“Leven met een verslaafde blijft altijd heel spannend”

Een grote, ietwat brede man doet de deur open. “Goede avond, wat fijn dat je er bent. Heb je ons adres makkelijk kunnen vinden?” Bert heeft een nette, blauwe blouse aan en houdt de deur naar de woonkamer voor me open. “Ga lekker zitten. Lust je een kopje thee?” Zijn vrouw Arabella neemt tegenover me aan de lange, houten tafel plaats. Ze zet een houten dienblaadje met verschillende theezakjes en twee dampende koppen water voor me neer. Als Bert klaar is met het aanzetten van zijn muziek, gaat hij nerveus naast zijn vrouw zitten. “Ik ben niet zo’n prater, maar ik zal mijn best doen.”

Hun zoon Dion (22) heeft al 6 jaar een gameverslaving. Hij wilde het echte leven ontvluchten. Bert: “Hij zat heel de dag alleen maar op zijn kamer. Soms kwam hij nog wel eens naar beneden om te eten, maar niet altijd. Hij was nauwelijks aanspreekbaar. Als je hem wat vroeg dan deed hij het vaak wel, maar nooit meer dan dat.” Zelfs na urenlang op een dag gegamed te hebben, wilde Dion zijn computer niet uitzetten. “Als wij naar bed gingen dan moest hij er van ons mee stoppen. Hij zat natuurlijk te praten in de kamer naast ons dus wij hadden daar veel last van. Maar als we hem vroegen om te stoppen dan deed hij dat wel.”

Arabella kijkt vragend naar haar man. “Nee hoor, hij ging gewoon door” zegt ze hoofdschuddend. De verslaving van hun zoon werd steeds erger.

Bert: “Dion hield zich op een gegeven moment niet meer aan afspraken. Dan werd ik kwaad en gefrustreerd, uit machteloosheid. Ik kon niet meer tot hem doordringen, op geen enkele manier.”

Hij kijkt naar zijn vingers, die friemelend om elkaar heen draaien, terwijl hij nadenkt over zijn antwoord. “Ik heb Dion een paar keer fysiek aangepakt, maar ook dat hielp niet en ja dan hou je daar maar mee op. Ik in elk geval wel tenminste. Uiteindelijk dacht ik ‘je stikt er maar in’. Ik voelde me machteloos. Ik wist niet meer wat ik moest doen, dus kon ik ook niks meer doen.”

Samen met zijn vrouw kijkt hij toe hoe Dion zich steeds verder afzonderde van de buitenwereld. Hij onttrok zich overal van; hij ging niet meer naar school, hij werkte niet en had verder geen hobby’s. Maar hij was ook geen onderdeel meer van het gezin. Toen knapte er iets in het hoofd van Arabella: “Dit kan zo niet langer.”

 

Interventie

“We besloten om een interventie te plegen, waarbij we Dion gingen confronteren. Dit is het aller moeilijkste geweest wat ik ooit heb gedaan. Ik heb toen tegen hem gezegd: ‘Jij bent verslaafd en ik hou veel te veel van je, maar ik ga niet meer toekijken hoe jij je leven naar de klote helpt. Je krijgt de keus om zelf professionele hulp te zoeken en als je dat niet doet dan pak je je koffer en dan ga je.’”

Bert: “Ik weet het nog ja, dat was eind januari. Zijn zus was erbij, zijn tante was erbij- “

Zijn vrouw onderbrak hem: “Die was er helemaal niet bij, we waren alleen met ons vieren.” Er volgde een kleine discussie over wanneer het precies gebeurd was en wie er allemaal bij waren. Arabella wist het nog in alle details, maar Bert heeft zich in die tijd mentaal afgesloten. Hierdoor kan hij zich sommige dingen niet precies meer herinneren. Arabella herinnert hem daaraan: “Je hebt je tijdens de interventie helemaal afgesloten, je bent zelfs opgestaan en weggelopen.”

Bert: “Oh, dat zou goed kunnen ja.”

Arabella: “Het was te heftig voor je en dat kon je niet aan.”

Bert: “Ik kan daar niet tegen nee, als het zo dichtbij komt.”

Na enige tijd verteld Arabella verder. De woorden die ze tegen haar zoon had gezegd kwam hard binnen. “Dion zei niks meer. Zijn beeld en geluid gingen uit. Zijn zus heeft nog contact met hem proberen te zoeken, maar hij deed niks meer. Uiteindelijk is Dion zonder iets te zeggen naar boven gaan. Pas na een dag kwam hij naar me toe en zei: ‘Mam kun jij me helpen een plek te zoeken waar ik terecht kan?’” Arabella had haar zoon een paar websites laten zien waar hij zelf uit mocht kiezen. Hij koos voor Yes We Can Clinics, een jeugdkliniek voor jongeren met gedragsstoornissen en verslavingsproblematiek.

 

Ouderprogramma

Yes We Can Clinics biedt ook een ouderprogramma aan, dat ouders helpt bij het leren omgaan met de situatie. Zowel Arabella als Bert (weliswaar met lichte tegenzin) hebben hieraan deelgenomen. Arabella heeft daarna ook nog hulp gezocht bij een oudergroep.

Arabella: “Door hulp te zoeken bij de oudergroep heb ik geleerd mijn eigen leven weer op te pakken. En dat het leven dus niet in teken staat van een verslaving. Ik heb geleerd er niet in te blijven hangen en steeds bang te zijn dat er wat gaat gebeuren. Je moet bij jezelf blijven en je eigen grenzen aangeven en gewoon je eigen leven leven en weer plezier te krijgen in het leven. Maar leven met een verslaafde blijft altijd heel spannend. Soms komen we ineens weer voor verassingen te staan. Want als Dion bijvoorbeeld weer een terugval had, kon ik weer een tijdje niet vooruit.”

Bert heeft na het ouderprogramma van Yes We Can Clinics geen hulp meer gezocht. “Nee, ik hou daar niet zo van.”

Arabella: “Dat komt te dicht bij je, he?”

Waarop Bert zachtjes antwoord: “Ja, ik denk het wel, ja.”

Het komt nog wel eens voor dat Dion een terugval heeft. Arabella: “Vaak als dat gebeurt ben ik niet thuis, want ik werk heel veel overdag. Bert is vaker thuis en ziet het dan gebeuren, maar die schiet weer terug in zijn onverschillige gedrag. Hij stuurt mij dan vaak een appje als ik op mijn werk ben, maar ik kan daar niks mee. Ik zit dan de rest van de dag aan Dion te denken en ik ben machteloos, want ik kan niet naar huis komen. Ik heb dus tegen Bert gezegd dat hij dat niet meer moet doen, maar dat is heel lastig voor hem.”

Bert: “Dat vind ik ook zeker lastig ja, maar daar werk ik aan.”