”Ik hoop dat ik dit tot mijn 80ste kan doen’’

Foto: Graatje Weber, L1

Jonas Coppus is carnavalsartiest in de provincie Limburg. Samen met zijn groep Verrékkes Moj treedt hij op op alle grote podia tijdens de carnavalsperiode.

 

Wat maakt het zo leuk om carnavalsartiest te zijn?

‘’Wat dit het leukst maakt is dat ik het met vrienden kan doen. Ook vind ik het fantastisch dat er mensen zijn die interesse in ons hebben. Dat je je beseft dat er mensen zijn die je niet kent, maar dat zij dan wel je nummer kennen. Dan sta je op het podium en dan zie je een aantal mensen die je niet kent je nummer meezingen en dat is gewoon echt een super gaaf gevoel. Ik keek ook al van jongs af aan op tegen carnavalsartiesten, de manier waarop ze het publiek meenemen in één lied, de sfeer die één lied brengt aan z’n groot publiek. Dat ik hier nu zelf ook in zit vind ik echt super gaaf.’’

 

Hoe ben je caravalsartiest geworden?

‘’In 2016, het eerste jaar dat Verrékkes Moj begon, zat mijn broer in deze groep. Na één jaar beviel hem dit niet meer, mijn broer is niet echt iemand die graag in de spotlights staat. De groep wilde met vier mensen verder. Ze zijn toen gaan kijken wie de plek van mijn broer op kon vullen. Ik was in het eerste jaar al erg betrokken bij Verrékkes Moj. Ze vroegen eigenlijk direct aan mij of ik het leuk zou vinden om mee te doen. Dit word mijn derde jaar alweer. Ik ben er dus een beetje vanzelf ingerold.’’

Waar ben je het meest trots op?

‘’Ik denk dat ik het meest trots ben dat we dit doen omdat we het ook oprecht leuk vinden. Dat we dit überhaupt kunnen en mogen doen is natuurlijk ook fantastisch. Om daarnaast ook nog beloond te worden met drie prijzen is dan natuurlijk de kers op de taart. We hebben twee keer de eerste prijs op het Tiener Vastelaovends Konkoer (TVK) gewonnen en dit jaar hebben we het Liedjesfestival in Venray gewonnen.’’

Foto: Facebook Verrékkes Moj

 

Wat is het gaafste dat je hebt mogen doen?

‘’Wanneer je het TVK wint krijg je daar ook veel grote podia bij waar je dan mag optreden. Dit zijn gave podia waar je ook niet zomaar komt. Een van deze podia is onder anderen het Vrijthof in Maastricht. Vorig jaar mochten wij hier optreden. Dan sta je voor 20.000 mensen op een podium je nummer te zingen en dat was gewoon echt zo gaaf.’’

 

Hoe komt een carnavalsliedje tot stand?

‘’Dit is een heel proces. Wij schrijven onze teksten niet zelf. We kennen twee creatieve mensen, een tekstschrijver en een muzikant. Daar gaan we in de zomervakantie al mee om de tafel zitten. We gaan dan gewoon kletsen over de ‘Vastelaovend’. Er komen dan gesprekken waarvan we denken dat we daar een lied mee kunnen maken. We proberen dus met gesprekken te kijken waar onze interesse ligt en wat ons enthousiast maakt. Vervolgens gaan ze daar mee aan de slag. Wanneer de tekstschrijver en de muzikant dan een lied hebben laten ze dat aan ons horen en dan gaan we daar nog een beetje aan sleutelen. Dan komt er een tweede, derde en vierde etc. versie uit. Hierna gaan we dan de studio in en dan nemen we het nummer op.’’

 

Wat is het geheim van een goed Limburgs carnavalsliedje?

‘’Ik denk dat dit voor iedere soort artiest verschillend is. Het klinkt cliché, maar het lied moet dicht bij jezelf staan. Wat jij belangrijk vindt, wat je samen belangrijk vindt en dat is heel belangrijk want dan staat het lied dichtbij je. Wanneer een lied dichtbij jezelf staat ziet het er op het podium ook heel vertrouwd en geaard uit. Dus hoe echter, hoe dichter bij jezelf, hoe beter een nummer is.’’

 

Wat willen jullie als groep bereiken?

‘’Wij, als groep, krijgen van carnaval heel veel positieve energie. Wij voelen ons heel gelukkig dat wij in Limburg wonen en carnaval mogen vieren en dat willen we overbrengen. Als wij aan het optreden zijn willen wij anderen mensen gewoon een glimlach geven. Dat lukt vaak ook. Dit is gewoon wie wij zijn en dat willen wij ook uitstralen.’’

 

Wat denk je dat het verschil is tussen een carnavalsartiest in Limburg en in Noord-Brabant?

‘’Ik denk dat het al begint bij de traditie. In Limburg heet carnaval eigenlijk de ‘de Vastelaovend’. In Limburg gaat het ook heel erg om de muziek en de sfeer, het ‘samen zijn gevoel’. Naar mijn idee is het in Noord-Brabant een stuk commerciëler is en dat het daar meer gaat om een feest neerzetten waar iedereen kan zuipen. De muziek is daar ook een stuk oppervlakkiger, hierdoor klinkt het ook een stuk commerciëler. In Limburg gaat het dus echt om traditie, de muziek heeft ook veel meer diepgang dan in Noord-Brabant en het gaat ook echt om het ‘samen zijn gevoel’.’’