Solidarność was veel meer dan een vakbond

De entree van de voormalige Lenin-scheepswerf in Gdansk, waar in 1980 Solidarność het Poolse verzet deed ontkiemen. Op het entreegebouw staan replica’s bevestigd van de houten panelen waarop de legendarische 21 eisen staan die Lech Wałęsa, de iconische leider van de vakbond, datzelfde jaar bij de autoriteiten indiende. Links op de achtergrond het Europejskie Centrum Solidarności. Foto: Maarten D’Haese

 

Grzegorz Piotrowski (37) is een hoge functionaris van het Social Thought Department van het Europejskie Centrum Solidarności, een museum dat geheel geweid is aan de geschiedenis van Solidarność. Hij vertelt in soepel Engels zijn eerste persoonlijke herinnering die verbonden is aan deze vakbond. Moeiteloos vervlecht hij zijn anekdote met de grote gebeurtenissen die het Polen van vandaag vorm hebben gegeven.

Maarten D’Haese – Gdansk, 13/05/2019

 

‘Mijn vader, Piotr Piotrowski, was in 1980 in Poznan lid van Solidarność. Hij hielp bij het publiceren van het lokale, ondergrondse krantje dat in de kelder van ons huis werd afgedrukt. Mijn moeder deed logistieke taken en verborg de illegale afdrukken. Het was een opwindende tijd, maar ook een hele moeilijke. Mijn ouders waren bang voor wat er met mijn broertje en mij kon gebeuren in het geval dat ze gepakt zouden worden. Gelukkig is dat nooit gebeurd. Maar sommige vrienden van hen wel. Zij werden staande gehouden door de geheime dienst op het moment dat ze pamfletten in hun auto hadden liggen. Deze werden in beslag genomen en ze verdwenen voor twee tot twee en half jaar in de gevangenis.’

Grzegorz Piotrowski is een van de vele experts die het Europejskie Centrum Solidarności rijk is. Foto: Maarten D’Haese

Razendsnelle opmars

‘De slechte economische situatie van de late jaren ’70 en vroege jaren ’80 maakten het succes van Solidarność mede mogelijk. De winkels waren leeg, er waren voedselrantsoenen en voor elk product had je wel bonnen waarmee je moest betalen. Al die problemen waren ontstaan door het communistische systeem. En niets wees erop dat dit in de toekomst zou veranderen. Er waren zelfs leden van de partij die zich bij de vakbond voegden. Voordien was het onmogelijk om binnen een institutioneel kader in opstand te komen tegen het regime. En plotseling kregen de burgers de mogelijkheid om hun ontevredenheid te tonen. Eigenlijk is het niet gek dat Solidarność in korte tijd tien miljoen leden kreeg. Het was simpelweg een uiting van protest.’

 

‘Maar Solidarność kreeg ook veel steun uit het buitenland. Zo ondersteunde de CIA de vakbond met geld en levensmiddelen. Ik kan me nog voor de geest halen dat mijn moeder op een dag thuiskwam met een groot pak Amerikaanse kaas, iets wat in die tijd natuurlijk niet te verkrijgen was in een Poolse winkel. De CIA hielp Solidarność ook bij het printen van hun verzetskranten, door bijvoorbeeld te voorzien in verf voor drukpersen. En iets als een via briefcorrespondentie opgezet interview met Amerika’s voormalig president Johnson kon alleen tot stand komen dankzij de CIA.’

Een informatiebulletin over een staking in Gdansk. Foto (met permissie van Europejskie Centrum Solidarności): Maarten D’Haese

‘In 1981 werd de situatie in Polen erg penibel. De Russen stonden op het punt om Polen binnen te vallen, alhoewel dat onder historici en politici nog steeds een controversieel onderwerp is. Hoe het ook zij: in dat jaar werd de staat van beleg afgekondigd. Eigenlijk mag je stellen dat dat de redding van Polen is geweest. Want ondanks die maatregel werden de leiders van Solidarność niet in de gevangenis gezet, maar geïnterneerd. Ze werden afgevoerd naar vakantieresorts van het Ministerie van Defensie of van Binnenlandse Zaken, of ze werden geplaatst in militaire scholen. Die plekken kenden niet de striktheid zoals gevangenissen die hebben. Tot op zekere hoogte genoten zij daar enige vrijheid. En ze konden er dus nog steeds stakingen coördineren. Maar belangrijker: in die interneringskampen konden ze hun netwerk uitbreiden. Ze begonnen door te krijgen welke mensen in die kampen betrouwbaar waren zodat er, in welke regio dan ook, toch stakingen konden georganiseerd worden.’

 

Zbigniew Bujak

Zbigniew Bujak, een van de leiders van Solidarność, heeft een eigen ingericht gedeelte in het ECS. Op deze muur staat hij afgebeeld met een valse baard, waarmee hij zich in de jaren ’80 vermomde om uit de handen van de Geheime Dienst te blijven. Foto (met permissie van Europejskie Centrum Solidarności): Maarten D’Haese

‘Wat ook goed is om te weten, is dat de Poolse Geheime Dienst niet bepaald de meest effectieve organisatie is. Ze kregen simpelweg niet iedereen te pakken. Illustratief was de situatie rondom Zbigniew Bujak (een van de leiders van Solidarność die na de val van het communisme een sociaaldemocratische partij oprichtte, red.), die bibliothecaris was. Telkens wanneer hij door vrienden getipt werd dat de Geheime Dienst achter hem aan zat, gebruikte hij een speciale lift in de bibliotheek waarmee boeken naar de opslagruimte werden gebracht. Door die lift te gebruiken kon hij van 1981 tot 1985 uit handen van de autoriteiten blijven.’

 

‘Met of zonder Solidarność: het zou een kwestie van tijd zijn geweest vooraleer een ineffectief systeem als het communisme zou omvallen. Interne problemen in de Sovjet-Unie, zoals de desastreuze oorlog in Afghanistan, waren hier absoluut debet aan. Die oorlog heeft veel gekost en niet alleen vanwege de vele gesneuvelden. Ook in economisch opzicht was dat conflict een fiasco. En dan had je ook nog de ramp in Tsjernobyl waardoor veel geld verdampte, zelfs zoveel dat de Sovjets andere communistische landen niet meer kon subsidiëren. Maar het grootste probleem was nog wel dat er geen enkele verandering plaatsvond in de leiding van de partij. Decennialang was dezelfde groep mensen aan de macht. Interne enquêtes in de late jaren ’80 wezen uit dat veel partijleden eigenlijk totaal niet in het communisme geloofden, wat uiteraard geheim werd gehouden. Jongeren voegden zich alleen nog maar bij de partij vanwege dat zij daar betere kansen op een carrière hadden en omdat ze makkelijker aan zaken zoals een huis of een auto konden komen. Dat is een totaal andere mindset in vergelijking met de mensen die in de jaren ’50 actief het communisme steunden.’

 

Gebroeders Kacynski

‘Solidarność was een zeer brede beweging. Er zaten, zelfs naar de standaarden van vandaag, echte hardcore “lefties” in en aan de andere kant had je rechtse nationalisten. Toch bleef iedereen bij elkaar vanwege die ene gemeenschappelijke vijand: het communistische regime. Maar van zodra die vijand van het toneel was verdwenen, gingen al die groeperingen hun eigen weg. En niet alleen verschilden hun politieke opvattingen van elkaar, ook hielden ze er andere interpretaties op na als het ging om de geschiedenis.’

 

‘De huidige regeringspartij, PiS, heeft bijvoorbeeld een andere kijk op wie er binnen Solidarność een sleutelrol had. Zij vindt dat de gebroeders Kacynski een centrale positie binnen de vakbond innamen. En niet Lech Wałęsa (de Kacynski’s, beiden PiS-prominenten, stonden in de jaren ‘80 ook zij aan zij met Wałęsa: Jaroslaw Kacynski was de Poolse premier van juli 2006 tot november 2007; Lech Kacynski was de Poolse president van 2005 tot 2010, red.). Tegenwoordig wordt Wałęsa er zelfs van beschuldigd dat hij in de vroege jaren ’70 documenten van de Geheime Dienst heeft ondertekend, iets wat suggereert dat hij een informant was. Naar alle waarschijnlijkheid heeft hij dat ook wel gedaan, maar hij was toen nog erg jong. Maar dat soort dingen worden nu gebruikt door de huidige politieke elite om hem in een kwaad daglicht te stellen.’