Joan Melgers over de levensstijl zero waste: ‘Iedereen kan het, maar voor sommigen kost het gewoon te veel tijd’

Volgens Joan Melgers kunnen wij als mensen veel doen om het milieu te verbeteren. Een van die dingen die we kunnen doen is minder afval afstoten. Bij Joan Melgers begint dit proces bij het scheiden van afval. Joan leeft, samen met haar familie, ‘zero waste’. Ze produceert, volgens haar eigen onderzoek, met haar familie gemiddeld bijna 75% afval minder dan een gemiddelde familie van vijf in Nederland.

De familie van Joan produceert zo weinig afval omdat ze alles hergebruiken. Rest en gft-afval gaan de tuin in of wordt opgegeten door de kippen. Daarnaast koopt ze ook zo min mogelijk plastic verpakkingsmateriaal. ‘Als je het niet koopt, heb je ook geen afval. Dat is natuurlijk heel duidelijk maar Nederland is een consumptiemaatschappij. Veel Nederlanders kopen dingen die ze niet nodig hebben. Waar ik me dus aan stoor is het gemak van de mens’, zegt Joan.

‘Als je iets nodig hebt, moet je je bedenken: kan ik hier een duurzame variant van kopen?, bijvoorbeeld in de kringloopwinkel, deze producten zijn er al en is dus al gemaakt’. Volgens Joan is verpakkingsmateriaal de grootste boosdoener. Ook vindt ze dat er voor elk product wel een zero waste oplossing is.

Volgens Joan Melgers moet iedereen, die aan zero waste wil doen, het gewoon kunnen. ‘Het kost gewoon heel veel tijd maar als je er echt genoeg moeite en tijd in steekt, lukt het iedereen’, zegt Joan. Ook haar 19-jarige zoon houdt zich druk bezig met zero waste en dit blijkt ook uit zijn opleiding mobiliteit. Hij houdt zich namelijk vooral bezig met het openbaar vervoer en hoe het beste milieubewust geregeld kan worden. ‘Al vanaf zijn geboorte zijn we samen bezig met zero waste, eigenlijk heeft hij dus niet echt een keuze gehad’. Ook heeft hij bewust geen rijbewijs, dat wil hij niet want hij vindt het niet nodig. “Ik ga wel met het openbaar vervoer”, zegt hij dan heel stellig. ‘Hij is niks anders gewend en hij vindt het ook leuk om samen met mij te doen.’

In de supermarkt merkt Joan dat de meningen over zero waste verschillen. De ene kijkt er nogal raar van op en de ander vindt het interessant. ‘Als ik in de supermarkt aankom met mijn herbruikbare zakjes en ik stop daar mijn appels en mijn peren in, dan komt hier soms wel eens een gesprek uit voort. Soms hoor ik wel eens: “dit wil ik ook, dit ga ik ook doen.’ Ook ziet de caissière natuurlijk mijn zakjes en die keek me op het begin nog raar aan. Nu zijn de meeste het in mijn dorp wel gewend, bijvoorbeeld de kaasboer weet precies wat ik wil en weet dus ook dat hij mij geen plastic zakje hoeft te geven. Gelukkig zie ik nou ook dat je in de meeste winkels al herbruikbare zakjes kan kopen.’

 

Dit zijn de 5R’s. Dit hangt in Joan haar huis en is een echte inspiratie voor haar.

 

‘Je moet doelen stellen voor jezelf. Probeer in plaats van elke week een container aan de straat te zetten, naar maar om de week een container aan de straat te zetten. Toen wij begonnen met zero waste hadden wel elk jaar acht containers aan de straat gezet, nu in 2021 nog meer zes. Het is dan handig om aan het eind van het jaar te kijken of je deze doelen hebt gehaald.’

‘Uiteindelijk wordt het een soort van sport om te kijken hoe het het duurzaamst kan. Het is niet de hele tijd alleen maar nadenken over wat wel of niet zero waste is, het kan echt leuk worden. Als je dan iets super leuks heb gevonden wat helemaal duurzaam is, kan je weer helemaal trots zijn op jezelf en zoals ik al zei; neem gewoon een kijkje in de kringloopwinkel. Daar vind je vaak de leukste en duurzaamste oplossing voor een lage prijs.’

Joan is ook nog de beheerder van een Facebook groep met 14000 leden. Ze probeert daar mensen in mee te halen en tips te geven in zero waste. Ze post in deze groep ook allerlei programma’s als: Een jaar lang geen huishoudelijke artikelen kopen. ‘Mensen geven vaak wel complimenten, maar ik moet vaak maar zien hoe mensen hier in mee gaan. Uiteindelijk kan ik alleen maar een voorbeeld geven en laten zien hoe je het doet. Vaak probeer ik gewoon een alternatief te bieden.’ Joan gebruikt het metafoor: ‘Hoe haal je een vleeseter over om vegetarisch te worden? Dat is niet door er uren over te praten maar gewoon een heerlijke vegetarische maaltijd voor te schotelen.’

Joan vindt dat er nog wel niveaus zitten aan zero waste en dat je ergens ook wel een bepaalde grens mag trekken. ‘Sommigen mensen hebben aan het eind van het jaar helemaal geen afval. Dit komt omdat ze dan alles zelf maken maar dit ga ik niet doen, daar heb ik de tijd niet voor.’