‘Het zijn voornamelijk individuen’

Europees Keramiek Werkcentrum(EKWC) bestaat op 7 december 2019 50 jaar en daarmee ook het artist-in-residence programma. Tijd voor een feestje zou je denken. Het EKWC wilde voor dit jubileum een tentoonstelling opzetten. Ze benaderde hiervoor Tilburgs museum De Pont. Het EKWC is dus al een halve eeuw bezig. Maar hoe gaat het er nu precies aan toe in Oisterwijk?

De kantine was de plek die de directeur had uitgekozen om het gesprek te houden. De plek waar alle kunstenaars voortdurend in en uit lopen en ook de plek waar ze in de avond allemaal samenkomen om te eten. Maar veel contact is er naast dit etentje niet tussen de kunstenaren. “Het zijn voornamelijk individuen die weinig sociaal contact met elkaar maken. Dit contact wordt wel meer naarmate ze er langer zijn, maar het blijft aan de lage kant,” zegt de directeur in zijn nette pak.

Het EKWC

Het EKWC bestaat al 50 jaar, maar wat is het centrum eigenlijk? In het werkcentrum werken ze met keramiek, met klei. Het artist-in-residence programma is het pareltje van dit centrum. Zestien kunstenaars die nog geen ervaring hebben met keramiek, zij gaan drie maanden lang aan de slag om bekend te worden met deze kunstvorm. “Een of twee deelnemers hebben meestal al wel enige ervaring met keramiek. Deze mensen zijn er ook wel om de andere te helpen.” Het doel van het EKWC is dat de kunstenaars na hun drie maanden door willen gaan met keramiek. “We willen natuurlijk dat steeds meer kunstenaars bekend gaan zijn met keramiek.”

“De materialen en de benodigde machines hebben wij. De kunstenaars kunnen van al deze dingen gebruik maken binnen deze drie maanden.” Na drie maanden zit het erop voor de des betreffende kunstenaar. Hij of zij wordt afgelost door een ander. Elke week vertrekken er wel mensen. Hierdoor komen er steeds nieuwe mensen in de groep. De kunstenaars in het programma kunnen 24 uur per dag aan het werk: “Iedereen heeft zijn eigen studio en kan op elk moment van de dag bezig zijn. Dit is nodig omdat we deelnemers uit alle hoeken van de wereld komen. Dit kan betekenen dat mensen een ander slaapritme hebben en dus vooral in het begin van het programma op wat andere tijden werken.”

“De voertaal in het gebouw is Engels. Elke deelnemer hier spreekt deze taal wel.” Verschillende nationaliteiten brengt ook diversiteit binnen het werkcentrum: “In Japan kijken mensen anders aan tegen keramiek dan in Westerse landen. In Japan wordt keramiek servies niet als kunst gezien, terwijl dit in Westerse landen wel kunst is.” Dit verschil is binnen het EKWC ook te zien. Ook hier zitten mensen uit zowel Azië als bijvoorbeeld Afrika en Europa.

 

De tentoonstelling

Voor het jubileum benaderde het werkcentrum het museum De Pont in Tilburg. “50 jaar is een jubileumjaar. Wij vonden dat we dit moesten vieren. Een tentoonstelling leek ons erg geschikt.” Dit voorstel legde het werkcentrum dus voor bij het museum: “Het museum vond het idee van een tentoonstelling ook erg leuk. Wel vonden zij het belangrijk dat de tentoonstelling aansloot bij de stijl van het museum. Samen kozen we voor Prangenberg, Kartstieβ en Brehm.”

De reden van deze keuze. “Alle drie zijn het bekende namen binnen de keramieken cultuur, maar ook bekende namen van elkaar. Norbert Prangenberg is inmiddels overleden, maar zowel Markus Kartstieβ als Stefanie Brehm konden nog een hoop kwijt aan het EKWC. De beelden uit de tentoonstelling zijn ook niet eigendom van het EKWC. Wij verzorgen enkel de materialen en de bouwplek, maar de kunstwerken zijn van de kunstenaren zelf. In het geval van de werken van Prangenberg, die worden geleend van de Prangenberg zijn familie. De werken van de andere twee komen direct van de kunstenaren af. Doordat het 3 generaties keramiek zijn maakt het een heel interessante combinatie kunstwerken. Deze generatie zijn ook nog geregeld met elkaar in aanraking gekomen, waardoor de stijlen ook goed bij elkaar passen. Deze stijlen zijn namelijk nagenoeg hetzelfde.”

Het artist-in-residence programma blijft lopen en er blijven steeds nieuwe aanmeldingen komen. Nu het werkcentrum sinds 2015 in een groter gebouw zit kunnen ze ook meer deelnemers en meer kunstwerken kwijt. Hoelang ze nog doorgaan is niet duidelijk: “Tot nu toe hebben we het 50 jaar volgehouden, dan kunnen we dus nog wel even door,” zegt Tjan lachend. Het artist-in-residence programma draait in ieder geval nog steeds op volle toeren.