Genderneutraal opvoeden: geen dochters maar kinderen

Jip Schrijvers – 9 december 2020

Genderneutraal opvoeden is het onderscheid tussen jongens en meisjes weglaten. De vrijheid van een kind voorop stellen is het belangrijkste van deze manier van opvoeden. Maar hoe werkt dit nou in de praktijk? Rutger van Ree vertelt over zijn ervaringen met het opvoeden zonder de gendernormen.

Interview – Rutger van Ree

Foto: Dana (links) en Farah (rechts)

In een nieuwbouwwijk in Amsterdam-Oost woont ouder Rutger (43) samen met zijn partner Roos (40) in een knus appartementje. Er hangt een LGBTQ-vlag in de kamer van hun oudste kind Farah (6). Samen met de vierjarige Dana wordt zij genderneutraal opgevoed. Dat houdt in dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen jongens en meisjes in de opvoeding. Beide kinderen zijn als meisje geboren maar gaan nu genderneutraal door het leven. De keuze voor welke kleding ze aantrekken of met welk speelgoed ze spelen ligt helemaal bij de kinderen, om ze zo de meeste vrijheid te geven.

Sturing in de opvoeding 

De kinderen maken volgens Rutger zeker gebruik van die vrijheid die ze krijgen. Omdat in de omgeving veel jongens wonen, gaan beide kinderen ook meer met jongens om. Vaak zijn die een paar jaar ouder en daar kijken de kinderen tegenop. Dit is ook de voornaamste reden dat ze vooral jongenskleren dragen, vertelt Rutger.

Af en toe probeert hij nog wel iets anders voor te stellen. “Ik zeg weleens: trek deze leuke roze trui nog eens aan. Zo probeer ik vanuit beide kanten wat aan te bieden, zodat ze weten waar ze uit kunnen kiezen.” Volgens Rutger komt er bij opvoeding altijd indoctrinatie kijken, de kunst is echter om de kinderen genoeg vrijheid te geven zodat ze hun eigen keuzes kunnen maken.

Gendernormalisatie is in Nederland nog niet zo ver ontwikkeld als in Zweden en sommige delen in Amerika. Waar het in die delen al normaal is om de pronouns ‘they/them’ en in Zweden ‘hen’ te gebruiken, hebben wij in Nederland nog geen persoonlijk voornaamwoord voor een genderneutraal persoon genormaliseerd. “Ik probeer de termen jongetje en meisje te vermijden, maar ik verwijs naar ze met haar/zij. Wanneer ik Engels praat merk ik dat het veel gemakkelijker gaat.”

“Ik zit altijd te wachten op de volgende feministische golf”

Ideologie

Het motief voor deze manier van opvoeden komt vanuit een feministische en antiautoritaire gedachte: “Ik vind dat je mensen moet behandelen als mensen en niet als man of vrouw.” Jarenlang leefde Rutger in kraakpanden en dat sloot aan bij zijn ideeën over de ideale manier van samenleven. De leefstijl was daar veel gericht op antiracisme, feminisme en veganisme. “Ik zit altijd te wachten op de volgende feministische golf, als zoiets gebeurt draag ik daar graag iets aan bij.” Deze leefstijl probeert hij mee te nemen in het opvoeden van zijn kinderen. Zo is iedereen in huis vegetariër en ook wordt er dus geen onderscheid gemaakt tussen geslacht.

Taboe

Het informeren van de kinderen is erg belangrijk in deze manier van opvoeden volgens Rutger. “Farah ging een keer met een roze trui aan naar school en kreeg vervolgens opmerkingen omdat ze normaal gesproken vaak jongenskleding draagt. Ze reageerde met: ‘Iedereen mag gewoon dragen wat ze zelf willen’.” Thuis is de genderneutrale opvoeding regelmatig een onderwerp, bijvoorbeeld wanneer er een film wordt gekeken. “Als er in een film twee mannelijke personages een relatie hebben dan is dat gelijk het onderwerp van de film, dat zie ik graag veranderen. Het is onvermijdelijk om over dit onderwerp over te praten, maar we hebben het gelukkig niet alleen maar over gender, dat zou ook ongemakkelijk worden.”

Toekomstbeeld

Een jeugd met hindernissen zal voor Rutger geen verassing zijn: “Wanneer je iemand opvoedt met een afwijkend idee van de norm is het realistisch om te verwachten dat dat een barrière gaat vormen.” Op dit moment ervaart Rutger nog geen narigheden, volgens hem houdt het nu vooral in dat ze een rokje of een legerbroek aan mogen doen en nagels mogen lakken of voetballen.

Nu zorgt het nog nauwelijks voor tegenslag, maar Rutger kijkt ook al naar de toekomst: “Als een van de kinderen later radicaal rechts en tegen immigranten wordt dan zou ik dat heel moeilijk vinden. Dat zou echt een conflict vormen met mijn denkwijze over hoe we met mensen om moeten gaan.” Volgens Rutger zou dat in de toekomst voor rare situaties kunnen zorgen. Maar voorlopig is het enige waar de kinderen zich druk om maken het bouwen van een stevige regenboogtoren.