Modekoningin Monique Collignon: ‘Die schijnveiligheid vind ik zo stom’

Een nieuw, functioneel en duurzaam fashionitem dat óók stijlvol moet zijn. Sinds mondkapjes verplicht zijn in het openbaar vervoer, zijn ze niet meer aan te slepen. Modeontwerpster Monique Collignon (58) ontwerpt naast haar eigen collectie nu ook mondkapjes. “Eerst wilde ik er niks van weten. Nu zijn de maskers het populairste product!”

Joris Oostveen, 13-01-2021 14:30

Modeontwerpster Monique Collignon. Foto: JAN Magazine.

“Het waren mijn vriendinnen en man die mij overhaalden om met mondkapjes te beginnen. Zij riepen als positieve pitbulls dat ik me erin moest verdiepen en dat het écht iets voor mij was. Daarom pakte ik een potlood en begon ik ideeën te schetsen. Vervolgens kwam een goede vriend aanzetten met materiaal dat ik kon gebruiken. Uiteindelijk kwamen er zulke veelbelovende resultaten uit, dat ik heel enthousiast raakte en doorzette.

Bij alles wat ik doe, wil ik exact vertellen waarom. Ook technisch. Eén soort stof werkt bijvoorbeeld niet bij een mondkapje. Zo had een vriendin van me een mondkapje met pailletten. Ik dacht: waar gaat dit over?! Ik heb toen gezegd dat ze moest ophouden met het dragen ervan omdat het materiaal niet veilig genoeg is voor een mondkapje. Je moet wel beschermd zijn. Die schijnveiligheid vind ik zo stom.

Ik heb een naam opgebouwd met een bedrijf dat staat voor kennis, vakmanschap, duurzaamheid, dat kleren goed zitten en mooi meegaan. Dus ik wilde met die naam ook gaan voor het mondkapje. Ik ben niet iemand met miljarden op de bank. Daarom keek ik naar de mogelijkheden. Na veel berekeningen konden we de maskers voor een zo laag mogelijke prijs aanbieden. Uiteindelijk is het gelukt en daar ben ik heel erg trots op.

Ik hou ook niet van die Nederlandse prijzen die psychologisch beter zouden klinken. Ik vind bijvoorbeeld ‘X euro en 95 cent’ achterhaald. Daar zijn we dus ook drie jaar geleden mee gestopt.”

Inspiratie

“Inspiratie opdoen voor het ontwerpen van mondkapjes was een leuk proces. De vorm is standaard, dus ging het bij mij om de dessins (patronen). Samen met twee stagiaires dacht ik erover na. Het moest bijvoorbeeld voor vrouwen én mannen zijn. Uiteindelijk hebben we veel samples gemaakt. Er waren ook een aantal bedrijven waarvoor ik mocht ontwerpen. Dat is natuurlijk hartstikke leuk.

Tegelijkertijd vraag ik me af of er behoefte is aan meer dessins. De overheid verwacht tot na de zomer bezig te zijn met vaccineren. Ook denk ik dat een hoop mensen voorzichtig blijven en de kapjes in huis willen hebben. Bijvoorbeeld mensen met hooikoorts. Maar nieuwe dessins gaan natuurlijk wel gepaard met flinke investeringen. Het is iets wat ik op twitter kan zetten om zo de behoefte en opinie te peilen.”

“Dan vraag ik me af of ik achterlijk ben dat ik het op deze manier doe.”

Duurzaamheid

“Eerlijkheid en duurzaamheid staat hoog in het vaandel bij mij. Mijn mondkapjes bestaan bijvoorbeeld uit niet-geweven materiaal. Zo is het een heel andere methode. Het printen ervan is duurzaam en als je het mondkapje op hebt, adem je geen giftige stoffen in. Ook heb ik een goede connectie met mijn leverancier die hun productie hebben in Polen. Ik vind die korte lijnen positief. Je moet niet alles de wereld over willen sturen.

Vaak denk ik bij mezelf: ‘Het kan toch niet zijn dat ik de enige ben die zo denkt?’ Ik zie natuurlijk veel kledinglijnen die hun zakken vullen en dan vraag ik me af of ik zo achterlijk ben dat ik het op deze manier doe. Er komt namelijk veel geld kijken bij duurzaamheid.

Ik vind dat je duidelijk moet zijn naar je consument. Die vertellen het namelijk door en zo creëer je naamsbekendheid. Ik wil kunnen vertellen wat ik met mijn eigen lijn doe en daarachter staan. Een grote modeketen deed bijvoorbeeld is een keer uitspraken die echt niet klopten. Dit probeer ik te voorkomen.”

Dress it up, dress it down

“De coronacrisis raakte mij financieel hard. Los van de mondkapjes, waren de aankoopcijfers gelijk aan nul. Eerlijk gezegd merkte ik zelf ook dat ik wat makkelijker werd qua kleding, maar je moet oppassen dat je niet verslonst.

Desondanks denk ik niet dat het moeilijk wordt om dat tegen te gaan. Er zijn veel mensen die de huispakken en joggingsbroeken zat zijn. Ik denk wel dat ik kledingstukken moet aanpassen in het nieuwe jaar. Zo moeten ze rekbaarder materiaal hebben en niet te getailleerd zijn. Vóór het coronavirus liep ikzelf ook altijd leuk te doen met hakken op de zaak. Ik moet er niet meer aan denken, ondanks dat ik wel van hakken houd!

Na een tijdje willen mensen hun figuur weer laten zien. Ik denk dus dat ik een soort mix moet creëren waarmee je uit eten kan gaan, maar ook overdag binnen kan zitten. Een soort dress it up and dress it down!”

Faillissement

“Je moet altijd risico’s nemen, dat is goed zakendoen. Maar ik probeer nu niet in dezelfde valkuilen te komen als in 2013. Toen raakte mijn bedrijf in een faillissement. Het was verschrikkelijk en het maakt me nu nog emotioneel, merk ik. Ik had er ook geen zin meer in op dat moment. Ik liep arm in arm met mijn man over straat naar de supermarkt om een pizza van €1,67 te kopen. Met tranen in mijn ogen en mijn hoofd omhoog liep ik zo over straat.

Het duurde jaren om er bovenop te komen en ik heb ervan geleerd. Ik ben ook enorm dankbaar voor de mensen om me heen die mij me niet uit het veld lieten slaan. Ze zeggen niet voor niets ‘what doesn’t kill you makes you stronger’.”