Leef alsof je dood bent om online onvindbaar te blijven

Tegenwoordig is een groot deel van ons leven terug te vinden via het internet. Dit zorgt dat het voor criminelen steeds lastiger wordt om online onvindbaar te blijven. Hier maakt de politie steeds meer gebruik van. Eduard Hoekx, hoofd van KPN security labs, vertelt over de nieuwe manier van opsporen en over de sporen die je online kan vinden.

In zogeheten hackathons gaat de politie, in samenwerking met bedrijven zoals KPN die een maatschappelijk belang hebben, een dag lang op zoek naar online sporen van criminelen. Tijdens deze speurtochten maken de online opsporingsteams gebruik van Open source intelligence (OSINT). Dit is zoeken via openbare bronnen zoals Facebook en LinkedIn.

Waarom is de politie gestart met deze hackathons?

“De middelen die de politie normaal heeft voor opsporing zijn uitgeput. Daarom wilden we kijken of we met andere middelen toch nog een stap verder konden zetten.”

Wat voor soort zaken zijn onderzocht bij de hackathons?

“Iedere hackathon heeft een ander thema, de eerste ging over coldcases. Het tweede thema was FASTNL en hierbij hielpen we het FAST team van de politie. Dat team is op zoek naar gevluchte criminelen die veroordeeld zijn tot minimaal driehonderd dagen gevangenisstraf. De laatste hackathon ging over vuurwerk en hierbij waren we vooral bezig met de handel en minder met personen. Dat onderzoek heeft er voor gezorgd dat de politie een enorme bak aan gegevens heeft, waardoor ze hun recherchewerk nog veel beter kunnen doen.”

Als je begint met zoeken waar wordt dan eerst naar gekeken?

“Wat goed werkt is heel simpel zoeken in Google, dan zie je bijvoorbeeld dat er veel resultaten komen over een bepaalde regio of over een bepaald persoon. Vanuit daar kan je dan weer verder zoeken. Daarnaast is social media een hele belangrijke bron. Ook wordt er met Maltego gewerkt, dat is een tool waarbij je een naam invult en op basis daarvan gaat die tool allerlei kruisverbanden zoeken. Visueel krijg je dan te zien waar diegene zich bevindt, met wie hij communiceert of wat zijn interesses zijn. Door dat soort bronnen kom je steeds meer over iemand te weten. Zo kwamen we er bijvoorbeeld achter dat een voortvluchtige crimineel uit Nederland wel vrolijk meedeed met de Turkse variant van weekend miljonairs. Daardoor is die man uiteindelijk gepakt.”

Kunnen criminelen door dit soort online zoekacties nog wel op het internet zitten?

“Het is mogelijk maar dan moet je echt gespecialiseerd zijn. Je kan dan niet veel verder gaan dan een los mobieltje voor bellen en een andere toestel om te Googelen. Wat je zeker niet kan doen is social media.”

Wat voor sporen laten criminelen onbewust achter?

“Als individu heb je vaak niet door wat voor kruisverbanden er over jou gelegd worden. Door zelfs alleen de kleinste sporen, zoals een like of zoektermen, samen te voegen kan je iemand snel profileren. Als je eenmaal weet wat voor persoon iemand is kan je diegene ook snel opsporen. Dat is iets wat criminelen vaak niet beseffen, ze zijn net zoals de meeste erg voorspelbaar.”

Is er wel eens een zaak voorbij gekomen met iemand die zo professioneel te werk ging dat diegene niet gevonden kon worden?

“Ja, zo een zijn we tegen gekomen en dat is echt bloedirritant. Dat ging over een Tilburger die een antiekhandel had met zijn ouders maar de politie kwam erachter dat vanuit dat bedrijf hele andere dingen gebeurden. De politie is achter die jongen aan gegaan maar ze hebben hem niet kunnen vinden, hij was verdwenen. Die verdachte had een zoontje met zijn ex vrouw dus zijn ze die gaan volgen. Toen kwamen ze erachter dat die ex samen met dat zoontje vaak naar Spanje ging. Ook die ouders van die verdachten gingen vaak naar Spanje en allemaal steeds naar het zelfde vliegveld. Dus die gevluchte jongen houdt gewoon van zijn familie en hij zit daar ergens. Maar tot de dag van vandaag is de politie er niet achter waar die jongen nou zit.”

Hoe lukt het die verdachten dan om toch onder de radar te blijven?

Hij is gewoon helemaal onder water. Ze hebben waarschijnlijk met elkaar afgesproken: ‘vanaf nu doen jullie of ik overleden ben’. Ze communiceren niet meer online, behalve met een mobieltje via een encrypted verbinding met codewoorden. Ook passen ze het patroon na bijvoorbeeld een half jaar weer aan. Want patronen herkennen is ook dichter bij je doel komen. Dus deze jongen is gewoon erg goed. Maar ik denk dat zijn leven hierdoor enorm beperkt is.”