Mitchell Smits: ‘Steek toch geld in dat ijshockey’

Voor Mitchell Smits (25) is ijshockey een van zijn grootste passies. Het treurt hem om te zien dat een sport zo mooi als ijshockey, te weinig erkenning krijgt in Nederland. ‘Voetbal is voor mietjes, geef mij maar ijshockey.’

– Sem Kempkes –

Het eerste dat mij opvalt wanneer ik het huis van Mitchell Smits binnenloop zijn de twee ijshockeysticks die omgekeerd tegen de muur geposeerd staan. En de Duitse herdershond die door zijn nieuwsgierigheid en enthousiasme niet te ontwijken valt. Mitchell lijkt al compleet uitgedost voor zijn laatste werkdag van de week.

‘Oh die sticks? Ja die zijn voor vanavond. Training. Moet ook gebeuren natuurlijk.’ Sinds zijn zeventiende speelt hij al voor de Tilburg Towers (een recreatieteam van de Tilburg Trappers). ‘Niet bepaald op een jonge leeftijd, wat je bijvoorbeeld wel vaak ziet bij voetbal. Daar sta je als jongetje van misschien vijf, zes jaar oud al op het veld.’

 

Hoe ben je eigenlijk in aanraking gekomen met de sport die je nu al zeven jaar beoefent?

Voor mijn zeventiende had ik eigenlijk helemaal niet de ambitie om te gaan ijshockeyen. Het zag er altijd wel tof uit als je het op televisie voorbij zag komen, maar dat was het dan ook wel. Pas toen een maat van mij aan mij vroeg of ik enkele proeftrainingen mee kon draaien, ben ik echt in aanraking gekomen met ijshockey.

 

Zelf ben ik ok zeventien. Iemand zou mij ook kunnen vragen om mee te doen met proeftrainingen, toch zou ik passen. Wat trok ijshockey jou op dat echt aan?

Het is snel, het is hard en er wordt niet met mietjes gespeeld. Ik stoor me dan ook mateloos aan voetballers.

 

Hoe komt dat?

Gewoon het mietjesgedrag. Geef ze een schop en ze vliegen vijf meter verder, zitten ze op het gras te huilen en niet veel later lopen ze weer verder alsof er niet gebeurd is. Als je bij ijshockey omver wordt gebeukt ga je gewoon weer verder. Dan is het je eigen keus om te blijven liggen.

 

Je speelt nu dus al zeven jaar ijshockey. Heb je ook tijden gehad dat je geen zin meer had in het ijshockey?

[Gelach]. Ja, zeker wel. Ligt er natuurlijk ook aan of je zelf nog wordt uitgedaagd of niet hé.

 

Jezelf uitdagen, in de zin van?

De drang om te blijven presteren. Hoe groter de drang is om te presteren, hoe leuker het wordt. Je wil als sporter natuurlijk prijzen pakken. Op een gegeven moment werd dat te makkelijk. Je voelt je minder uitgedaagd om te presteren.

 

Die drang waar je het over hebt is dus op momenten weggeweest, hoe kwam dat?

Het presteren, het winnen was soms te makkelijk. De drang om te presteren valt weg, je wordt luier en het plezier verdwijnt langzamerhand.

 

Toch speel je nu al zeven jaar ijshockey, hoe wist je, ook al was het soms ‘te makkelijk’, de motivatie alsnog vast te houden?

Ten eerste het spel en de wil om te winnen. Je bouwt ook echt een vriendengroep op. Je speelt in een team, die kun je niet één op een andere dag in de steek laten natuurlijk.

 

Je komt uit voor de Tilburg Towers. Heb je een gevoel van trots wanneer je mag uitkomen voor jouw stad, Tilburg?

Jazeker. Ook al speel je niet onder de naam van de Trappers. Toch geeft het je een trots gevoel dat een ijshockeyteam uit jouw eigen stad zulke grote dingen laat zien, zelfs in het buitenland. En dat als het enige Nederlandse team in het buitenland. Ja, dat maakt mij zeker trots.

 

Hoe belangrijk denk jij het voor de sport in Nederland is dat een Nederlands team ook in een competitie in het buitenland prestaties weet te leveren?

Ja. Dat is zeker belangrijk. Mensen voor wie ijshockey eerst weinig uitmaakte, beginnen ook steeds meer belangstelling te tonen. Dat lijkt mij een stap in de goede richting.

 

Heb jij zelf ook wat van de toenemende belangstelling in ijshockey gemerkt?

De tribunes liepen nou niet direct vol. Toch zie je dat interesse groeit in ijshockey. Maar lang niet genoeg voor zo’n mooie sport. Je ziet het af en toe voorbijkomen in de krant, op de radio en heel soms op televisie, bijvoorbeeld als de Trappers een goede prestatie leveren. Verder houdt het, jammer genoeg, wel een beetje op.

 

Hoe komt het dat belangstelling in ijshockey in Nederland nauwelijks te vergelijken valt met in de VS of Canada?

Ten eerste is Nederland echt een voetballand. Als je aan iedereen hier in de straat vraagt of ze ergens een voetbal hebben liggen, kan ik je garanderen dat meer dan de helft ‘ja’ zegt. Als je vraagt wie er een ijshockeystick heeft liggen, ben ik misschien de enige. Meer belangstelling via televisie zou ook niet verkeerd zijn. Je ziet maar weinig Nederlands ijshockey op de televisie. Daarnaast heeft Nederland helemaal het weer niet om te ijshockeyen. Als we geluk hebben, kan je een maandje schaatsen, that’s it. In Canada is het kouder en zijn de weersomstandigheden gewoon veel beter om te ijshockeyen.

 

Zet sporthallen neer met een goed koelsysteem, en dat probleem is ook opgelost. Niet waar?

Klopt. Toch kost dat bakken met geld. Het is vaak lastig om sponsors te vinden die die kosten allemaal willen ophoesten.

 

Je zei zojuist dat meer televisiebelangstelling wel gewenst zou zijn voor het Nederlandse ijshockey. Zou het volgens jou een positief effect hebben als er wekelijks een uur zou worden uitgetrokken om beelden te laten zien van de Nederlandse ijshockeycompetitie?

Ja, ik denk van wel. Misschien sturen vaders hun zoons dan eerder naar ijshockey dan naar het voetbal. Het zou zeker een goede ontwikkeling zijn. Als je het op televisie ziet blijft het toch meer hangen, dan wanneer je er iets over leest in de krant. Het maakt mensen toch enthousiaster. Er zou meer geld moeten worden geïnvesteerd in het promoten van de sport en de ontwikkeling van de jeugd. Daarnaast ben je voor een volledig hockeypak al meer dan vijfhonderd euro kwijt. Alleen al een stick kost meer dan honderd euro. Zeker geen pretje als je die breekt.

 

Is dat al weleens een keer voorgekomen?

Geen commentaar. [Gelach].  Verder maken de hoge kosten de sport onaantrekkelijk en dat heeft een negatief effect. Als de sport voordeliger gemaakt zou worden door subsidies en dergelijke, misschien trekken Nederlandse teams meer jonge spelertjes aan.