‘Kom, we gaan weer een leven redden’

Assisteren reanimatie was de oproep die we kregen we op een rustige dinsdag. Enige  context ontbrak. Een persoon moet binnen zes minuten gereanimeerd worden, maar we hadden nog elf minuten nodig om op onze bestemming te komen. Over de mobilofoon hoorden mijn collega en ik: ‘Is er al een couveuse onderweg?’. Toen viel het kwartje. We waren op weg om een leventje te redden dat nog maar nauwelijks begonnen was.” Deze gebeurtenissen horen bij het werk van ambulanceverpleegkundige Willeke van Stijn, maar wennen doet het nooit.

“Besluitvaardigheid is een onmisbare eigenschap voor een ambulanceverpleegkundige. Op het moment dat er iets gebeurd moeten wij snel bepalen: ‘Wat gaan we doen’. Van een reanimatie tot een slagaderlijke bloeding, vaak is er geen tijd om te twijfelen.” Als je werkt op de ambulance is iedere melding anders, waardoor er altijd een andere aanpak wordt gevraagd. Deze afwisseling is volgens verpleegkundige Van Stijn het meest uitdagende, meest ingewikkelde, maar ook leukste aspect van haar werk. “Je weet nooit op welke locatie je terecht gaat komen en wie je moet helpen.” Van Stijn vertelt enthousiast: “Je komt overal. Ik heb zoveel verschillende huizen, mensen en gebouwen gezien. Ik ben zelfs ooit opgeroepen voor een melding in het bos.”

“Ongelukken met kinderen grijpen mij het meeste aan.”

Van afdeling naar ambulance

Van Stijn heeft er nooit van gedroomd om bij de ambulance te werken. Ze begon in de hulpverlening als verpleegkundige en specialiseerde zich later op de Intensive Care. “Mijn collega’s vertrokken langzamerhand allemaal naar de ambulance. Ze vroegen wanneer ik ook zou komen. Mijn antwoord was standvastig: ‘Nooit!’” Tot ze een werd gevraagd een dag mee te lopen bij de ambulance. “Ik was meteen verkocht. Ik ben begonnen aan de opleiding tot ambulanceverpleegkundige en toen ik die af had mocht ik beginnen.” Van Stijn vertelt lachend: “Ik zou er nu voor geen goud meer weg willen.”

‘Thuishulp plus plus’

“Ik heb door de jaren heen veel aanrijpende dingen meegemaakt. Heftige dingen, maar ook veel mooie.” Zoals het te vroeg geboren baby’tje dat vlak na de thuisgeboorte gereanimeerd moest worden. “Zodra ik in de gaten had dat het ging om zo’n piepklein mensje voelde ik een enorme verantwoordelijkheid. Maar het liep goed af; toen we binnenliepen hoorden we babygehuil. Dat betekende dat de baby ademde.”

Van Stijn vindt het mooiste aan het vak dat ze meer is dan ‘alleen een verpleegkundige’.
“We verplegen niet alleen, maar we zorgen ook voor een veilig thuis voor de mensen die we helpen. Er komt dus ook maatschappelijk werk bij kijken. Ik zeg altijd: ‘We zijn een thuishulp plus plus’.”

Emoties uit

“Tijdens een spannende situatie moet je alle emoties uitschakelen. Er is geen tijd om daar gehoor aan te geven, achteraf dringt het pas door.” Bij sommige gebeurtenissen, zoals een kinderreanimatie, hebben de ambulancemedewerkers behoefte aan een evaluatie van de gebeurtenis. Om zo’n situatie te kunnen verwerken kunnen de hulpverleners altijd hun collega’s bellen en vice versa. Dan wordt er gevraagd hoe je je voelt bij de situatie en of je nog verdere hulp nodig hebt om het te verwerken.

“We werden opgeroepen voor een melding in het bos.”

Van levens redden naar taxiritjes

Een dagje in de ambulance levert niet alleen spannende ritjes op. “Sommige dagen zijn ook best saai,” geeft Van Stijn toe. ”Soms zijn we een soort taxi. Wanneer we bijvoorbeeld iemand af moeten zetten bij het ziekenhuis, omdat die persoon niet met regulier vervoer verplaatst kan worden.” Deze ritjes leiden volgens haar vaak wel tot de leukste gesprekken. “Met ernstig zieke mensen of slachtoffers van een ongeval maak je natuurlijk geen gezellig praatje. Dat is bij dit type patiënten heel anders. We kletsen wat onderweg en proberen te zorgen voor een ontspannen sfeer.” Zo heeft volgens Van Stijn iedere melding zijn charme.

Een EHBO-diploma loont

Van Stijn raadt iedereen aan zijn EHBO-diploma te halen. “Sowieso omdat het leerzaam en interessant is om te doen, maar vooral omdat je ons én je medemens ermee kunt helpen. Het komt regelmatig voor dat we ter plekke komen en dat blijkt dat ingrijpen van een huisarts of EHBO’er had volstaan. Het is jammer als we voor zo’n melding een andere hulpoproep langer hebben moeten laten wachten.” Desondanks benadrukt Van Stijn dat iedereen altijd 112 moet bellen als ze denken dat een ambulance nodig is. “We staan altijd klaar!”

Dankbaar werk

“Het mooiste aan mijn vak? Dat is de dankbaarheid. Ik ontvang regelmatig bedankjes via sociale media of kaartjes van mensen die ik geholpen heb.” Over het redden van levens is Van Stijn heel bescheiden. “Ik vind ons werk niet belangrijker dan het werk van andere mensen. Ik  ben ambulanceverpleegkundige omdat ik daar toevallig goed in ben en het leuk vind. Wat iemand op een kantoor doet vind ik ook heel knap, want dat zou ik niet kunnen. Zo heeft iedereen zijn eigen specialiteit.”