Schilder Jan (69): ‘Ik ben jaloers op muzikanten’

Kunstschilder Jan Smits uit Beek en Donk doet niets liever dan schilderen. Wanneer je zijn huis binnenkomt, ruik je vrijwel meteen de verf. Jan is het bewijs dat je heel toevallig je roeping kunt vinden en vertelt zijn verhaal.
Famke Smits 6-12-2020, 10:06

Afbeelding 1 – Jan Smits, Bron: Marcel van de Kerkhof

Puur toeval
“Met zeventien jaar liep ik een kunstschilder tegen het lijf. Ik vroeg me af waar hij mee bezig was. Zijn naam was Cees. Hij maakte een schilderij van de molen in Boekel. Na een kort gesprek wilde hij dat ik voor hem kwam werken. Ik studeerde namelijk decoratieschilderen in Eindhoven en hij vertelde dat hij wel wat hulp kon gebruiken. Diezelfde avond spraken we af.”

“Cees vroeg wanneer ik was geboren. We waren beide schorpioenen en zouden dus goed met elkaar overweg kunnen, volgens hem. Cees was een heel commerciële schilder. Eén van zijn opdrachten herinner ik me nog goed. Een klant in Noorwegen moest 1200 van dezelfde schilderijen ontvangen. Deze massaproductie vond ik helemaal niks, maar verklaarde wel waarom hij hulp nodig had. Ondanks dat het niet mijn ding was, vond ik bij hem mijn passie, naarmate ik voor hem bleef schilderen. Cees maakte het schilderen van landschappen in mij los. Hij liet doorschemeren dat landschappen mensen blij maken en dat mensen het mooi vinden.”


Op zoek naar warmte
“Een landschap is blijvend en straalt een sfeer van rust uit. Het mooie aan landschapschilderen is de warmte, die aantrekkelijk is. Naar deze warmte ben ik altijd op zoek. Ik heb wel eens prijzen gewonnen, maar belangrijker zijn voor mij de juryrapporten. Zo heb ik eens te horen gekregen dat je het mos op mijn schilderij kon ruiken en dat ik zelfs de kleur groen warm krijg, wat gewoonlijk een koele kleur is (afbeelding 2). Daar doe ik het voor.”

“Schilderen is lang mijn beroep geweest, tot de landschappenmarkt instortte. Hier is eigenlijk best een mooie reden voor. Veel vrouwen wilde meer kleur in huis. Kunst moest in het huis passen. Het abstracte werd populair en dat ging ten koste van de landschappen. Toen heb ik ervoor gekozen om gewoon te gaan werken, ik heb veel verschillende banen gehad. Toch ben ik nooit gestopt met schilderen.”


Jaloezie
“Schilderen is voor mij het leukste om te doen. In mijn hoofd ben ik eigenlijk altijd aan het schilderen, dat krijg je er nooit meer uit. Toch ben ik heel jaloers op muzikanten. Die hebben een veel groter podium. Met een instrument of hun stem kunnen ze op de hoek van de straat gaan staan. En voor je het weet staan er vijftig mensen omheen. Dat is niet zo bij kunst. Muziek blijf ik de mooiste kunstvorm vinden die er bestaat.”


Lichtinval
“Tegenwoordig ben ik niet meer fysiek in staat om buiten te schilderen. Dat vind ik niet heel erg. Ik maak foto’s van mooie landschappen en laat deze afdrukken. Ik maak aan de hand van die foto’s een tekening op een doek. De foto maak ik niet na, het gaat vooral om het licht en hoe het valt, niet om de compositie.”

“Licht speelt ook een enorme rol in mijn volgende serie. Ik ben bezig met het schilderen van bossen. Je bent er nooit op uitgeschilderd. Daarnaast hou ik ook gewoon veel van bossen. Vooral dennenbomen en hun grilligheid, daar ben ik nooit op uitgekeken.”

Afbeelding 2 – Bron: Jan Smits, Bos ‘Stippelberg’