren hoe beter’, vertelt hij er met een knipoog achteraan. ‘Want zij zijn veel trotser op hun vak en dan vertellen ze meer. Jonge boeren zijn bang voor concurrentie”

Iedereen verklaarde u voor gek dat een wijnboerderij opzette in Nederland. Hoe zorgde u toch voor populariteit?

‘’Ik deed veel mee met wedstrijden. Als je dan iets won kwam je in de publiciteit. Ik stuur mijn wijn ook weleens op naar bekende wijnschrijvers. Die delen dat via sociale media.

Restaurants kopen liever een buitenlandse wijn dan een Nederlandse, omdat die goedkoper is in inkoop. Daarom lever ik veel meer aan particulieren. Het moet wel een lékkere Nederlandse wijn zijn, want de Nederlandse wijnbouw is duur.’’

knipsel-lois

U zegt ‘lekkere’ zo specifiek, is er ook niet lekkere Nederlandse wijn?

‘’Nou, dan kom je op het probleem met de Nederlandse wijnbouw. Er zijn nu ongeveer 150 wijnboeren, maar ik ken er maar vijf of zes die goeie én lekkere wijn maken. Veel bedrijven hebben rassen aangeplant die een vreemde wijn opleveren. Zij willen met hun smaak de bekende soorten als het ware namaken. Dat komt omdat mensen graag wijn willen drinken die lijkt op de wijn die ze al kennen. Maar ze gebruiken niet dezelfde druif, dus hij geeft een smaak die toch een beetje vreemd is voor een wijn.’’

Speelt het ook mee dat wij in Nederland een heel ander klimaat hebben dan de zuidelijkere landen?

‘’Nee dat is niet zo. Ik maak al wijn in Nederland vanaf 1974. Toen maakte ik zelfs mooiere wijnen dan nu. Dus dat ligt niet aan het klimaat. Je gebruikt gewoon andere druiven rassen voor dit klimaat.’’

U maakte toen mooiere wijnen dan nu? Hoe komt dat dan?

‘’Doordat het klimaat binnen Nederland ook is veranderd. Je had toen gelijkmatigere jaren. In de winter was het een milde winter met veel regen en in de zomer was er zon, maar niet uitzonderlijk. Nu heb je steeds meer periodes en het weer daarbinnen is extremer. Ene dag heel harde regen en dan weer een periode waarbij het heel droog is. Dat is helemaal niet goed voor de wijnbouw.’’

En die lange nazomer van dit jaar? Is dat gunstig?

‘’In principe wel, maar deze zomer was veel te droog en te heet. Juli en september waren hete maanden en in die tijd is er geen een druppel water gevallen.’’

Ik zag dat u op zoek bent naar een opvolger. Kunt u hier zomaar afstand van doen dan?

‘’Nee zeker niet, daarom verkoop ik het ook niet. Ik blijf de eigenaar. De opvolger mag zo beginnen en alles wat het opbrengt, is zijn verdienste. Ik draag het dan over, maar ik kan er dan nog wel bij zitten bij open dagen en af en toe helpen op de wijngaard. Hij moet in het begin wel begeleid worden, want iedereen leert altijd nog bij, iedere dag.’’

Door: Loïs Verkooijen