De macht van Orbán op de pers

Door: Stella van der Burg

In 2011 heeft het Hongaarse parlement een mediawet goedgekeurd van de regering. Een media-autoriteit gaat in de gaten houden of journalisten ‘moreel’, ‘objectief’ en ‘evenwichtig’ handelen. Als dit niet het geval is, kunnen hoge boetes volgen. Dit is het begin van een reeks aan machtsgrepen die Orbán uitvoert op de media.

Victor Orbán (55) is sinds 2010 premier van Hongarije. Hij is de oprichter van de voormalige liberale jongerenbeweging Fidesz, in 1990 werd Orbán lid van het parlement. Van 1998 tot 2002 werd hij de Hongaarse premier als leider van Fidesz-Hongaarse volkspartij. In 2010 was Orbáns partij de grootste en zo werd hij opnieuw premier. Bij de verkiezingen in 2014 en 2018 was zijn partij wederom de grootste. Fidesz vormt samen met de christendemocratische KDNP de regering. Fidesz vormt een tweederde meerderheid in het parlement.

Het idee van de mediawet komt van Fidesz, door de meerderheid in het parlement werd hij makkelijk doorgevoerd. In de wet zijn geen duidelijke criteria opgenomen. Want wanneer is iets immoreel of onevenwichtig? Dit gaat een door de regering benoemde media-autoriteit controleren. Media-bedrijven moeten zich allemaal bij deze autoriteit aansluiten. De autoriteit kan de registratie van mediabedrijven ook intrekken. Daarnaast zijn er zeer hoge boetes die de regering kan opleggen, van 90.000 euro voor dagbladen van 700.000 euro voor commerciële tv-stations. Deze boetes zorgen ervoor dat veel media zelfcensuur gaan plegen. De macht van Orbán op de persvrijheid is zeer groot. Tegenwoordig nemen meer dan 500 nieuwssites een pro-fidesz standpunt in, vergeleken met 31 in 2015 volgens een onderzoek van Atlatszo, een non-profit online onderzoeksjournalistiek platform.

Orgio

Een goed voorbeeld van hoe Orbán de vrije pers controleert is de nieuwssite Origo, de grootste nieuwswebsite in Hongarije. In 2014 publiceerde zij nog een opmerkelijk bericht over Orbán. Hij zou staatsgeld gebruikt hebben voor grote onverklaarbare uitgaven tijdens geheime reisjes. Maar tegenwoordig is Origo een extreemrechts medium en een van de premiers meest plichtsgetrouwe website. De krant bericht over de migrantenstroom en de negatieve effecten voor Hongarije. Een ander bericht gaat over de enige Hongaarse burgemeester die het niets eens is met Orbáns partij: ‘’Ernstige schandalen en mysteries omringen de socialistische burgemeester of Szeged.’’

Hoe de verandering bij Origo tot stand is gekomen, is door de geleidelijke inmenging van Orbán. De journalisten voor dit medium werden nooit gevangengezet en ze moesten nooit een boete betalen. Maar in geheime vergaderingen gaf de eigenaar van de website zich over. Het bedrijf probeerde eerste zelfcensuur en zocht vervolgens een niet-partijdige koper. Uiteindelijk ging Origo naar de familie van de voormalige minister van Financiën van Orbán.

Volgens Attila Mong, een voormalig radio-dj en criticus van Orbán, was Orbáns doel in 2010 toen hij aan de macht kwam om de rol van de media als controle op de overheid weg te nemen. ‘’Orbán wilde een regime introduceren dat de schijn van een democratie behoudt, maar niet op een democratische manier wordt bestuurd, een vrije pers past daar niet in.’’

Népszabadság

De grootste oppositiekrant van Hongarije is in 2016 onverwacht gesloten. In een persverklaring wordt uitgelegd dat de sluiting het gevolg is van tegenvallende verkoopcijfers. De krant was tot 1989 in handen van de communistische partij en is daarna een tijd lang het orgaan geweest van de socialistische partij MSZP. Over de sluiting van de krant bestaan wel twijfels, de sluiting volgt namelijk na een reeks van onthullingen over corruptie binnen de Fidesz-partij van Orbán.

Mensenrechtenorganisaties en europarlementariërs maken zich zorgen over de situatie van de persvrijheid in Hongarije. Balázs Tóth, van de nongouvernementele mensenrechtenorganisatie Helsinki Committee zegt: ‘’Fidesz zit achter de sluiting. Daarover bestaat geen twijfel. Het is algemeen bekend dat regeringskritische media in Hongarije vroeg of laat te maken krijgen met aanvallen. Bovendien: is het zo dat politiek georiënteerde kranten in Hongarije verliesgevend zijn. Dat is niets nieuws.’’

Hír TV

In 2018 is de goed bekeken tv zender, Hír TV in Hongarije in handen gevallen van Orbán. Hír TV hoort bij het bedrijf van de Hongaarse zakenman Simicska. De twee, Orbán en Simicska, zijn oude studiegenoten. Na een opstootje in 2015 tussen Orbán en  het media bedrijf van Simicska, koos Simicska voor de oppositiepartij Jobbik. Hír TV begon zeer kritisch te berichten. Het gevolg was dat Orbáns partij Fidesz weigerde om de zender te woord te staan. De advertentie-inkomsten daalden omdat staatsbedrijven niet langer investeerden in Simicska. De omzet van Simicska daalde in vier jaar tijd van 60 naar 23 miljoen euro. Het bedrijf kon niet anders dan het dagblad Magyar Nemzet, radiostation Lánchid en weekblad Heti Válasz te sluiten. Hír TV is verkocht aan zakenman Zsolte Nyerges, die de politieke koers van Orbán volgt. Nadat de zender in handen kwam van Zsolte Nyerges, werden er gelijk twee talkshows van de tv gehaald en in plaats daarvan schakelde de zender over naar een speechende Victor Orbán.

Hongaarse privémedia

In 2018 zijn honderden privé-Hongaarse nieuwsmedia door hun eigenaars geschonken aan een centrale maatschappij: de Central European Press and Media Foundation. Deze maatschappij wordt gerund door mensen dichtbij de premier Orbán. De voorzitter is een voormalige wetgever van Fidesz. De twee andere bestuursleden zijn de persoonlijke advocaat van Orbán en het hoofd van een onderzoeksgroep die Orbán steunt. De greep van Orbán op de media wordt hierdoor versterkt. Volgens Freedom House, een rechtenwaakhond van de Europese Unie die de persvrijheid analyseert, is deze deal ongehoord.

De deal is grotendeels symbolisch omdat de overgedragen nieuwssites al zeer positief staan tegenover Orbán. Zijn regering heeft systematisch onafhankelijke inkomsten van media weggevaagd en heeft andere zakelijke belangen aangeboden – Het bedrijf laten runnen door particuliere mediabedrijven die Orbán steunen, of door de bedrijven te verkopen aan Orbán-bondgenoten.

Orbáns reactie naar de Europese Unie

Orbán zelf ziet zijn land als een voorbeeldige democratie. Tijdens zijn jaarlijkse speech deelde hij in augustus 2018 flink uit. Juist West-Europa zou zich schuldig maken aan het nemen van maatregelen ter beperking van de persvrijheid. ‘’De situatie in het westen is dat er wel liberalisme is, maar geen democratie.’’ Volgens Orbán spannen politieke leiders samen met technologiegiganten om nieuwsberichten uit de media te filteren die ‘oncomfortabel zijn voor de liberale elite.’ Het resultaat hiervan is censuur en politieke correctheid.